Terug naar hoofdinhoud

CAO Drogisterijbranche / zelfstandige drogisterijen (KNDB)

Onderstaand vindt u alle informatie over de CAO voor drogisterijen, bijvoorbeeld de volledige tekst van de CAO, actuele berichten, salarisverhogingen tijdens de looptijd van de CAO, premie-overzichten en links naar relevante websites. 

Volledige naam sector / CAO

CAO drogisterijbranche / CAO zelfstandige drogisterijen (KNDB)

 

Looptijd CAO

1 juli 2026 t/m 31 december 2027

 

Actualiteiten

 

Loonsverhogingen / eenmalige uitkeringen

01-07-2026: 2 procent salarisverhoging
01-01-2027: 1,5 procent salarisverhoging
01-07-2027: 1,25 procent salarisverhoging
Klik hier voor een overzicht van eerdere salarisverhogingen in de CAO drogisterijbranche

 

Documenten: CAO-tekst / CAO-boekje / principe akkoorden / loonschalen

 

Premies

 

Links

 

Archief

Nieuwsberichten

 

Wilt u op de hoogte gehouden worden van wijzigingen in deze sector? Door op onderstaande button te klikken, kunt u zich aanmelden voor de nieuwsbrieven van www.salaris-informatie.nl

button_aanmelden 

 

  • Laatste update op .

Overzicht salarisverhogingen CAO drogisterijbranche

Hieronder treft u een overzicht aan van de loonsverhogingen in de CAO voor de drogisterijbranche (zelfstandige drogisterijen)

 

 

01-08-2008: 3,25 procent salarisverhoging

01-10-2009: 1 procent salarisverhoging

01-07-2010: 0,5 procent salarisverhoging

01-04-2011: 1,25 procent salarisverhoging

01-04-2011: 2 procent salarisverhoging voor 19-22 jarigen

01-10-2011: 1 procent salarsiverhoging

01-10-2011: 1,5 procent salarisverhoging voor 19-22 jarigen

01-04-2015: 1,25 procent salarisverhoging
01-01-2016: 0,75 procent salarisverhoging
01-07-2017: 1,25 procent salarisverhoging

 

01-02-2022: 2,5 procent salarisverhoging
01-10-2022: 2,5 procent salarisverhoging
01-04-2023: 2 procent salarisverhoging
01-07-2023: aanpassing loontabellen
01-07-2023: bruto € 0,40 per uur salarisverhoging
01-01-2024: bruto € 0,35 per uur salarisverhoging
01-07-2024: bruto € 0,35 salarisverhoging per uur
01-01-2025: bruto € 0,30 salarisverhoging per uur
01-07-2025: 2 procent salarisverhoging
01-01-2026: 2 procent salarisverhoging 
01-07-2026: 2 procent salarisverhoging
01-01-2027: 1,5 procent salarisverhoging
01-07-2027: 1,25 procent salarisverhoging

 

 

 

 



naar de pagina van de CAO voor de drogisterijbranche

  • Laatste update op .

CAO drogisterij - feestdagen

In de CAO voor de drogisterijbranche (artikel 6.1.2) is het onderstaande afgesproken over feestdagen:

 

  1. Op zondagen en algemeen erkende feestdagen wordt niet gewerkt. De algemeen erkende feestdagen zijn: Nieuwjaarsdag, Tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, Tweede Pinksterdag en de beide Kerstdagen, de dag waarop de verjaardag van Z.M. de Koning wordt gevierd, alsmede 5 mei in de lustrumjaren (elke vijf jaar).
  2. Er kan op deze dagen wel gewerkt worden als bijzondere omstandigheden dat noodzakelijk maken en als de betreffende wettelijke bepalingen zich daartegen niet verzetten. Als vergoeding voor de op deze dagen verrichte arbeid wordt voor ieder gewerkt uur het uurloon betaald, vermeerderd met een toeslag van 100%.
  3. In de week waarin één van de hierboven omschreven feestdagen valt krijgt de fulltime werknemer 7,4 doorbetaalde vrije uren. Voor de overige werknemers geldt het aantal doorbetaalde vrije uren naar evenredigheid (contracturen / 37 x 7,4 uur), los van het feit of de medewerker wel of niet zou hebben gewerkt als het geen feestdag betrof.
  4. De werkgever kan hiervan afwijken na overleg met de ondernemingsraad, de personeelsvertegenwoordiging, of als die er niet zijn, met de gezamenlijke werknemers. In dat geval geldt de volgende regeling: “Een werknemer, die gedurende het hele vakantiejaar wekelijks een vaste vrije dag heeft, wordt geacht haar vrije dag genoten te hebben, als deze dag samenvalt met een feestdag als bedoeld onder 1, maar zij krijgt de derde en iedere volgende feestdag die in één kalenderjaar samenvalt met die vaste vrije dag, gecompenseerd in de vorm van een vervangende vrije dag.” Dit besluit moet schriftelijk vastgelegd worden.
  5. Een werknemer kan niet verplicht worden tot het werken op zondagen en erkende christelijke feestdagen.
  6. De werknemer kan bij voorrang een vrije dag opnemen op een voor haar geldende religieuze feestdag, tenzij gewichtige bedrijfsbelangen zich daartegen verzetten.

 

 

Deze informatie is gebaseerd op de CAO voor de drogisterijbranche 2015 - 2016. Het kan zijn dat er ondertussen een nieuwe CAO is overeengekomen. In dat geval dient de CAO tekst van de nieuwste CAO aangehouden te worden. Deze informatie is een verkorte weergave van de bepalingen uit de CAO. Voor de volledige afspraken dient de CAO geraadpleegd te worden. 

Terug naar de pagina van de CAO drogisterijbranche

 

 

 

 

 

 

  • Laatste update op .

Verlof CAO reisbranche: bijzonder verlof en geboorteverlof

In de CAO reisbranche 2026 - 2027 (looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027) heeft een werknemer recht op bijzonder verlof met doorbetaling van het loon: 2 dagen bij eigen huwelijk, 2 dagen bij overlijden van een ouder of uitwonend kind, en bij overlijden van de partner of een inwonend kind tot en met de dag van de begrafenis of crematie (art. 11). Bij de bevalling van de partner is het verlof één week (de wekelijkse arbeidsduur), inclusief het wettelijke kraamverlof.

Laatst gecontroleerd op 15 oktober 2026. Bron: CAO-tekst CAO reisbranche, looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027 (artikelen 11, 13.3 en 32).

 

Bijzonder verlof volgens de CAO reisbranche

Bijzonder verlof (buitengewoon verlof met doorbetaling van het loon) staat in artikel 11. Buiten de genoemde gebeurtenissen en de wet wordt bij verzuim geen loon doorbetaald (art. 11.1).

