Dit is de samenvatting van de CAO primair onderwijs (CAO PO) 2025-2027.
Stamgegevens
Stamgegevens
Looptijd
1 november 2025 t/m 28 februari 2027 (art. 1.6). Bij geen tijdige opzegging (minimaal 3 maanden voor het einde) wordt de cao stilzwijgend met telkens 1 jaar verlengd.
Cao-partijen
Werkgevers: PO-Raad. Werknemers: AOb, AVS, CNV Onderwijs, FvOv en FNV.
Loonsverhoging
1 november 2025: 4,6%. 1 november 2026: 1,2%. De verhogingen werken door in de pensioenopbouw en de bovenwettelijke uitkeringen (art. 6.1a).
Vakantie-uitkering
8% per kalendermaand, uitbetaald in mei over de voorgaande 12 maanden (art. 6.12).
Eindejaarsuitkering
8,33% structureel, uitbetaald in december (art. 6.11).
Vakantieverlof
428 uur per jaar bij een fulltime dienstverband, inclusief de algemeen erkende feestdagen. Het verlof wordt in de schoolvakanties opgenomen (art. 8.1).
Overwerkvergoeding
Alleen voor OOP-werknemers in de schalen 1 t/m 10: verlof plus een percentage van het salaris in geld of extra verlof, afhankelijk van het tijdstip van het overwerk (art. 6.24).
Opzegtermijn werkgever
1 maand bij een dienstverband van 12 maanden of korter, of bij AOW-gerechtigde leeftijd; 2 maanden bij een dienstverband langer dan 12 maanden maar korter dan 5 jaar; 3 maanden bij een dienstverband van 5 jaar of langer (art. 3.9).
Opzegtermijn werknemer
1 maand bij een dienstverband korter dan 12 maanden; 2 maanden bij een dienstverband van 12 maanden of langer (art. 3.9).
Salarisverhogingen
Per 1 november 2025 worden alle salarisbedragen structureel verhoogd met 4,6%.
Per 1 november 2026 worden de salarisbedragen nogmaals structureel verhoogd met 1,2%.
Beide verhogingen werken door in de pensioenopbouw en de bovenwettelijke uitkeringen (art. 6.1a).
Per 1 juli 2026 wordt salarisschaal OOP10 geharmoniseerd met schaal LB (art. 6.1b). Werknemers die op 30 juni 2026 in schaal 10 zitten, worden volgens een conversietabel opnieuw ingeschaald; afhankelijk van hun trede op dat moment kunnen zij daarnaast tijdelijk recht hebben op een overgangstoelage van € 25 per maand (12 of 24 maanden) of een eenmalige toelage van € 50.
Bij afwezigheid van eigen beloningsbeleid wordt het salaris van de werknemer op 1 augustus met één periodiek verhoogd (art. 6.1 lid 10).
Vakantieverlof
De werknemer heeft recht op 428 uur vakantieverlof per jaar bij een fulltime dienstverband; dit is inclusief de algemeen erkende feestdagen (art. 8.1).
Het verlof wordt in de schoolvakanties opgenomen. Heeft de werknemer meer verlofuren dan nodig voor alle schoolvakanties, dan wordt het restant in overleg op een ander moment opgenomen.
De opbouw van het vakantieverlof loopt van 1 oktober tot 1 oktober, tenzij de werkgever met instemming van de PGMR anders bepaalt.
Het verlof bestaat uit wettelijk vakantieverlof (viermaal de wekelijkse arbeidsduur) en bovenwettelijk vakantieverlof; de werknemer bouwt dit per maand op in twaalfde delen.
Bij een dienstverband van een deel van het jaar geldt een evenredig deel van de 428 uur.
Overwerkvergoeding
De overwerkregeling geldt uitsluitend voor OOP-werknemers (onderwijsondersteunend personeel) in de salarisschalen 1 t/m 10 (art. 6.24).
Overwerk is arbeid buiten de afgesproken werktijd, voor zover deze met een half uur of meer wordt overschreden.
Bij WEC-scholen/Centrale Diensten wordt overwerk gecompenseerd in verlof, aangevuld met extra verlof; bij WPO-scholen in verlof plus een geldbedrag. Beide vormen kennen dezelfde percentages, afhankelijk van het tijdstip:
Tijdstip
Zondag
Maandag
Di./wo./do./vr.
