Samenvatting CAO reclassering 2025 - 2026
De CAO reclassering 2025 - 2026 loopt van 1 oktober 2025 t/m 30 september 2026. De salarisschalen stijgen met 2% per 1 oktober 2025 (met terugwerkende kracht) en met 2% per 1 januari 2026. Daarnaast ontvangen medewerkers een eindejaarsuitkering van 8,33% per maand. Deze pagina zet de belangrijkste arbeidsvoorwaarden op een rij.
Laatst gecontroleerd op 22 september 2026. Bron: cao-tekst CAO reclassering, looptijd 1 oktober 2025 t/m 30 september 2026 (artikelen 3, 4, 26).
Stamgegevens
Kerngegevens CAO reclassering 2025 - 2026
| Looptijd | 1 oktober 2025 t/m 30 september 2026 |
|---|---|
| Cao-partijen | Stichting Reclassering Nederland (Utrecht) en Stichting Leger des Heils Jeugdbescherming en Reclassering (Almere) (werkgevers); FNV en CNV (werknemers) |
| Loonsverhoging | 2% per 1 oktober 2025 (met terugwerkende kracht) en 2% per 1 januari 2026 |
| Vakantiedagen | 212,9 uur per jaar bij een 36-urige werkweek (165,6 uur vakantieverlof + 47,3 uur voor feestdagen), plus 25 uur persoonlijk levensfaseverlof |
| Vakantietoeslag | 8% van het maandelijkse salaris, met een minimum van € 192,- per maand |
| Overwerkvergoeding | 25% tot 100% toeslag op het uurloon, afhankelijk van het tijdstip; niet van toepassing bij salarisschaal 11 of hoger |
| Reiskostenvergoeding | Het maximaal fiscaal toelaatbare bedrag netto per kilometer, voor maximaal 60 km per dag |
| Bijzonder verlof | Doorbetaald verlof volgens een vaste tabel, o.a. 2 dagen bij eigen huwelijk en 4 dagen bij overlijden van een naaste in de eerste graad |
| Doorbetaling bij ziekte | 100% (week 1-26), 90% (week 27-52), 80% (week 53-78) en 70% (week 79-104) van het laatstverdiende salaris, met een eventuele re-integratiebonus |
| Dertiende maand/eindejaarsuitkering | Eindejaarsuitkering van 8,33% van het maandelijkse salaris, uitbetaald in december |
| Thuiswerkvergoeding | De maximaal toelaatbare fiscale netto thuiswerkvergoeding per thuiswerkdag |
| Pensioenfonds | Stichting Pensioenfonds ABP |
| Opzegtermijn werkgever | 2 tot 4 maanden, afhankelijk van de diensttijd (korter dan 10 jaar: 2 maanden, oplopend tot 15 jaar of langer: 4 maanden) |
| Opzegtermijn werknemer | 1 maand bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, 2 maanden bij onbepaalde tijd |
Salarisverhogingen
- De bruto salarisschalen worden met terugwerkende kracht vanaf 1 oktober 2025 structureel verhoogd met 2% (art. 26 lid 1).
- Per 1 januari 2026 worden de bruto salarisschalen nogmaals structureel verhoogd met 2% (art. 26 lid 2).
- De werkgever zorgt er in alle gevallen voor dat ten minste het wettelijk minimumloon wordt betaald (art. 26 lid 3).
Vakantiedagen
- Een werknemer met een volledig dienstverband (36 uur) heeft recht op 165,6 uur vakantieverlof per kalenderjaar, plus 47,3 uur voor erkende feestdagen: in totaal 212,9 uur (art. 39 lid 2-3).
- Van het wettelijke deel van het vakantieverlof (144 uur) moet jaarlijks ten minste 75% worden opgenomen (art. 39 lid 5).
- Daarnaast heeft een werknemer recht op 25 uur persoonlijk levensfaseverlof per jaar (art. 40 lid 1).
- Niet-opgenomen vakantieverlof en persoonlijk levensfaseverlof mag worden meegenomen naar het volgende kalenderjaar en vervalt vijf jaar na afloop van het jaar waarin het is opgebouwd (art. 41-42).