SituatieVerlof
Eigen huwelijk 2 dagen (art. 11.1a)
Huwelijk van een kind, broer, zuster, zwager of schoonzuster, en (her)trouwen van een ouder of schoonouder 1 dag (art. 11.1b)
Bevalling van de echtgenote, geregistreerd partner, ongehuwd samenwonende partner of degene wiens kind de werknemer erkent 1 maal de arbeidsduur per week, inclusief het wettelijke kraamverlof (art. 11.1c)
25-, 40- of 50-jarig huwelijksjubileum van de werknemer, diens kinderen of (groot)ouders (minimaal 1 week tevoren melden) 1 dag (art. 11.1d)
25- of 40-jarig dienstjubileum 1 dag (art. 11.1e)
Overlijden van de echtgeno(o)t(e) of een inwonend kind Vanaf de dag van overlijden tot en met de dag van de begrafenis of crematie (art. 11.1f)
Overlijden van een ouder of een uitwonend kind 2 dagen (art. 11.1g)
Overlijden van een broer, zuster, zwager, schoonzuster, grootouder, schoonouder, schoonkind of kleinkind 1 dag (art. 11.1h)
Opname in of ontslag uit een ziekenhuis van de echtgeno(o)t(e) of een ongehuwd kind 1 dag (art. 11.1i)
Verhuizing 1 dag per verhuizing, maximaal 2 dagen per 2 jaar (art. 11.1j)
Vervulling van een wettelijke of door de overheid opgelegde verplichting zonder geldelijke vergoeding, die persoonlijk moet worden nagekomen Een redelijke tijd, hoogstens 1 dag (art. 11.1k)
  • Het verlof wordt alleen toegekend op de dag zelf en als de gebeurtenis daadwerkelijk wordt bijgewoond (voor zover relevant). De werknemer meldt de gebeurtenis tijdig aan de werkgever voor zover dat mogelijk is (art. 11.1).
  • Onder "kind" vallen ook stief-, adoptie- en pleegkinderen en kinderen van meer dan twee ouders. Onder "echtgeno(o)t(e)" of "huwelijk" valt ook geregistreerd partnerschap (art. 11.2). Zonder echtgeno(o)t(e) kan op verzoek van de werknemer de partner met wie hij samenwoont gelijkgesteld worden, mits dit vooraf bij de werkgever is gemeld (art. 11.3).
  • Regenbooggezinnen: ouders in niet-traditionele gezinnen die een baby krijgen via een draagmoeder of adoptie hebben recht op vier weken geboorteverlof, naast het wettelijke verlof (art. 11.4).
  • Ouderschapsverlof (art. 11.5): volgens de Wet arbeid en zorg heeft elke ouder recht op 26 weken ouderschapsverlof, op te nemen binnen 8 jaar na de geboorte. Daarvan zijn 9 weken betaald in het eerste jaar na de bevalling of adoptie (UWV-uitkering van 70% van het maximumdagloon); de overige weken zijn onbetaald.
  • Geboorteverlof (art. 11.6): partners kunnen één werkweek flexibel geboorteverlof opnemen binnen vier weken na de geboorte of adoptie met behoud van 100% van het loon. Daarnaast kan aanvullend vijf weken geboorteverlof worden opgenomen, aan te vragen bij het UWV met behoud van 70% van het maximumdagloon.
  • Verlof voor vakbondswerk (art. 32): een kaderlid van een vakbond heeft recht op maximaal zes dagdelen betaald verlof voor vormings- en scholingsbijeenkomsten en statutair voorgeschreven bijeenkomsten, minimaal één maand tevoren schriftelijk aan te vragen.
  • Studieverlof (art. 13.3): 100% studieverlof met behoud van salaris, in overleg met de werkgever, voor functiegerichte opleidingen die onder werktijd plaatsvinden.
  • Zorgverlof is in deze CAO niet uitgebreid: CAO-partijen onderzoeken in een werkgroep een aanvullend artikel voor (mantel)zorgverlof (art. 39, protocollaire afspraken). Tot die tijd geldt de wettelijke regeling.

 

Wettelijk verlof

Naast het bijzonder verlof uit de CAO gelden de wettelijke regels. Lees meer over het wettelijke calamiteitenverlof en kort verzuimverlof. Vakantiedagen en feestdagen in de CAO reisbranche staan op de pagina vakantiedagen, feestdagen en vakantietoeslag in de CAO reisbranche.

 

Meer over CAO reisbranche

 

Deze pagina is met zorg samengesteld op basis van de officiële CAO-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige CAO-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de CAO-tekst is de CAO-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.

  • Laatste update op .

CAO drogisterij - vakantie

In de CAO voor de drogisterijbranche (artikel 6.2.1) is het onderstaande afgesproken over vakantie:

 

6.2.1 Recht op vakantie

De werknemer met een maximale aanstelling van gemiddeld 37 uur per week heeft recht op 25 werkdagen vakantie per jaar met behoud van loon; dit is gelijk aan 185 uur. De werknemer die minder dan de normale wekelijkse arbeidstijd werkzaam is en/of die gedurende het jaar in of uit dienst treedt, heeft recht op een vakantieopbouw naar rato.

6.2.2 Opnemen van vakantie

De werkgever stelt het vakantiejaar voor zijn onderneming vast en geeft nadere regels voor het opnemen van de vakantie. Dit kunnen vooral regels zijn ter voorkoming van het opsparen van vakantiedagen die in opeenvolgende vakantiejaren verkregen zijn, en regels die gericht zijn op het samenvallen van de aaneengesloten vakantie met eventueel verplichte sluitingsperioden. Bij de vakantieregeling zal zoveel mogelijk rekening worden gehouden met het verlangen van de werknemer.
Het vakantiejaar loopt van 1 juli t/m 30 juni tenzij hierover in de onderneming afwijkende afspraken zijn gemaakt.

6.2.3 Aaneengesloten vakantie

  1. De werknemer heeft in een vakantiejaar recht op een aaneengesloten vakantie van tenminste drie weken, mits haar vakantierecht daartoe toereikend is, behalve als dit op grond van zwaarwichtige bedrijfsbelangen redelijkerwijs niet uitvoerbaar is. In dat laatste geval heeft de werknemer in het daaropvolgende vakantiejaar een onvoorwaardelijk recht op drie weken aaneengesloten vakantie.
  2. De aaneengesloten vakantie zal zoveel mogelijk in de maanden mei tot en met september worden genoten.

6.2.4 Vakantie en arbeidsongeschiktheid

  1. Een dag waarop de werknemer arbeidsongeschikt is door bijvoorbeeld ziekte, geldt niet als vakantiedag.
  2. Ten aanzien van opbouw en opname van vakantiedagen tijdens arbeidsongeschiktheid geldt artikel 7:635 van het Burgerlijk Wetboek.
  3. Vervanging van vakantiedagen door uitbetaling van een geldbedrag is slechts geoorloofd bij of in verband met het einde van de dienstbetrekking. Aan het einde van de dienstbetrekking is uitbetaling verplicht, als de werknemer dit wenst.

 

 

Deze informatie is gebaseerd op de CAO voor de drogisterijbranche 2015 - 2016. Het kan zijn dat er ondertussen een nieuwe CAO is overeengekomen. In dat geval dient de CAO tekst van de nieuwste CAO aangehouden te worden. Deze informatie is een verkorte weergave van de bepalingen uit de CAO. Voor de volledige afspraken dient de CAO geraadpleegd te worden. 

Terug naar de pagina van de CAO drogisterijbranche

 

 

 

 

 

 

  • Laatste update op .