Zaterdag
00.00-06.00 uur
100%
100%
50%
50%
06.00-18.00 uur
100%
25%
25%
50%
18.00-20.00 uur
100%
25%
25%
75%
20.00-24.00 uur
100%
50%
50%
75%
Bij meer dan 2 uur overwerk op maandag t/m vrijdag tussen 6.00 en 20.00 uur geldt voor het meerdere 50% in plaats van de percentages in de tabel. Op algemeen erkende feestdagen (en de nacht erna tot 6.00 uur) geldt altijd 100%.
Opzegtermijn
Opzegging geschiedt tegen het einde van de maand, tenzij anders overeengekomen.
Voor de werkgever geldt: 1 maand bij een dienstverband van 12 maanden of korter; 1 maand bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd door de werknemer; 2 maanden bij een dienstverband langer dan 12 maanden maar korter dan 5 jaar; 3 maanden bij een dienstverband van 5 jaar of langer (art. 3.9).
Voor de werknemer geldt: 1 maand bij een dienstverband korter dan 12 maanden; 2 maanden bij een dienstverband van 12 maanden of langer.
Werkgever en werknemer kunnen in onderling overleg van deze termijnen afwijken.
Bijlagen A1, A2 en A3 van de cao bevatten de salaristabellen voor respectievelijk (adjunct-)directeuren, leraren en onderwijsondersteunend personeel (OOP). Bedragen zijn bruto maandbedragen bij een werktijdfactor van 1,000. Per 1 juli 2026 wijzigt uitsluitend salarisschaal OOP10; deze wordt dan gelijkgesteld aan schaal LB. Met ingang van 1 juli 2025 bedraagt het minimumsalaris per maand € 2.505,60; per 1 januari 2026 is dit € 2.559,54 (in verband met de verhoging van het wettelijk minimumuurloon). Schaaltreden waarvoor de tabel een lager bedrag geeft, worden gecorrigeerd naar het geldende minimumsalaris.
Directeuren per 1 november 2025 (huidig)
Trede
D12
D13
D14
D15
1
€ 3.659
€ 5.691
€ 6.517
€ 6.841
2
€ 3.874
€ 5.889
€ 6.681
€ 7.004
3
€ 4.125
€ 6.088
€ 7.004
€ 7.209
4
€ 4.376
€ 6.285
€ 7.209
€ 7.621
5
€ 4.627
€ 6.483
€ 7.416
€ 7.828
6
€ 4.910
€ 6.682
€ 7.621
€ 8.036
7
€ 5.225
€ 6.879
€ 7.828
€ 8.253
8
€ 5.577
€ 7.076
€ 8.036
€ 8.478
9
€ 5.960
€ 7.274
€ 8.253
€ 8.708
10
€ 6.378
€ 7.471
€ 8.478
€ 8.984
11
€ 6.828
€ 7.670
€ 8.708
€ 9.270
12
€ 7.313
€ 7.867
€ 9.562
13
€ 8.065
Directeuren per 1 november 2026
Trede
D12
D13
D14
D15
1
€ 3.703
€ 5.760
€ 6.595
€ 6.923
2
€ 3.921
€ 5.960
€ 6.761
€ 7.088
3
€ 4.174
€ 6.161
€ 7.088
€ 7.296
4
€ 4.428
€ 6.360
€ 7.296
€ 7.713
5
€ 4.682
€ 6.560
€ 7.505
€ 7.922
6
€ 4.968
€ 6.762
€ 7.713
€ 8.133
7
€ 5.288
€ 6.961
€ 7.922
€ 8.352
8
€ 5.644
€ 7.161
€ 8.133
€ 8.579
9
€ 6.031
€ 7.361
€ 8.352
€ 8.812
10
€ 6.454
€ 7.561
€ 8.579
€ 9.091
11