- Een werknemer mag met instemming van de werkgever maximaal vijf keer zijn jaarlijkse vakantieverlof opsparen voor individuele doeleinden (art. 42 lid 2).
Overwerkvergoeding
- Een werknemer in salarisschaal 11 of hoger komt niet in aanmerking voor overwerkvergoeding (Uitvoeringsregeling B, art. 1).
- Overwerk korter dan een half uur, aansluitend op de dagelijkse werktijd, wordt niet vergoed (Uitvoeringsregeling B, art. 2).
- De vergoeding bestaat uit verlof gelijk aan de duur van het overwerk, plus een financiële toeslag van 25% (doordeweeks 6-22 uur), 50% (doordeweeks 0-6 en 22-24 uur, of zaterdag/zondag 6-22 uur) tot 100% (zaterdag/zondag 0-6 en 22-24 uur) van het uurloon (Uitvoeringsregeling B, art. 6). Feestdagen tellen hierbij als zondag.
- Daarnaast geldt een aparte toeslag voor onregelmatige dienst: 20% tot 40% doordeweeks buiten kantooruren, 70% op zaterdag, 100% op zondag en feestdagen (art. 37 lid 3).
- Een werknemer die binnen 5 jaar de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt, mag opgedragen overwerk weigeren (art. 36 lid 3).
Reiskostenvergoeding
De reiskostenvergoeding woon-werkverkeer is geregeld in Uitvoeringsregeling D, artikel 2b (geldig vanaf 1 januari 2025).
- Een werknemer zonder verhuisplicht heeft recht op een tegemoetkoming in de reiskosten woon-werkverkeer van het maximaal fiscaal toelaatbare bedrag netto per kilometer, ongeacht het gebruikte vervoermiddel.
- Wordt de belastingvrije reiskostenvergoeding door de overheid verhoogd, dan indexeert de werkgever automatisch mee naar het nieuwe fiscaal toelaatbare bedrag.
- Per dag komt maximaal 60 kilometer voor vergoeding in aanmerking.
- Sinds 1 januari 2025 geldt geen drempel meer van een minimale reisafstand (de eerdere 10 km-drempel is vervallen).
- Voor dienstreizen (reizen in opdracht van de werkgever) geldt een aparte vergoeding op basis van Uitvoeringsregeling D (art. 74).
Bijzonder verlof
Bijzonder verlof van korte duur is geregeld in de artikelen 56 t/m 60 van de cao. De werkgever kent doorbetaald verlof toe, tenzij het redelijke belang van het werk of de organisatie zich daartegen verzet:
| Situatie | Verlof |
|---|---|
| Woningzoeken bij opgelegde verhuisplicht | Maximaal 2 dagen (art. 56a) |
| Verhuizing bij opgelegde verhuisplicht | Maximaal 2 dagen, bij eigen huishouding tot 3 of in bijzondere gevallen 4 dagen (art. 56b) |
| Overlijden van een verwant in de eerste graad | 4 dagen (art. 57 lid 2a) |
| Overlijden van een verwant in de tweede graad | 2 dagen (art. 57 lid 2b) |
| Overlijden van een verwant in de derde of vierde graad | Maximaal 1 dag (art. 57 lid 2c) |
| Regeling begrafenis/crematie/nalatenschap bij overlijden 2e-4e graad | Maximaal 4 dagen (art. 57 lid 2d) |
| Vakbondsactiviteiten (bestuurslid/kaderlid, vergaderingen) | Maximaal 15 tot 30 dagen per jaar, afhankelijk van de activiteit (art. 55) |
Daarnaast: doorbetaald verlof voor het uitoefenen van kiesrecht en wettelijke verplichtingen (art. 53), voor het bijwonen van vergaderingen van publiekrechtelijke colleges (art. 54), onbetaald verlof voor mantelzorg (art. 62), en overig buitengewoon verlof van korte of lange duur naar oordeel van de werkgever (art. 58, 60).
Doorbetaling bij ziekte
- Bij ziekte ontvangt een werknemer gedurende maximaal 104 weken een doorbetaling volgens een aflopend percentage van het laatstverdiende salaris: 100% in week 1 t/m 26, 90% in week 27 t/m 52, 80% in week 53 t/m 78 en 70% in week 79 t/m 104 (art. 65 lid 1).