CAO drogisterij - verlof

In de CAO voor de drogisterijbranche (artikel 6.3) is het onderstaande afgesproken over verlof:

6.3.1 Persoonlijke gelegenheden

  1. Wanneer een werknemer er anders niet bij aanwezig kan zijn, heeft zij in de onderstaande gevallen recht op buitengewoon verlof. Zij heeft bij dit verlof recht op behoud van loon. Bij elke gelegenheid hoort een bepaalde verlofduur:
      • bij eigen ondertrouw: halve dag;
      • bij eigen huwelijk: twee dagen;
      • bij eigen 25-, 40- en 50-jarig huwelijksfeest of jubileum dienstjaren: één dag;
      • bij bevalling van echtgenote: tijdens de bevalling plus twee dagen;
      • voor het bijwonen van een huwelijk van een van haar kinderen, ouders, broers of zusters: één dag;
      • bij het overlijden van de echtgenoot; de sterfdag tot en met de dag van de begrafenis;
      • bij het overlijden van een van haar ouders, schoonouders, eigen of aangehuwde kinderen: één dag, plus voor het bijwonen van de begrafenis: één dag;
      • voor het bijwonen van de begrafenis van haar grootouders, kleinkinderen, broers, zusters, zwagers of schoonzusters: één dag;
      • voor het bijwonen van een 25-, 40- en 50-jarig huwelijksfeest van ouders en schoonouders, alsmede verlof bij 25- en 40-jarig jubileum dienstjaren van echtgenoot: één dag.
  2. Onder ouders, kinderen, broers en zusters vallen ook stiefouders, stiefkinderen, stiefbroers en stiefzusters, alsmede pleegouders, pleegkinderen, pleegbroers en pleegzusters. Duurzame samenlevingsvormen, die van te voren aan de werkgever kenbaar zijn gemaakt, worden voor het bepalen van het verlof met het huwelijk gelijkgesteld.


6.3.2 Overige gelegenheden

Bovendien heeft de werknemer recht op buitengewoon verlof met behoud van loon bij de volgende gelegenheden:

  • voor het op uitnodiging bijwonen als kaderlid of afgevaardigde van vergaderingen en andere activiteiten van werknemersorganisaties: ten hoogste in totaal 5 dagen per jaar;
  • voor het afleggen van examens om een voor de beroepsuitoefening noodzakelijke opleiding te behalen: de daarvoor noodzakelijke tijd;
  • na opzegging van de dienstbetrekking door de werkgever voor het solliciteren of voor het op uitnodiging mondeling toelichten van een sollicitatie: de daarvoor benodigde tijd;
  • voor het eenmaal in de periode van 3 jaar voor haar pensionering deelnemen aan een cursus ter voorbereiding op de pensionering: ten hoogste vijf dagen;
  • vakbondsleden kunnen deelnemen aan cursussen van werknemersorganisaties, mits door de werknemersorganisatie bij de werkgever aangevraagd en mits verenigbaar met het bedrijfsbelang: ten hoogste 3 dagen per jaar;
  • voor de uitoefening van het actief kiesrecht.


6.3.3 Andere verlofregelingen

  1. Aan een werknemer wordt buitengewoon verlof verleend voor het deelnemen aan vergaderingen van besturen of commissies van lichamen, als bedoeld in de Wet op de Bedrijfsorganisatie, voor zover de werknemer van dat bestuur of die commissie deel uitmaakt. In dit geval kan de werknemer geen aanspraak doen gelden op loon.
  2. De werkgever treft in overleg met de werknemer een verlofregeling wanneer de werknemer wordt getroffen door een calamiteit. Deze regeling is bedoeld voor het geven van eerste opvang en/of het treffen van noodzakelijke maatregelen voor een structurele oplossing.
    Onder calamiteit wordt verstaan een plotselinge, ernstige gebeurtenis, anders dan in dit hoofdstuk genoemd, die niet te voorzien is en waarin het niet redelijk is van de werknemer te verlangen dat hij het werk bij de werkgever verricht.
  3. Voor bezoek aan een arts en andere medische beroepsbeoefenaren zal buitengewoon verlof met behoud van loon worden gegeven gedurende de daarvoor benodigde tijd, voor zover dit bezoek redelijkerwijs niet buiten arbeidstijd kan plaatsvinden.

 

Deze informatie is gebaseerd op de CAO voor de drogisterijbranche 2015 - 2016. Het kan zijn dat er ondertussen een nieuwe CAO is overeengekomen. In dat geval dient de CAO tekst van de nieuwste CAO aangehouden te worden. Deze informatie is een verkorte weergave van de bepalingen uit de CAO. Voor de volledige afspraken dient de CAO geraadpleegd te worden. 

Terug naar de pagina van de CAO drogisterijbranche

 

 

 

 

 

 

  • Laatste update op .

CAO drogisterij - overwerk

In de CAO voor de drogisterijbranche (artikel 4.2) is het onderstaande afgesproken over overwerk:

 

4.2.1 Overwerk

  1. A. Er is alleen sprake van overwerk als de werknemer, na overleg, van de werkgever opdracht heeft gekregen om arbeid te verrichten buiten de voor haar geldende normale arbeidstijd. Overwerk zal zo min mogelijk worden opgedragen.
  2. B. Onder overwerk wordt in ieder geval verstaan:
    • - de meer dan 9 uur per dag gewerkte uren. Daarbij geldt een overschrijding met maximaal een half uur, maximaal eenmaal per week, in aansluiting op de ingeroosterde werktijd, niet als overwerk;
    • - de meer dan 45 uur per week gewerkte uren, of de meer dan gemiddeld 40 uur per week gewerkte uren, berekend per periode van 4 aansluitende weken, waarbij de perioden elkaar niet mogen
    • overlappen;
    • - de meer dan gemiddeld 37 uur per week gewerkte uren, berekend over een periode van 26 weken, met als peildata 1 april en 1 oktober;
    • - de uren gewerkt op een zesde dag in de week, tenzij deze uren binnen een periode van vier weken (te rekenen over een periode van twee weken voorafgaand aan tot twee weken volgend op de week
    • dat zes dagen gewerkt is) zijn gecompenseerd door gelijkwaardige vrije tijd.
  3. Voor elk uur overwerk wordt het loon uitbetaald, vermeerderd met een toeslag van 30%.
  4. Wanneer overuren vallen in een tijdsperiode waarop volgens het tijdschalenmodel (zie onder) reeds een toeslag van toepassing is, dan worden de toeslagen bij elkaar opgeteld.
  5. Werkgever en werknemer kunnen overeenkomen dat in plaats van uitbetaling van de overwerkvergoeding, extra vrije tijd wordt gegeven, overeenkomend met het loonbedrag dat voor het overwerk zou zijn betaald. Die vrije tijd moet worden gegeven binnen een maand nadat het overwerk is verricht.
  6. De bepalingen over overwerk gelden niet voor medewerkers in de functiegroepen 5 en 6, en ook niet voor medewerkers die niet zijn ingedeeld in functiegroepen.
  7. Een parttime werknemer, die in één week meer dan 37 uur werkt, komt voor die week in aanmerking voor een overwerktoeslag, indien aan de overige voorwaarden in dit artikel wordt voldaan.


4.2.2 Tijdschalenmodel

  1. A. De werknemer ontvangt, afhankelijk van het tijdstip waarop zij werkt, een toeslag op het uurloon volgens onderstaand schema (tijdschalenmodel):
      00:00 - 05:00 05:00 - 07:00 07:00 - 18:00 18:00 - 21:00 21:00 - 24:00
    Maandag t/m zaterdag  75% 25% 0% 25% 50%
    Zondag  175% 125% 100% 125% 150%
  2. Voor het afmaken of overdragen van werkzaamheden kan de grens van het tijdschalenmodel incidenteel met een halfuur overschreden worden. In dat geval geldt de toeslag van het tijdblok waarin de werkzaamheden volgens het rooster uitgevoerd zouden worden.
  3. De toeslagen worden gecompenseerd in vrije tijd, op te nemen binnen 26 weken na het ontstaan van de compensatie. Als compensatie in vrije tijd niet binnen deze 26 weken mogelijk is, wordt de toeslag in geld uitgekeerd.