€ 6.910
€ 7.762
€ 8.812
€ 9.381
12
€ 7.401
€ 7.962
€ 9.676
13
€ 8.162
Adjunct-directeuren per 1 november 2025 (huidig)
Trede
A11
A12
A13
1
€ 3.644
€ 3.659
€ 5.691
2
€ 3.817
€ 3.874
€ 5.889
3
€ 4.015
€ 4.125
€ 6.088
4
€ 4.213
€ 4.376
€ 6.285
5
€ 4.409
€ 4.627
€ 6.483
6
€ 4.629
€ 4.910
€ 6.682
7
€ 4.873
€ 5.225
€ 6.879
8
€ 5.138
€ 5.577
€ 7.076
9
€ 5.427
€ 5.960
€ 7.274
10
€ 5.740
€ 6.378
€ 7.471
11
€ 6.074
€ 6.828
€ 7.670
12
€ 6.432
€ 7.313
€ 7.867
13
€ 8.065
Adjunct-directeuren per 1 november 2026
Trede
A11
A12
A13
1
€ 3.688
€ 3.703
€ 5.760
2
€ 3.863
€ 3.921
€ 5.960
3
€ 4.063
€ 4.174
€ 6.161
4
€ 4.264
€ 4.428
€ 6.360
5
€ 4.462
€ 4.682
€ 6.560
6
€ 4.685
€ 4.968
€ 6.762
7
€ 4.931
€ 5.288
€ 6.961
8
€ 5.200
€ 5.644
€ 7.161
9
€ 5.492
€ 6.031
€ 7.361
10
€ 5.809
€ 6.454
€ 7.561
11
€ 6.147
€ 6.910
€ 7.762
12
€ 6.509
€ 7.401
€ 7.962
13
€ 8.162
Leraren per 1 november 2025 (huidig)
Trede
LB
LC
LD
LE
1
€ 3.622
€ 3.644
€ 3.659
€ 4.695
2
€ 3.710
€ 3.817
€ 3.874
€ 4.870
3
€ 3.821
€ 4.015
€ 4.125
€ 5.025
4
€ 3.933
€ 4.213
€ 4.376
€ 5.341
5
€ 4.046
€ 4.409
€ 4.627
€ 5.691
6
€ 4.185
€ 4.629
€ 4.910
€ 6.011
7
€ 4.348
€ 4.873
€ 5.225
€ 6.329
8
€ 4.533
€ 5.138
€ 5.577
€ 6.649
9
€ 4.742
€ 5.427
€ 5.960
€ 6.969
10
€ 4.975
€ 5.740
€ 6.378
€ 7.287
11
€ 5.234
€ 6.074
€ 6.828
€ 7.605
12
€ 5.520
€ 6.432
€ 7.313
€ 8.065
Leraren per 1 november 2026
Trede
LB
LC
LD
LE
1
€ 3.665
€ 3.688
€ 3.703
€ 4.752
2
€ 3.754
€ 3.863
€ 3.921
€ 4.928
3
€ 3.867
€ 4.063
€ 4.174
€ 5.086
4
€ 3.980
€ 4.264
€ 4.428
€ 5.405
5
€ 4.094
€ 4.462
€ 4.682
€ 5.760
6
€ 4.235
€ 4.685
€ 4.968
€ 6.083
7
€ 4.400
€ 4.931
€ 5.288
€ 6.405
8
€ 4.587
€ 5.200
€ 5.644
€ 6.729
9
€ 4.799
€ 5.492
€ 6.031
€ 7.052
10
€ 5.035
€ 5.809
€ 6.454
€ 7.374
11
€ 5.296
€ 6.147
€ 6.910
€ 7.696
12
€ 5.586
€ 6.509
€ 7.401
€ 8.162
OOP per 1 juli 2026 (huidig)
Trede
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
1
€ 2.416
€ 2.458
€ 2.496
€ 2.524
€ 2.551
€ 2.672
€ 2.798
€ 3.022
€ 3.326
€ 3.622
€ 3.644
€ 3.659
€ 5.691
€ 6.517
€ 6.841
€ 7.416
€ 8.036
2
€ 2.471
€ 2.519
€ 2.574
€ 2.598
€ 2.637
€ 2.766
€ 2.902
€ 3.152
€ 3.496
€ 3.710
€ 3.817
€ 3.874
€ 5.889
€ 6.681
€ 7.004
€ 7.621
€ 8.253
3
€ 2.525
€ 2.580
€ 2.651
€ 2.673
€ 2.723
€ 2.859
€ 3.005
€ 3.281
€ 3.835
€ 3.821
€ 4.015
€ 4.125
€ 6.088
€ 7.004
€ 7.209
€ 7.828
€ 8.478
4
€ 2.580
€ 2.641
€ 2.729
€ 2.748
€ 2.810
€ 2.953
€ 3.109
€ 3.411
€ 4.030
€ 3.933
€ 4.213
€ 4.376
€ 6.285
€ 7.209
€ 7.621
€ 8.253
€ 8.984
5
€ 2.634
€ 2.702
€ 2.806
€ 2.822
€ 2.896
€ 3.047
€ 3.212