- Een werknemer ontvangt in ieder geval ten minste het wettelijk minimumloon naar rato van zijn arbeidsduur (art. 65 lid 2).
- Werkt een werknemer mee aan re-integratie (in een passende functie, tegen een lager salaris, of via scholing), dan komt daar een re-integratiebonus bij: 7,5% vanaf week 27 t/m 65, en 5% vanaf week 65 t/m 104, zodat het totaal in die periode oploopt tot 97,5% (week 27-52), 87,5% (week 53-65), 85% (week 66-78) en 75% (week 79-104) (art. 65 lid 3-4).
- Bij arbeidsongeschiktheid door een bedrijfsongeval buiten eigen schuld geldt gedurende de volledige 104 weken 100% doorbetaling (art. 65 lid 9).
- De werkgever betaalt het werkgeversaandeel in de ABP-pensioenpremie door tijdens (gedeeltelijke) arbeidsongeschiktheid, met een maximum van 2 jaar (bij loonsanctie 3 jaar) (art. 65 lid 15).
Dertiende maand / eindejaarsuitkering
- Een werknemer heeft recht op een eindejaarsuitkering voor iedere maand of elk deel van een maand waarin salaris is genoten (art. 32 lid 1).
- De eindejaarsuitkering bedraagt per kalendermaand 8,33% van het in die maand genoten salaris (art. 32 lid 2).
- De eindejaarsuitkering wordt in december uitbetaald; een werknemer kan er ook voor kiezen deze maandelijks te laten uitbetalen (art. 32 lid 3-4).
- Bij ontslag wordt de eindejaarsuitkering uitbetaald over het tijdvak sinds de laatste uitbetaling (art. 32 lid 5).
Thuiswerkvergoeding
Een werknemer heeft recht op een thuiswerkvergoeding als hij thuiswerkt tijdens roosterdagen (art. 96 lid 2). De vergoeding is sinds 1 januari 2024 gelijk aan de maximaal toelaatbare fiscale netto vergoeding, en wordt automatisch verhoogd als de wettelijke, fiscaal onbelaste norm stijgt (art. 96 lid 3 en 6). Vanaf 1 oktober 2025 mag op één dag zowel de thuiswerkvergoeding als de dienstreisvergoeding worden gedeclareerd, als beide kosten op die dag daadwerkelijk zijn gemaakt (art. 96 lid 5). Declareren kan tot uiterlijk een half jaar na de betreffende thuiswerkdag. Daarnaast kan een werknemer eens per 5 jaar maximaal € 700 aan thuiswerkfaciliteiten aanschaffen (art. 96 lid 7).
Pensioenfonds
- De pensioenregeling van de CAO reclassering is ondergebracht bij de Stichting Pensioenfonds ABP (zie o.a. de definitiebepalingen in art. 63 sub f en g).
- Bij (gedeeltelijke) arbeidsongeschiktheid blijft de werkgever het werkgeversaandeel in de ABP-pensioenpremie doorbetalen, op basis van de volledige arbeidsduur, met een maximum van 2 jaar (bij een loonsanctie 3 jaar) na de eerste ziektedag (art. 65 lid 15).
- Voor de exacte premieverdeling en pensioenopbouw verwijst de cao naar het pensioenreglement van het ABP.
Opzegtermijn
- Een werknemer die zijn arbeidsovereenkomst wil beëindigen, hanteert een opzegtermijn van 1 maand bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, en 2 maanden bij onbepaalde tijd (art. 86 lid 1).
- De door de werkgever te hanteren opzegtermijn is gestaffeld naar diensttijd: korter dan 10 jaar: 2 maanden; 10 tot 15 jaar: 3 maanden; 15 jaar of langer: 4 maanden (art. 87 lid 4).
- De opzegtermijn gaat in op de eerste dag van de kalendermaand volgend op de opzegging (art. 86 lid 3, art. 87 lid 4).
- De arbeidsovereenkomst eindigt van rechtswege op de dag waarop de werknemer de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt (art. 85 sub g, art. 89).