 

4.2.3 Maaltijdvergoeding

De werkgever verstrekt aan de werknemer die haar werkdag begonnen is voor of op 14.00 uur en die doorwerkt na 19.00 uur, een warme maaltijd van redelijke kwaliteit of een maaltijdvergoeding. Er geldt
per 1 augustus 2008 voor deze vergoeding een bedrag van EUR 5,45 netto op declaratiebasis.


4.2.4 Toeslag bij plaatsvervanging

Als een werknemer een collega in een hogere functie vervangt, heeft zij gedurende de tijd van vervanging recht op een toeslag van 15% van het bedrag bij 0 functiejaren in de schaal waarin de vervangen functie is ingedeeld. Loon plus toeslag mogen echter niet meer bedragen dan het bedrag bij 0 functiejaren in de schaal waarin de te vervangen functie is ingedeeld. Deze toeslag geldt alleen als de vervanging langer dan vier weken duurt. 

 

 

Deze informatie is gebaseerd op de CAO voor de drogisterijbranche 2015 - 2016. Het kan zijn dat er ondertussen een nieuwe CAO is overeengekomen. In dat geval dient de CAO tekst van de nieuwste CAO aangehouden te worden. Deze informatie is een verkorte weergave van de bepalingen uit de CAO. Voor de volledige afspraken dient de CAO geraadpleegd te worden. 

Terug naar de pagina van de CAO drogisterijbranche

 

 

 

 

 

 

  • Laatste update op .

CAO drogisterij - functiegroepen

In de CAO voor de drogisterijbranche (artikel 5.1) is het onderstaande afgesproken over de indeling in functiegroepen:

De werknemer wordt uitsluitend op grond van de door haar te verrichten werkzaamheden ingedeeld in een functiegroep.

5.1.1 Functiegroep 1:

Werkzaamheden van eenvoudige aard die volgens nauwkeurige instructies op aanwijzing en/of onder directe leiding worden verricht.
Voorbeelden van functiebenamingen in deze groep:

  • aankomend verkoopmedewerkster
  • leerling verkoopster
  • aankomend magazijnmedewerkster
  • aankomend administratief medewerkster

5.1.2 Functiegroep 2:

Werkzaamheden van eenvoudige aard waarvoor een zekere mate van vak- en bedrijfskennis nodig is en die – hoewel onder directe leiding – toch met enige mate van zelfstandigheid worden verricht. Het
bezit van het diploma 'Verkoop in de Drogisterij' is een vereiste.
Voorbeelden van functiebenamingen in deze groep:

  • verkoopster
  • magazijnmedewerkster
  • administratief medewerkster


5.1.3 Functiegroep 3:

Zelfstandige werkzaamheden waarvoor in ruime mate vak- en bedrijfskennis nodig is en waarbij incidenteel leiding wordt gegeven aan enkele medewerksters, ingedeeld in de functiegroepen 1 en 2.
Het bezit van het diploma Assistent-Drogist is een vereiste om voor de functie van eerste verkoopster in aanmerking te komen. De werknemer die voor 1 januari 1999 de functie van eerste verkoopster vervulde, kan niet worden verplicht dit diploma alsnog te halen.
Voorbeelden van functiebenamingen in deze groep:

  • eerste verkoopster
  • eerste magazijnmedewerkster
  • eerste administratief medewerkster


5.1.4 Functiegroep 4:

Zelfstandige werkzaamheden waarvoor in ruime mate vak- en bedrijfskennis nodig is en waarbij leiding wordt gegeven aan enkele medewerksters in de functiegroepen 1, 2 en 3. Het bezit van het diploma Assistent-Drogist is een vereiste om voor de functie van waarnemend bedrijfsleidster of assistent filiaalmanager in aanmerking te komen.
Voorbeelden van functiebenamingen in deze groep:

  • waarnemend bedrijfsleidster
  • assistent filiaalmanager
  • assistent magazijnchef
  • assistent afdelingshoofd


5.1.5 Functiegroep 5:

Zelfstandige werkzaamheden waarvoor bijzondere vak- en bedrijfskennis nodig is, alsmede het volledige beheer van een drogisterij waarin maximaal 5 fulltime equivalenten (fte's) werkzaam zijn.
Het bezit van het Vakdiploma Drogist is een vereiste om voor de functie van bedrijfsleidster, filiaalmanager of filiaalbeheerder in aanmerking te komen.
Voorbeelden van functiebenamingen in deze groep:

  • bedrijfsleidster
  • filiaalmanager
  • filiaalbeheerder
  • magazijnchef
  • afdelingshoofd


5.1.6 Functiegroep 6:

Zelfstandige werkzaamheden waarvoor bijzondere vak- en bedrijfskennis nodig is, alsmede het volledige beheer van een drogisterij waarin meer dan 5 fulltime equivalenten (fte's) werkzaam zijn. Het bezit van het Vakdiploma Drogist is een vereiste om voor de functie van bedrijfsleidster, filiaalmanager of filiaalbeheerder in aanmerking te komen.
Voorbeelden van functiebenamingen in deze groep:

  • bedrijfsleidster
  • filiaalmanager
  • filiaalbeheerder
  • magazijnchef
  • afdelingshoofd

 

Deze informatie is gebaseerd op de CAO voor de drogisterijbranche 2015 - 2016. Het kan zijn dat er ondertussen een nieuwe CAO is overeengekomen. In dat geval dient de CAO tekst van de nieuwste CAO aangehouden te worden. Deze informatie is een verkorte weergave van de bepalingen uit de CAO. Voor de volledige afspraken dient de CAO geraadpleegd te worden. 

Terug naar de pagina van de CAO drogisterijbranche

 

 

 

 

 

 

  • Laatste update op .

Overwerk CAO reisbranche 2026 - 2027

In de CAO reisbranche 2026 - 2027 (looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027) wordt overwerk vergoed met een toeslag van 25% op het normale uurloon, voor werknemers in functiegroep 2 t/m 5 (art. 12). Voor werk op bijzondere uren komt daar een toeslag van 35% (op maandag t/m zaterdag tussen 00.00 en 07.00 uur en tussen 20.00 en 24.00 uur) of 75% (op zondag en feestdagen) bij (art. 20).

Laatst gecontroleerd op 15 oktober 2026. Bron: CAO-tekst CAO reisbranche, looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027 (artikelen 7, 12, 20 en 21).