€ 3.541
€ 4.201
€ 4.046
€ 4.409
€ 4.627
€ 6.483
€ 7.416
€ 7.828
€ 8.478
€ 9.270
6
€ 2.689
€ 2.764
€ 2.884
€ 2.897
€ 2.982
€ 3.141
€ 3.316
€ 3.671
€ 4.371
€ 4.185
€ 4.629
€ 4.910
€ 6.682
€ 7.621
€ 8.036
€ 8.708
€ 9.562
7
€ 2.743
€ 2.825
€ 2.961
€ 2.971
€ 3.068
€ 3.235
€ 3.419
€ 3.800
€ 4.534
€ 4.348
€ 4.873
€ 5.225
€ 6.879
€ 7.828
€ 8.253
€ 8.984
€ 9.868
8
€ 2.886
€ 3.039
€ 3.046
€ 3.154
€ 3.329
€ 3.523
€ 3.930
€ 4.695
€ 4.533
€ 5.138
€ 5.577
€ 7.076
€ 8.036
€ 8.478
€ 9.270
€ 10.179
9
€ 3.116
€ 3.121
€ 3.240
€ 3.422
€ 3.626
€ 4.060
€ 4.870
€ 4.742
€ 5.427
€ 5.960
€ 7.274
€ 8.253
€ 8.708
€ 9.562
€ 10.503
10
€ 3.195
€ 3.326
€ 3.516
€ 3.730
€ 4.190
€ 5.025
€ 4.975
€ 5.740
€ 6.378
€ 7.471
€ 8.478
€ 8.984
€ 9.868
€ 10.839
11
€ 3.412
€ 3.610
€ 3.833
€ 4.320
€ 5.234
€ 6.074
€ 6.828
€ 7.670
€ 8.708
€ 9.270
€ 10.179
€ 11.182
12
€ 3.937
€ 4.449
€ 5.520
€ 6.432
€ 7.313
€ 7.867
€ 9.562
€ 10.503
€ 11.537
13
€ 8.065
Kolommen 1 t/m 9 en 11 t/m 17 zijn de salarisschalen OOP1 t/m OOP9 en OOP11 t/m OOP17; kolom 10 is de per 1 juli 2026 geharmoniseerde schaal OOP10 (gelijk aan schaal LB). Niet elke schaal kent evenveel treden.
OOP per 1 november 2026
Trede
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
1
€ 2.445
€ 2.487
€ 2.526
€ 2.554
€ 2.582
€ 2.704
€ 2.832
€ 3.058
€ 3.366
€ 3.665
€ 3.688
€ 3.703
€ 5.760
€ 6.595
€ 6.923
€ 7.505
€ 8.133
2
€ 2.500
€ 2.549
€ 2.605
€ 2.629
€ 2.669
€ 2.799
€ 2.936
€ 3.189
€ 3.538
€ 3.754
€ 3.863
€ 3.921
€ 5.960
€ 6.761
€ 7.088
€ 7.713
€ 8.352
3
€ 2.555
€ 2.611
€ 2.683
€ 2.705
€ 2.756
€ 2.894
€ 3.041
€ 3.321
€ 3.881
€ 3.867
€ 4.063
€ 4.174
€ 6.161
€ 7.088
€ 7.296
€ 7.922
€ 8.579
4
€ 2.611
€ 2.673
€ 2.761
€ 2.780
€ 2.843
€ 2.989
€ 3.146
€ 3.452
€ 4.078
€ 3.980
€ 4.264
€ 4.428
€ 6.360
€ 7.296
€ 7.713
€ 8.352
€ 9.091
5
€ 2.666
€ 2.735
€ 2.840
€ 2.856
€ 2.930
€ 3.084
€ 3.251
€ 3.583
€ 4.252
€ 4.094
€ 4.462
€ 4.682
€ 6.560
€ 7.505
€ 7.922
€ 8.579
€ 9.381
6
€ 2.721
€ 2.797
€ 2.918
€ 2.932
€ 3.018
€ 3.179
€ 3.355
€ 3.715
€ 4.424
€ 4.235
€ 4.685
€ 4.968
€ 6.762
€ 7.713
€ 8.133
€ 8.812
€ 9.676
7
€ 2.776
€ 2.859
€ 2.997
€ 3.007
€ 3.105
€ 3.274
€ 3.460
€ 3.846
€ 4.589
€ 4.400
€ 4.931
€ 5.288
€ 6.961
€ 7.922
€ 8.352
€ 9.091
€ 9.986
8
€ 2.920
€ 3.075
€ 3.083
€ 3.192
€ 3.368
€ 3.565
€ 3.977
€ 4.752
€ 4.587
€ 5.200
€ 5.644
€ 7.161
€ 8.133
€ 8.579
€ 9.381
€ 10.301
9
€ 3.154
€ 3.158
€ 3.279
€ 3.463
€ 3.670
€ 4.109
€ 4.928
€ 4.799
€ 5.492
€ 6.031
€ 7.361
€ 8.352
€ 8.812
€ 9.676
€ 10.629
10
€ 3.234
€ 3.366
€ 3.558
€ 3.775
€ 4.240