Salaristabel CAO reclassering 2025 - 2026
Voor de volledige salaristabel (welke salarisschaal en welk periodieknummer bij welk bedrag hoort) verwijzen wij naar Bijlage 3 van het cao-boekje zelf (pagina 66). Deze bijlage is in het boekje als afbeelding opgenomen: een matrix van 95 doorlopende rijen ("IP-nummers"), waarachter de 18 salarisschalen van de cao elk op een eigen rij beginnen en een eigen reeks periodieken doorlopen. Om onbedoelde overnamefouten in een tabel die rechtstreeks iemands loon raakt te voorkomen, hebben wij ervoor gekozen deze matrix niet zelf te reconstrueren, maar te verwijzen naar de brontabel.
Wel hebben wij, als extra controlemiddel, de 95 basisbedragen (per "nr") overgenomen en gecontroleerd tegen de wettelijke 2%-verhogingen per 1 oktober 2025 en 1 januari 2026 (artikel 26): 94 van de 95 rijen kwamen daarbij exact overeen met de berekende bedragen, wat een sterke bevestiging is dat onderstaande basisbedragen kloppen. Zoek in Bijlage 3 van het boekje op welk periodieknummer van uw salarisschaal bij welk "nr" hoort, en lees dat bedrag hieronder af.
| nr | 1 jan. 2025 | 1 okt. 2025 (+2%) | 1 jan. 2026 (+2%) |
|---|---|---|---|
| 1 | € 2.460 | € 2.509 | € 2.559 |
| 2 | € 2.499 | € 2.549 | € 2.600 |
| 3 | € 2.545 | € 2.596 | € 2.648 |
| 4 | € 2.588 | € 2.640 | € 2.693 |
| 5 | € 2.616 | € 2.668 | € 2.721 |
| 6 | € 2.665 | € 2.718 | € 2.772 |
| 7 | € 2.708 | € 2.762 | € 2.817 |
| 8 | € 2.763 | € 2.818 | € 2.874 |
| 9 | € 2.831 | € 2.888 | € 2.946 |
| 10 | € 2.900 | € 2.958 | € 3.017 |
| 11 | € 2.973 | € 3.032 | € 3.093 |
| 12 | € 3.046 | € 3.107 | € 3.169 |
| 13 | € 3.124 | € 3.186 | € 3.250 |
| 14 | € 3.204 | € 3.268 | € 3.333 |
| 15 | € 3.280 | € 3.346 | € 3.413 |
| 16 | € 3.353 | € 3.420 | € 3.488 |
| 17 | € 3.428 | € 3.497 | € 3.567 |
| 18 | € 3.506 | € 3.576 | € 3.648 |
| 19 | € 3.579 | € 3.651 | € 3.724 |
| 20 | € 3.492 | € 3.562 | € 3.633 |
| 21 | € 3.653 | € 3.726 | € 3.801 |
| 22 | € 3.724 | € 3.798 | € 3.874 |
| 23 | € 3.639 | € 3.712 | € 3.786 |
| 24 | € 3.798 | € 3.874 | € 3.951 |
| 25 | € 3.801 | € 3.877 | € 3.955 |
| 26 | € 3.883 | € 3.961 | € 4.040 |
| 27 | € 3.957 | € 4.036 | € 4.117 |
| 28 | € 3.959 | € 4.038 | € 4.119 |
| 29 | € 4.041 | € 4.122 | € 4.204 |
| 30 | € 4.092 | € 4.174 | € 4.257 |
| 31 | € 4.114 | € 4.196 | € 4.280 |
| 32 | € 4.119 | € 4.201 | € 4.285 |
| 33 | € 4.193 | € 4.277 | € 4.363 |
| 34 | € 4.263 | € 4.348 | € 4.435 |
| 35 | € 4.276 | € 4.362 | € 4.449 |
| 36 | € 4.349 | € 4.436 | € 4.525 |
| 37 | € 4.425 | € 4.514 | € 4.604 |