 

Overwerk (art. 12)

  • 25% toeslag op het normale uurloon voor werknemers in functiegroep 2 t/m 5 (art. 12.1 en 12.4). Deze toeslag kan bovenop de toeslag voor bijzondere uren komen.
  • Van overwerk is alleen sprake als het in opdracht van de werkgever gebeurt en de normale arbeidsduur uit artikel 7.1 wordt overschreden. De werkgever spant zich in te voorkomen dat het gemiddelde van 39 uur per week, berekend over 26 aaneensluitende weken, wordt overschreden (art. 12.2).
  • Wie over 26 weken gemiddeld meer dan 39 uur heeft gewerkt, heeft recht op die extra uren in tijd, op te nemen in overleg in halve of hele dagen. De werkgever kan in overleg met de OR of personeelsvertegenwoordiging afwijken van de periode van 26 weken (art. 12.3).
  • Per bedrijfsonderdeel of afdeling bepaalt de werkgever of overwerk in tijd, in geld of in een combinatie wordt vergoed. Wordt het in tijd vergoed, dan stelt de werkgever na overleg met de werknemer vast wanneer die tijd kan worden opgenomen (art. 12.5).
  • Werknemers in functiegroep 2 t/m 8 zijn verplicht tot overwerk als de werkgever dit vraagt, maar niet tot meer dan 47 uur per week. Voor reisleiders en reisbegeleiders is dat maximum 56 uur per week; voor jongeren onder de 18 jaar geldt 45 uur per week (art. 12.6).

Toeslag voor bijzondere uren (art. 20)

Werknemers in functiegroep 2 t/m 5 hebben recht op de volgende toeslag als zij werken op bijzondere uren. De toeslag wordt berekend over het normale uurloon en kan worden opgeteld bij de overwerktoeslag.

MomentToeslag
Maandag t/m zaterdag, tussen 00.00 en 07.00 uur 35%
Maandag t/m zaterdag, tussen 20.00 en 24.00 uur 35%
Zondag en feestdagen 75%

Bereikbaarheidsdienst (art. 21)

Per 1 september 2026 ontvangt de werknemer € 1,00 bruto per uur voor een bereikbaarheidsdienst op een ingeroosterde werkdag en € 2,34 bruto per uur voor een dienst die deels of geheel op een niet-ingeroosterde werkdag valt. Een werkgever die van bereikbaarheidsdiensten gebruikmaakt, stelt hiervoor in overleg met de OR of personeelsvertegenwoordiging een reglement op.

Arbeidsduur en werktijden (art. 7)

  • Normale arbeidsduur: niet meer dan negen uur per dag en niet meer dan gemiddeld vijf dagen per week, berekend over een periode van maximaal 13 weken. Daarnaast niet meer dan gemiddeld 39 uur per week, berekend over een periode van maximaal 26 weken (art. 7.1).
  • Normale werktijden zijn maandag t/m zaterdag tussen 07.00 en 20.00 uur, met een onderbreking van minimaal een half uur pauze (art. 7.2).
  • Werken op zon- en feestdagen is in beginsel vrijwillig. De werkgever kan een werknemer maximaal acht zon- en feestdagen per jaar tot werk verplichten; dat geldt niet voor werknemers met aantoonbare gewetensbezwaren en telt niet als overwerk (art. 7.3).

 

Meer over CAO reisbranche

 

Deze pagina is met zorg samengesteld op basis van de officiële CAO-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige CAO-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de CAO-tekst is de CAO-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.

  • Laatste update op .

Arbeidstijden CAO reisbranche 2026 - 2027

In de CAO reisbranche 2026 - 2027 (looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027) bedraagt de normale arbeidsduur niet meer dan negen uur per dag en gemiddeld niet meer dan 39 uur per week, berekend over maximaal 26 weken. De normale werktijden zijn maandag t/m zaterdag tussen 07.00 en 20.00 uur, met minimaal een half uur pauze (art. 7).

Laatst gecontroleerd op 15 oktober 2026. Bron: CAO-tekst CAO reisbranche, looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027 (artikelen 7, 12.6, 20 en 27).

 

Arbeidsduur en werktijden (art. 7)

  • Normale arbeidsduur: niet meer dan negen uur per dag en niet meer dan gemiddeld vijf dagen per week, berekend over een aaneengesloten periode van maximaal 13 weken en naar rato bij een werkweek korter dan vijf dagen. Een werknemer die in een werkweek zes dagen heeft gewerkt, heeft recht op compensatie van de zesde dag binnen dertien weken; een aaneengesloten werkperiode kan niet langer duren dan zes dagen. Voor parttimers geldt dit naar rato van de overeengekomen werkweek. Daarnaast niet meer dan gemiddeld 39 uur per week, berekend over maximaal 26 weken (art. 7.1).
  • Normale werktijden: maandag t/m zaterdag tussen 07.00 en 20.00 uur, met een onderbreking van minimaal een half uur pauze (art. 7.2).
  • Zon- en feestdagen: werken is in beginsel vrijwillig. Lukt het de werkgever niet om vrijwilligers te vinden, dan kan hij een werknemer maximaal acht zon- en feestdagen per jaar tot werk verplichten. Dit geldt niet voor werknemers met aantoonbare gewetensbezwaren. Deze acht dagen tellen niet als overwerk, worden in het rooster meegenomen en tellen mee voor de gemiddelde werkweek (art. 7.3).
  • Begin en einde werktijd: per onderneming wordt het begin en einde van de werktijd nader vastgesteld (art. 7.4).

Maximaal aantal uren per week (art. 12.6)

Werknemers in functiegroep 2 t/m 8 zijn verplicht tot overwerk als de werkgever dit vraagt, maar niet tot meer dan 47 uur per week. Voor reisleiders en reisbegeleiders is dat maximaal 56 uur per week; voor jongeren onder de 18 jaar geldt maximaal 45 uur per week (art. 5:7 ATW).

Toeslagen op bijzondere uren (art. 20)

Werknemers in functiegroep 2 t/m 5 krijgen 35% toeslag voor werk van maandag t/m zaterdag tussen 00.00 en 07.00 uur en tussen 20.00 en 24.00 uur, en 75% op zondag en feestdagen. Meer hierover staat op de pagina overwerk en toeslagen voor bijzondere uren.

Reisleiders en reisbegeleiders (art. 27)

  • De gemiddelde arbeidsduur is 8 uur per dag voor een reisleider en 8 uur voor een reisbegeleider, tenzij de werkgever aantoonbaar maakt dat er gemiddeld minder wordt gewerkt. Dit is de contractuele ondergrens.
  • Bij een reisleider is de voorbereiding en (administratieve) afhandeling van de reis (ongeveer 1 uur per dag) meegenomen in de 8 uur. Wordt deze norm overschreden, dan wordt de extra benodigde tijd vergoed.
  • Wordt de overeengekomen arbeidstijd door onvoorziene omstandigheden overschreden, dan betaalt de werkgever die overschrijding uit, mits hij zo snel mogelijk is geïnformeerd.

 

Meer over CAO reisbranche

 

Deze pagina is met zorg samengesteld op basis van de officiële CAO-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige CAO-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de CAO-tekst is de CAO-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.

  • Laatste update op .

Vakantiedagen CAO reisbranche 2026 - 2027

Werknemers in de reisbranche hebben in de CAO 2026 - 2027 (looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027) recht op 25 vakantiedagen per kalenderjaar op fulltimebasis (art. 8.1) en op 8% vakantietoeslag over het brutoloon, uitbetaald uiterlijk in mei (art. 19). Feestdagen zijn nieuwjaarsdag, eerste en tweede paasdag, Hemelvaartsdag, eerste en tweede pinksterdag, Koningsdag, eerste en tweede kerstdag en 5 mei in lustrumjaren (art. 10).

Laatst gecontroleerd op 15 oktober 2026. Bron: CAO-tekst CAO reisbranche, looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027 (artikelen 8 t/m 10, 18 en 19).