€ 5.086
€ 5.035
€ 5.809
€ 6.454
€ 7.561
€ 8.579
€ 9.091
€ 9.986
€ 10.969
11
€ 3.453
€ 3.653
€ 3.879
€ 4.371
€ 5.296
€ 6.147
€ 6.910
€ 7.762
€ 8.812
€ 9.381
€ 10.301
€ 11.316
12
€ 3.984
€ 4.503
€ 5.586
€ 6.509
€ 7.401
€ 7.962
€ 9.676
€ 10.629
€ 11.675
13
€ 8.162
Kolommen zijn de salarisschalen OOP1 t/m OOP17 (schaal 10 in de per 1 juli 2026 geharmoniseerde vorm, gelijk aan schaal LB). Niet elke schaal kent evenveel treden.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO voor het schilders-, afwerkings-, vastgoedonderhoud- en glaszetbedrijf in Nederland (CAO SAVG/SAG) 2025-2028.
Stamgegevens
Stamgegevens
Looptijd
1 november 2025 t/m 31 december 2028 (38 maanden, art. 5). Bij geen tijdige opzegging (minimaal 3 maanden voor het einde) wordt de cao stilzwijgend met maximaal 1 jaar verlengd.
Cao-partijen
Werkgevers: OnderhoudNL. Werknemers: Landelijke Belangen Vereniging (LBV), FNV en CNV.
Loonsverhoging
1 januari 2026: 4%. 1 januari 2027: CPI (juli-juli) + 1,0%, met een minimum van 2,5% en een maximum van 4%. 1 januari 2028: CPI (juli-juli) + 1,0%, met een minimum van 2,5% en een maximum van 4% (art. 28).
Vakantiedagen
25 dagen per jaar (18 jaar en ouder); 29 dagen per jaar voor werknemers jonger dan 18 jaar met startkwalificatie (art. 37).
Vakantietoeslag
8%, uiterlijk uit te betalen in juni (art. 47).
Overwerktoeslag
25% op het PRIS-uurloon (met een maximum van het uurloon op het midden van de loongroep), voor werk na 170 uur per loonperiode van 4 weken. Niet van toepassing op de werknemer UTA (art. 29).
Opzegtermijn werkgever
1 maand bij een dienstverband dat op de dag van opzegging korter dan 5 jaar heeft geduurd; 2 maanden bij 5 jaar of langer (art. 10 lid 9).
Opzegtermijn werknemer
1 maand, tenzij in de arbeidsovereenkomst een andere termijn is overeengekomen (art. 10 lid 9).
Salarisverhogingen
Per 1 januari 2026 worden de uurlonen in de loonschalen (en, indien van toepassing, de FUWA-toeslag) verhoogd met 4%.
Per 1 januari 2027 geldt een verhoging van CPI (juli-juli) + 1,0%, met een minimum van 2,5% en een maximum van 4%.
Per 1 januari 2028 geldt eveneens een verhoging van CPI (juli-juli) + 1,0%, met een minimum van 2,5% en een maximum van 4%.
Wijzigingen, indexering en verhogingen gaan in aan het begin van de 4-wekelijkse loonperiode waarin de wijzigingsdatum valt. Procentueel vastgestelde toeslagen blijven bij een loonsverhoging gehandhaafd; toeslagen die in een vast bedrag zijn vastgesteld, wijzigen niet mee (art. 28).