| 38 | € 4.425 | € 4.514 | € 4.604 |
| 39 | € 4.501 | € 4.591 | € 4.683 |
| 40 | € 4.553 | € 4.644 | € 4.737 |
| 41 | € 4.578 | € 4.670 | € 4.763 |
| 42 | € 4.587 | € 4.679 | € 4.773 |
| 43 | € 4.740 | € 4.835 | € 4.932 |
| 44 | € 4.750 | € 4.845 | € 4.942 |
| 45 | € 4.911 | € 5.009 | € 5.109 |
| 46 | € 4.917 | € 5.015 | € 5.115 |
| 47 | € 5.078 | € 5.180 | € 5.284 |
| 48 | € 5.092 | € 5.194 | € 5.298 |
| 49 | € 5.129 | € 5.232 | € 5.337 |
| 50 | € 5.240 | € 5.345 | € 5.452 |
| 51 | € 5.439 | € 5.548 | € 5.659 |
| 52 | € 5.578 | € 5.690 | € 5.804 |
| 53 | € 5.664 | € 5.777 | € 5.893 |
| 54 | € 5.700 | € 5.814 | € 5.930 |
| 55 | € 5.799 | € 5.915 | € 6.033 |
| 56 | € 5.834 | € 5.951 | € 6.070 |
| 57 | € 5.939 | € 6.058 | € 6.179 |
| 58 | € 5.975 | € 6.095 | € 6.217 |
| 59 | € 6.084 | € 6.206 | € 6.330 |
| 60 | € 6.115 | € 6.237 | € 6.362 |
| 61 | € 6.173 | € 6.296 | € 6.422 |
| 62 | € 6.205 | € 6.329 | € 6.456 |
| 63 | € 6.355 | € 6.482 | € 6.612 |
| 64 | € 6.487 | € 6.617 | € 6.749 |
| 65 | € 6.648 | € 6.781 | € 6.917 |
| 66 | € 6.743 | € 6.878 | € 7.016 |
| 67 | € 6.916 | € 7.054 | € 7.195 |
| 68 | € 6.957 | € 7.096 | € 7.238 |
| 69 | € 6.981 | € 7.121 | € 7.263 |
| 70 | € 7.089 | € 7.231 | € 7.376 |
| 71 | € 7.143 | € 7.286 | € 7.432 |
| 72 | € 7.242 | € 7.387 | € 7.535 |
| 73 | € 7.315 | € 7.461 | € 7.610 |
| 74 | € 7.414 | € 7.562 | € 7.713 |
| 75 | € 7.474 | € 7.623 | € 7.775 |
| 76 | € 7.509 | € 7.659 | € 7.812 |
| 77 | € 7.629 | € 7.782 | € 7.938 |
| 78 | € 7.687 | € 7.841 | € 7.998 |
| 79 | € 7.766 | € 7.921 | € 8.079 |
| 80 | € 7.835 | € 7.992 | € 8.152 |
| 81 | € 7.979 | € 8.139 | € 8.302 |
| 82 | € 8.022 | € 8.182 | € 8.346 |
| 83 | € 8.156 | € 8.319 | € 8.485 |
| 84 | € 8.302 | € 8.468 | € 8.637 |
| 85 | € 8.500 | € 8.670 | € 8.843 |
| 86 | € 8.739 | € 8.914 | € 9.092 |
| 87 | € 8.966 | € 9.145 | € 9.328 |
| 88 | € 9.222 | € 9.406 | € 9.594 |
| 89 | € 9.502 | € 9.692 | € 9.886 |
| 90 | € 9.789 | € 9.985 | € 10.185 |
| 91 | € 10.071 | € 10.272 | € 10.477 |
| 92 | € 10.364 | € 10.571 | € 10.782 |
| 93 | € 10.667 | € 10.880 | € 11.098 |
| 94 | € 10.973 | € 11.192 | € 11.416 |
| 95 | € 11.295 | € 11.521 | € 11.751 |
Bron: cao-tekst CAO reclassering, looptijd 1 oktober 2025 t/m 30 september 2026 (Bijlage 3 bij Uitvoeringsregeling A, pagina 66).
Naar de pagina van de CAO reclassering
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten. Voor de exacte salaristabel (welke salarisschaal en periodiek bij welk bedrag hoort) verwijzen wij nadrukkelijk naar Bijlage 3 van het cao-boekje zelf.