 

Vakantiedagen en feestdagen

  • 25 vakantiedagen per kalenderjaar op fulltimebasis (art. 8.1). Voor werknemers die al extra vakantiedagen hadden op grond van het oude artikel 8.1b (naar leeftijd, bij minstens 5 volle jaren dienstverband in de reisbranche: 26 dagen vanaf 50 jaar, 27 dagen vanaf 55 jaar) blijven die extra dagen gelden zoals op 31 december 2025. Dit artikel is per 1 januari 2026 vervallen.
  • Vakantiedagen worden naar evenredigheid opgebouwd bij een deel van het kalenderjaar en bij deeltijd. Een deeltijdwerknemer bouwt ook vakantiedagen op over de uren die hij meer werkt dan zijn contractuele arbeidsduur, tenzij sprake is van overwerk (art. 8.2).
  • Het vakantiejaar is het kalenderjaar, tenzij in overleg met de OR of personeelsvertegenwoordiging een andere periode is vastgesteld. De werkgever stelt de vakantie vast na overleg met de werknemer; een aaneengesloten vakantieperiode begint zo veel mogelijk tussen 30 april en 1 oktober (art. 8.3).
  • De werknemer heeft recht op minimaal drie weken aaneengesloten vakantie per jaar. De werkgever mag bepalen dat een werknemer minimaal twee weken aaneengesloten opneemt (art. 8.4).
  • Voor de vervaltermijn geldt de wettelijke regeling (art. 8.5). De werkgever mag één vakantiedag per jaar als verplichte vakantiedag aanwijzen (art. 8.6).
  • De werkgever komt zo veel mogelijk tegemoet aan verzoeken om een vakantiedag op te nemen op een bijzondere (religieuze) feestdag (art. 8.7).
  • Einde dienstverband (art. 9): te veel of te weinig opgenomen vakantiedagen worden verrekend. Tijdens de opzegtermijn kan de werknemer 50% van zijn resterende vakantiedagen opnemen, met een maximum van twee weken; de werkgever kan dit alleen beperken bij gewichtige redenen ter voorkoming van plotselinge personele onderbezetting.
  • Feestdagen (art. 10): nieuwjaarsdag, eerste en tweede paasdag, Hemelvaartsdag, eerste en tweede pinksterdag, Koningsdag, eerste en tweede kerstdag en 5 mei in lustrumjaren. Per kalenderjaar kunnen werknemers in overleg met de werkgever twee feestdagen omruilen voor een andere werkdag; de toeslag voor bijzondere uren geldt alleen op de erkende feestdagen.
  • Werknemers kunnen loon en bovenwettelijke vakantiedagen inzetten voor bestaande, per onderneming nader in te vullen, belastingvrije faciliteiten (art. 18).

 

Vakantietoeslag

  • 8% van het brutoloon (art. 19).
  • De uitbetaling vindt plaats uiterlijk in de maand mei. De toeslag wordt berekend over de voorafgaande periode mei t/m april, met inachtneming van artikel 16 lid 2 van de Wet minimumloon en minimumvakantietoeslag (art. 19).
  • Werknemers die nog geen vol jaar in dienst zijn, krijgen de vakantietoeslag naar evenredigheid (art. 19).
  • Oproepkrachten: de werkgever mag in plaats van de jaarlijkse uitkering een toeslag van 8% op het uurloon verlenen (art. 5.3).

 

Wettelijke vakantiedagen

Naast de CAO gelden de wettelijke regels voor vakantie. Lees meer op de pagina vakantiedagen en vrije dagen. Bijzonder verlof, zoals verlof bij een huwelijk of overlijden, staat op de pagina verlof in de CAO reisbranche.

 

Meer over CAO reisbranche

 

Deze pagina is met zorg samengesteld op basis van de officiële CAO-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige CAO-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de CAO-tekst is de CAO-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.

  • Laatste update op .

Ziekte CAO reisbranche 2026 - 2027: loondoorbetaling

Bij ziekte krijgt een werknemer in de reisbranche volgens de CAO 2026 - 2027 (looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027) 70% wettelijke loondoorbetaling gedurende maximaal 104 weken, met in de eerste 52 weken een aanvulling van 30%, dus 100% in het eerste jaar. Vanaf 1 januari 2027 gelden nieuwe percentages: 100% in week 1 t/m 26, 90% in week 27 t/m 52, 80% in week 53 t/m 78 en 70% in week 79 t/m 104 (art. 24). Wachtdagen zijn niet toegestaan.

Laatst gecontroleerd op 15 oktober 2026. Bron: CAO-tekst CAO reisbranche, looptijd 1 juli 2026 t/m 30 juni 2027 (artikelen 24).

 

Ziekte en arbeidsongeschiktheid (art. 24)

PeriodeTot 1 januari 2027Vanaf 1 januari 2027
Week 1 t/m 26 100% 100%
Week 27 t/m 52 100% 90%
Week 53 t/m 78 70% 80%
Week 79 t/m 104 70% 70%
  • Tot 1 januari 2027 (art. 24.2): de arbeidsongeschikte werknemer krijgt de wettelijke loondoorbetaling van 70% gedurende 104 weken en in de eerste 52 weken een aanvulling van 30%. Dat is 100% in het eerste jaar en 70% in het tweede jaar.
  • Vanaf 1 januari 2027 gelden nieuwe percentages naast de wettelijke 70% (maximaal 104 weken): een aanvulling van 30% in week 1 t/m 26 (100% totaal), 20% in week 27 t/m 52 (90%), 10% in week 53 t/m 78 (80%) en geen aanvulling in week 79 t/m 104 (70%).
  • Overgangsregeling: de nieuwe percentages gelden vanaf 1 januari 2027 voor werknemers die al arbeidsongeschikt zijn en op 1 januari 2027 niet langer dan 26 weken arbeidsongeschikt zijn. Voor werknemers die dan langer dan 26 weken arbeidsongeschikt zijn, blijven de oude percentages onverkort gelden.
  • De werkgever mag geen wachtdagen hanteren. De loondoorbetalingsverplichting eindigt in elk geval als de arbeidsovereenkomst eindigt (art. 24.2).
  • De werknemer meldt ziekte zo snel mogelijk, maar uiterlijk voor het begin van zijn werktijd (art. 24.1).
  • Geen of gedeeltelijke doorbetaling (art. 24.3): de werkgever mag de loondoorbetaling en aanvulling niet uitbetalen als de werknemer door opzet arbeidsongeschikt is geworden, zijn genezing heeft belemmerd of vertraagd, of zonder deugdelijke reden geen passend werk verricht. Bij het niet naleven van controlevoorschriften en ziekteregels kan de werkgever de loondoorbetaling uitstellen en de aanvulling niet uitbetalen; weigert de werknemer mee te werken aan een door de werkgever gevraagde second opinion van het UWV of maakt hij misbruik van de voorziening, dan kan de aanvulling niet worden uitbetaald.
  • Heeft de werkgever een vordering tot schadevergoeding op een derde, dan geeft de werknemer de benodigde informatie; weigert hij dat, dan vervalt het recht op de aanvulling (art. 24.4).
  • Wordt een second opinion gevraagd, dan vult de werkgever aansluitend op de eerste 52 weken in afwachting van de uitspraak van het UWV maximaal één maand aan tot 100% (art. 24.5). Bij arbeidsongeschiktheid voor de eigen functie richt de werkgever zich eerst op herplaatsing binnen de onderneming (art. 24.6).