Vakantiedagen
Het vakantiejaar loopt gelijk met het kalenderjaar (art. 37).
Werknemers van 18 jaar en ouder hebben recht op 25 vakantiedagen per jaar bij een volledig dienstverband; werknemers jonger dan 18 jaar met een startkwalificatie hebben recht op 29 dagen.
Bij in- of uitdiensttreding in de loop van het jaar geldt een evenredig deel; bij afronding telt minder dan een halve dag niet mee en meer dan een halve dag telt als hele dag.
De werknemer heeft recht op een aaneengesloten zomervakantie van 3 weken, mits voldoende vakantiedagen zijn opgebouwd.
De vrijdag na Hemelvaartsdag is een verplichte vakantiedag.
Overwerktoeslag
Overwerk is arbeid op verzoek van de werkgever na 170 uur per loonperiode van 4 weken, of na het aantal uren overeengekomen in de overlegregeling arbeidstijden of een jaarmodel (art. 29).
Voor ieder gewerkt overuur betaalt de werkgever een toeslag van 25% op het PRIS-uurloon, met een maximum van het uurloon op het midden van de toepasselijke loongroep.
Dit artikel geldt niet voor de werknemer UTA.
Daarnaast geldt een aparte toeslag voor werken op zaterdag, zondag of een algemeen erkende feestdag (art. 30): 40% op zaterdag en 100% op zondag/feestdag, beide met hetzelfde maximum (het uurloon op het midden van de loongroep). Deze toeslag vervalt als de werknemer zelf om het werken op die dag heeft verzocht en de werkgever dit honoreert.
Opzegtermijn
Opzegging dient voor het einde van de maand schriftelijk te geschieden, tenzij anders overeengekomen (art. 10 lid 9).
De werkgever neemt een opzegtermijn van 1 maand in acht bij een dienstverband dat op de dag van opzegging korter dan 5 jaar heeft geduurd, en 2 maanden bij 5 jaar of langer.
De opzegtermijn voor de werknemer bedraagt 1 maand, tenzij in de arbeidsovereenkomst een andere termijn is overeengekomen.
Bijlage 5 van de cao bevat de loonschalen (LG 1 t/m LG 9, elk met 9 periodieken en een aparte reeks aanloopschalen voor jongere werknemers). Bedragen zijn bruto uurlonen. Op het moment van publicatie van deze cao waren alleen de bedragen per 1 januari 2025 en per 1 januari 2026 (+4%) bekend; de verhogingen per 1 januari 2027 en 1 januari 2028 zijn gekoppeld aan de CPI en worden pas later in definitieve bedragen vastgesteld.
Loonschalen per 1 januari 2026 (huidig)
Periodiek
LG 1
LG 2
LG 3
LG 4
LG 5
LG 6
LG 7
LG 8
LG 9
9
€ 24,00
€ 25,37
€ 26,71
€ 28,19
€ 30,14
€ 32,26
€ 34,49
8
€ 21,53
€ 22,74
€ 23,40
€ 24,76
€ 26,07
€ 27,47
€ 29,38
€ 31,43
€ 33,63
7
€ 20,82
€ 21,97
€ 22,81
€ 24,20
€ 25,39
€ 26,76
€ 28,63
€ 30,63
€ 32,76
6
€ 20,10
€ 21,21
€ 22,19
€ 23,61
€ 24,70
€ 26,08
€ 27,89
€ 29,84
€ 31,90
5 (MIDDEN)
€ 19,36
€ 20,46
€ 21,60
€ 23,07
€ 24,05
€ 25,38
€ 27,14
€ 29,04
€ 31,05
4
€ 18,67
€ 19,69
€ 20,99
€ 22,32
€ 23,37
€ 24,65
€ 26,36
€ 28,20
€ 30,19
3
€ 17,93
€ 18,93
€ 20,41
€ 21,63
€ 22,73
€ 23,97
€ 25,61
€ 27,39
€ 29,32
2
€ 17,24
€ 18,18
€ 19,76
€ 20,94
€ 22,03
€ 23,26
€ 24,87
€ 26,60
€ 28,48
1
€ 19,18
€ 20,30
€ 21,40
€ 22,57
€ 24,11
€ 25,82
€ 27,62
Periodiek 5 is het midden van de loongroep; dit bedrag geldt onder meer als maximum voor overwerktoeslag en de toeslagen voor zaterdag/zondag/feestdagen en ploegendienst.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO Bedrijfsverzorgingsdiensten 2025-2027.