 

Meer over CAO reisbranche

 

Deze pagina is met zorg samengesteld op basis van de officiële CAO-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige CAO-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de CAO-tekst is de CAO-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.

  • Laatste update op .

Samenvatting CAO zelfstandige drogisterijen 2025 - 2026

Dit is de samenvatting van de CAO drogisterijbranche 2025-2026.

 

Stamgegevens

Stamgegevens CAO drogisterijbranche 2025-2026

Looptijd Van 1 juli 2025 t/m 30 juni 2026. De cao wordt stilzwijgend met telkens 1 jaar verlengd, tenzij een van de partijen dit uiterlijk 3 maanden van tevoren schriftelijk opzegt.
Cao-partijen Koninklijke Nederlandse Drogisten Bond (KNDB), CNV en FNV
Loonsverhoging 2% per 1 juli 2025 en 2% per 1 januari 2026
Vakantiedagen 25 werkdagen (185 uur) per jaar bij een aanstelling van 37 uur per week, met extra dagen bij lange diensttijd en naarmate de AOW-leeftijd nadert
Vakantietoeslag 8% van het in het vakantiejaar verdiende loon (loon + toeslag samen minimaal 108% van het wettelijk minimumloon), uitbetaald uiterlijk in mei
Overwerkvergoeding 30% toeslag boven het uurloon; geldt niet voor functiegroep 5 en 6
Reiskostenvergoeding Geen vaste regeling in deze cao; wel loopt er een onderzoek naar een mogelijke tegemoetkoming in reiskosten
Opzegtermijn werkgever Niet apart geregeld in deze cao; hiervoor geldt de wettelijke opzegtermijn (Burgerlijk Wetboek)
Opzegtermijn werknemer Niet apart geregeld in deze cao; hiervoor geldt de wettelijke opzegtermijn (Burgerlijk Wetboek)

Bron: cao-tekst CAO drogisterijbranche, looptijd 1 juli 2025 t/m 30 juni 2026 (artikelen 4.1.1, 4.1.2, 4.1.3, 4.1.5, 4.2.1, 4.2.2, 4.3, 6.2.1, 6.2.2, 8.2.1, 9.1, 9.3, Protocol III).

 

Salaristabel CAO drogisterijbranche 2025-2026

Hieronder vind je de brutolonen per functiegroep (bijlage 1 van de cao), voor een aanstelling van gemiddeld 37 uur per week. Werk je minder uren? Dan is je loon evenredig lager. Voor jongere werknemers en voor de instroom in functiegroep 2 t/m 5 op 19- en 20-jarige leeftijd gelden aparte instroomregels; "WML" staat voor het wettelijk minimumloon, dat als ondergrens geldt.

Bruto lonen per uur (1 juli 2025)

Leeftijd / functiejaarGroep 1Groep 2Groep 3Groep 4Groep 5Groep 6
16 jaar € 5,68 € 6,17        
17 jaar € 6,29 € 6,78        
18 jaar € 7,59 € 7,65 € 7,85 € 8,38    
19 jaar € 8,81 € 8,93 € 9,03 € 9,25    
19 jaar + 1 ervaringsjaar   € 8,98 € 9,08 € 9,65    
20 jaar € 11,53 € 11,63 € 11,88 € 12,09 € 12,24  
20 jaar + 1 ervaringsjaar   € 11,73 € 11,99 € 12,19    
20 jaar + 2 ervaringsjaren     € 12,09 € 12,29    
21 jaar (0 functiejaren) WML € 14,50 € 14,69 € 14,79 € 14,99  
1 functiejaar   € 14,58 € 14,76 € 14,93 € 15,19 € 15,46
2 functiejaren   € 14,65 € 14,83 € 15,08 € 15,38 € 15,82
3 functiejaren   € 14,71 € 14,90 € 15,22 € 15,58 € 16,18
4 functiejaren   € 14,77 € 14,97 € 15,36 € 15,77 € 16,53
5 functiejaren   € 14,83 € 15,05 € 15,50 € 15,96 € 16,89
6 functiejaren   € 14,91 € 15,12 € 15,66 € 16,17 € 17,26

Bron: cao-tekst CAO drogisterijbranche, looptijd 1 juli 2025 t/m 30 juni 2026 (artikel 4.1.5, bijlage 1).

 

 

Naar de pagina van de CAO drogisterijbranche

 

Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.

  • Laatste update op .

Samenvatting CAO zelfstandige drogisterijen (KNDB) 2026 - 2027

De KNDB-CAO voor personeel van zelfstandige drogisterijbedrijven (CAO drogisterijen 2026 - 2027) loopt van 1 juli 2026 t/m 31 december 2027 en is gesloten door de KNDB en CNV. De loonschalen stijgen met 2% per 1 juli 2026, met 1,5% per 1 januari 2027 en met 1,25% per 1 juli 2027 (of met het percentage van de wettelijk minimumloonverhoging, als dat hoger is). Bij een volledige aanstelling van 37 uur per week heeft u recht op 25 vakantiedagen (185 uur) en op 8% vakantiebijslag; een dertiende maand, reiskostenvergoeding, thuiswerkvergoeding of pensioenregeling kent de CAO niet. Verderop vindt u onder meer de overwerktoeslag van 30%, het tijdschalenmodel voor avond-, nacht- en zondagwerk, de doorbetaling bij ziekte en de loonschalen per uur, per 4 weken en per maand.

Laatst gecontroleerd op 9 oktober 2026. Bron: CAO-tekst KNDB-CAO voor zelfstandige drogisterijbedrijven, looptijd 1 juli 2026 t/m 31 december 2027 (hoofdstukken 4, 6, 7 en 9).

 