Stamgegevens
Stamgegevens
Looptijd
1 november 2025 t/m 31 december 2027 (art. 60). De cao eindigt van rechtswege; er is geen automatische stilzwijgende verlenging opgenomen.
Cao-partijen
Werkgevers: Werkgeversvereniging AB Nederland. Werknemers: CNV en FNV.
Loonsverhoging
1 januari 2026: 3,5%. 1 januari 2027: 3,5% (art. 17 en bijlage H).
Vakantiedagen
26 werkdagen per jaar bij een volledige werkweek (2 2/12 werkdag per maand dienstverband). Werknemers van 50 jaar en ouder hebben vanaf 1 januari 2026 daarnaast recht op 3 tot 7 extra vitaliteitsdagen, afhankelijk van de leeftijd (art. 30 en 30A).
Vakantietoeslag
8,25% van het loon, uit te betalen in april (art. 31).
Overwerktoeslag
35% van het basisuurloon bij meer dan 10 uur per dag. Daarnaast gelden aparte toeslagen voor inconveniënte uren, zondagen (75%) en feest-/gedenkdagen (50%, op 1e kerstdag 100%); toeslagen worden niet gecumuleerd, de hoogst geldende toeslag is van toepassing (art. 18).
Opzegtermijn werkgever
2 maanden bij minder dan 10 dienstjaren; 3 maanden bij 10 tot 15 dienstjaren; 4 maanden bij 15 dienstjaren of meer (art. 7).
Opzegtermijn werknemer
2 maanden (art. 7). Bij tussentijdse opzegging van een dienstverband voor bepaalde tijd geldt voor beide partijen 1 maand (art. 8).
Salarisverhogingen
Per 1 januari 2026 worden de salarisschalen en feitelijke salarissen met 3,5% verhoogd conform de loontabellen in bijlage H.
Per 1 januari 2027 worden de salarisschalen en feitelijke salarissen nogmaals met 3,5% verhoogd conform de loontabellen in bijlage H.
Vakantiedagen
Werknemers met een volledige werkweek hebben recht op 2 2/12 werkdag vakantie per maand dienstverband, ofwel 26 werkdagen per jaar (art. 30).
Bij een dienstverband voor een deel van het jaar en/of een onvolledige werkweek geldt een evenredig deel.
Werknemers hebben het recht om ten minste 3 aaneengesloten kalenderweken vakantie op te nemen; eenmaal per 2 jaar kan onder voorwaarden 7 aaneengesloten weken verlof worden opgenomen.
Vanaf 1 januari 2026 hebben vaste werknemers van 50 jaar en ouder daarnaast recht op extra vitaliteitsdagen: 3 dagen (50-55 jaar), 4 dagen (55-60 jaar), 5 dagen (60-63 jaar), 6 dagen (63 jaar) en 7 dagen (vanaf 64 jaar). Deze vervallen als ze niet in hetzelfde kalenderjaar worden opgenomen (art. 30A). De oude leeftijdsafhankelijke regeling met 1 tot 5 extra vakantiedagen (art. 30 lid 2) vervalt per diezelfde datum.
Overwerktoeslag
Overwerk is arbeid boven 10 uur per dag; hiervoor geldt een toeslag van 35% op het basisuurloon (art. 18 lid 1).
Voor inconveniënte uren (maandag t/m zaterdag 20.00-05.00 uur en op zondag) geldt een toeslagenmatrix die oploopt tot 75% in het weekend.
Voor werken op zondag geldt een toeslag van 75% van het basisuurloon; zondaguren worden standaard tot 175% in geld vergoed.
Voor werken op feest- en gedenkdagen geldt een toeslag van 50%, met uitzondering van 1e kerstdag waarvoor 100% geldt.
Toeslagen worden niet gecumuleerd: de hoogst geldende toeslag is van toepassing (art. 18 lid 8).
Opzegtermijn
De werkgever neemt bij opzegging van een dienstverband voor onbepaalde tijd de volgende termijn in acht: 2 maanden bij minder dan 10 dienstjaren, 3 maanden bij 10 tot 15 dienstjaren en 4 maanden bij 15 dienstjaren of meer (art. 7).