Stamgegevens

Kerncijfers CAO drogisterijen 2026 - 2027

Looptijd 1 juli 2026 t/m 31 december 2027 (omslag van de CAO-tekst).
CAO-partijen De werkgeversorganisatie Koninklijke Nederlandse Drogisten Bond (KNDB, Zeist) en de vakbond CNV (Utrecht) (art. 1.1).
Werkingssfeer Alle werknemers van zelfstandige drogisterijbedrijven. Uitgezonderd zijn het grootwinkelbedrijf en werkgevers die gebonden zijn aan de VDF-CAO. Combinatiebedrijven drogist/apotheek vallen onder deze CAO als de omzet in receptgeneesmiddelen ten hoogste 50% van de totale omzet is (art. 1.2).
Loonsverhoging 2% per 1 juli 2026, 1,5% per 1 januari 2027 en 1,25% per 1 juli 2027. Is de wettelijke minimumloonverhoging per 1 juli 2027 hoger dan 1,25%, dan gaan de loonschalen per die datum met het WML-percentage omhoog (art. 4.1.5).
Werkweek Een volledige aanstelling is gemiddeld 37 uur per week (art. 2 en 4.1.3).
Vakantiedagen 25 werkdagen per jaar, gelijk aan 185 uur, bij een aanstelling van gemiddeld 37 uur per week (art. 6.2.1). Extra vakantiedagen op grond van dienstjaren of leeftijd: maximaal 4 dagen per jaar (art. 9.3).
Vakantietoeslag 8% (vakantiebijslag) van het in het vakantiejaar verdiende loon, met een minimum van het wettelijk minimumloon (loon plus vakantiebijslag is ten minste 108% van het minimumloon). Uitbetaling uiterlijk in mei (art. 4.3).
Overwerkvergoeding Toeslag van 30% op het gebruikelijke uurloon voor overwerk (art. 4.2.1). Daarnaast geldt een tijdschalenmodel met toeslagen van 25% tot 175% voor vroege ochtend-, avond-, nacht- en zondagswerk (art. 4.2.2). Overwerk geldt niet voor functiegroep 5 en 6.
Reiskostenvergoeding Niet geregeld in de CAO.
Bijzonder verlof Onder meer 2 dagen bij eigen huwelijk, 1 dag bij een 25-, 40- of 50-jarig huwelijksfeest of dienstjubileum, een week partnerverlof bij de bevalling van de echtgenote en 1 dag bij het overlijden van ouders, schoonouders of kinderen (plus 1 dag voor de begrafenis) (art. 6.3.1).
Thuiswerkvergoeding Niet geregeld in de CAO.
Doorbetaling bij ziekte Eerste ziektejaar: 100% van het laatstverdiende brutoloon in de eerste 26 weken (vanaf de tweede ziektedag) en 90% in week 27 t/m 52, met ten minste het minimumloon. Tweede ziektejaar: 80%, aan te vullen tot maximaal 90% bij voldoende inzet (art. 7.2.1).
Dertiende maand / eindejaarsuitkering Niet geregeld in de CAO.
Pensioenfonds Niet geregeld in de CAO. De CAO wijst geen pensioenfonds aan en noemt geen premie (wel Protocol I over vrijwillige pensioenopbouw tijdens ouderschapsverlof).
Opzegtermijn Niet in de CAO bepaald; de wettelijke opzegtermijnen gelden (art. 8.2.1).
Bijzondere groepen Oproepkrachten, hulpkrachten en vakantiewerkers hebben deels afwijkende regels (art. 2 en 10.3). Vakantiewerkers ontvangen het wettelijk minimum(jeugd)loon.

Bron: CAO-tekst KNDB-CAO voor zelfstandige drogisterijbedrijven, looptijd 1 juli 2026 t/m 31 december 2027 (artikelen 1.2, 2, 3.1.3, 4.1 t/m 4.3, 5, 6, 7, 8, 9, 10.3 en de protocollen).

 

Salaristabel CAO drogisterijen 2026 - 2027

De loonschalen in bijlage 1 van de CAO gelden per 1 juli 2026, per 1 januari 2027 en per 1 juli 2027, telkens per uur, per periode van 4 weken en per maand. De loonsverhogingen zijn in de tabellen verwerkt. De bedragen zijn bruto en gelden bij een aanstelling van 37 uur per week; bij een kleiner contract is het loon evenredig lager. Het bedrag per 4 weken is het uurloon x 148 en het maandbedrag is het bedrag per 4 weken x 13/12 (referentiemaandlonen op basis van 260 werkbare dagen per jaar).

Per leeftijd of aantal functiejaren staan de bedragen per functiegroep. Een leeg vak betekent dat die combinatie niet voorkomt in de loonschaal. In functiegroep 1 is het loon voor werknemers van 21 jaar en ouder gelijk aan het wettelijk minimumloon (WML). Daarbij moet rekening worden gehouden met het aantal te werken uren per maand en het aantal werkbare dagen per jaar, en moet ten minste het wettelijk minimumuurloon worden betaald. In de tabellen per 1 januari 2027 en per 1 juli 2027 hebben functiegroep 1 en 2 de aantekening "met een minimum van WML": het loon mag nooit lager zijn dan het wettelijk minimumloon. Raadpleeg daarom ook het huidige wettelijk minimumloon. Ervaringsjaren (19 en 20 jaar) en functiejaren (vanaf 21 jaar) staan op het tabblad Salarisverhogingen.

Per maand vanaf 1 juli 2026

Loonschalen per maand per 1 juli 2026

Leeftijd / functiejarenGroep 1Groep 2Groep 3Groep 4Groep 5Groep 6
16 jaar € 947,72 € 1.029,39        
17 jaar € 1.049,81 € 1.131,48        
18 jaar € 1.265,89 € 1.276,10 € 1.310,13 € 1.398,61    
19 jaar € 1.470,07 € 1.488,79 € 1.505,80 € 1.543,23    
19 jaar, 1 ervaringsjaar   € 1.497,29 € 1.514,31 € 1.609,59    
20 jaar € 1.924,87 € 1.939,68 € 1.982,21 € 2.016,24 € 2.041,76  
20 jaar, 1 ervaringsjaar   € 1.956,69 € 1.999,23 € 2.033,26    
20 jaar, 2 ervaringsjaren     € 2.016,24 € 2.050,27    
21 jaar WML € 2.419,49 € 2.450,12 € 2.467,13 € 2.501,16  
21 jaar, 1 functiejaar   € 2.431,40 € 2.462,03 € 2.490,95 € 2.533,49 € 2.579,43
21 jaar, 2 functiejaren   € 2.443,31 € 2.473,94 € 2.514,77 € 2.565,82 € 2.638,98
21 jaar, 3 functiejaren   € 2.453,52 € 2.485,85 € 2.538,59 € 2.598,14 € 2.698,53
21 jaar, 4 functiejaren   € 2.463,73 € 2.497,76 € 2.562,41 € 2.630,47 € 2.758,08
21 jaar, 5 functiejaren   € 2.473,94 € 2.509,67 € 2.586,23 € 2.662,80 € 2.817,63
21 jaar, 6 functiejaren   € 2.487,55 € 2.521,58 € 2.611,76 € 2.696,83 € 2.878,89

Bron: CAO-tekst KNDB-CAO voor zelfstandige drogisterijbedrijven, looptijd 1 juli 2026 t/m 31 december 2027 (artikel 4.1 en bijlage 1 Loonschalen).

 

 

Naar de pagina van de CAO drogisterijen

 

Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële CAO-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige CAO-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de CAO-tekst is de CAO-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.

  • Laatste update op .

CAO-tekst en samenvatting CAO zelfstandige drogisterijen 2026 - 2027 (KNDB) beschikbaar

De volledige CAO-tekst (het CAO-boekje) en de samenvatting met salaristabel van de CAO voor zelfstandigde drogisterijen 2026 - 2027 zijn beschikbaar. De CAO heeft een looptijd van 1 juli 2026 t/m 31 december 2027.

 

De loonsverhogingen tijdens deze looptijd:

  • 1 juli 2026: 2% salarisverhoging
  • 1 januari 2027: 1,5% salarisverhoging
  • 1 juli 2027: 1,25% salarisverhoging (of het WML-percentage, als dat hoger is)

 

De volledige CAO-tekst kunt u hier downloaden.

 

Wilt u snel de belangrijkste afspraken uit deze CAO doornemen? Bekijk dan de samenvatting en salaristabel van de CAO drogisterijen 2026 - 2027, met onder meer de loonsverhogingen, vakantiedagen, vakantiebijslag, overwerktoeslag, tijdschalenmodel, bijzonder verlof en doorbetaling bij ziekte overzichtelijk op een rij.

 

Wilt u op de hoogte blijven van toekomstige ontwikkelingen in deze CAO? Meldt u dan hiernaast aan voor de gratis nieuwsbrief.

 

Naar de pagina van de CAO drogisterijen

  • Laatste update op .