De werknemer neemt bij opzegging van een dienstverband voor onbepaalde tijd een termijn van 2 maanden in acht.
Bij tussentijdse opzegging van een dienstverband voor bepaalde tijd geldt voor zowel werkgever als werknemer een opzegtermijn van 1 maand (art. 8).
Salaristabel CAO Bedrijfsverzorgingsdiensten 2025-2027
Bijlage H van de cao bevat de salarisschalen 1 t/m 9, elk met aanloopschalen (-3 t/m -1) en tredes. Het basisuurloon staat vast; de maandbedragen zijn afhankelijk van de overeengekomen arbeidstijd (1957,50, 2115,50 of 2218,50 uur per jaar). De schalen 7, 8 en 9 kennen alleen een maandbedrag bij 1957,50 uur per jaar.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO Productiegerichte Dierhouderij 2026-2027.
Stamgegevens
Stamgegevens
Looptijd
1 januari 2026 t/m 31 december 2027 (art. 10.1.2). Bij geen opzegging (1 maand, schriftelijk) wordt de cao telkens stilzwijgend met 1 jaar verlengd.
Cao-partijen
Werkgevers: LTO Nederland, Centrale Organisatie Broedeieren en Kuikens (COBK), Producenten Organisatie Varkenshouderij (POV), Envigo RMS. Werknemers: CNV en FNV.
Loonsverhoging
1 januari 2026: 4%. 1 januari 2027: 3% (art. 4.3.6).
Vakantie-uren
190,0 uur per jaar voor werknemers van 18 jaar of ouder (152,0 uur wettelijk + 38,0 uur bovenwettelijk); 212,8 uur per jaar t/m 17 jaar. Bij lang dienstverband en voor oudere werknemers gelden extra vakantie-uren (art. 3.1.1 t/m 3.1.3).
Vakantietoeslag
8,25% van het feitelijk loon (art. 4.5.1).
Meeruren / toeslagen
Geen vast overwerkpercentage; verrekening van meer- en minuren verloopt via het jaarurenmodel (art. 2.7-2.9). Voor zon- en feestdagen gelden aparte toeslagen (art. 2.4.2, zie tabblad Meeruren/toeslagen).
Opzegtermijn werkgever
1 maand bij minder dan 5 dienstjaren; 2 maanden bij 5 tot 10 dienstjaren; 3 maanden bij 10 tot 15 dienstjaren; 4 maanden bij 15 dienstjaren of meer (tabel 1.4.2).
Opzegtermijn werknemer
1 maand, ongeacht het aantal dienstjaren (tabel 1.4.2).
Salarisverhogingen
Per 1 januari 2026 worden de lonen met 4% verhoogd (art. 4.3.6).
Per 1 januari 2027 worden de lonen nogmaals met 3% verhoogd (art. 4.3.6).
De verhogingen zijn verwerkt in de loontabellen 4.2.2 en 4.2.4 en in bijlage 2. Rekenregel: het weekloon wordt verhoogd en afgerond op 5 cent; het uurloon volgt uit weekloon/38 (afgerond op 2 decimalen) en het maandloon uit weekloon x 4,35 (afgerond op 10 cent).
De lonen in functiegroep B (startschaal en 1e/2e functiejaar) en C (1e functiejaar) wijken hiervan af: deze zijn naar boven afgerond op het wettelijk minimumloon. Toekomstige verhogingen worden berekend over de niet-afgeronde bedragen (zie toelichting bij de loontabellen).
Vakantiedagen
Standaard vakantie-uren (tabel 3.1.1): 190,0 uur per jaar (9,58%) voor werknemers van 18 jaar of ouder, waarvan 152,0 uur wettelijk (7,66%) en 38,0 uur bovenwettelijk (1,92%). Voor werknemers t/m 17 jaar geldt 212,8 uur per jaar (10,73%), waarvan 152,0 uur wettelijk en 60,8 uur bovenwettelijk.
Extra vakantie-uren bij lang dienstverband (tabel 3.1.2, geteld vanaf het 22e levensjaar): +7,6 uur bij 10-19 dienstjaren, +15,2 uur bij 20-29 dienstjaren, +22,8 uur bij 30 of meer dienstjaren.
Extra vakantie-uren voor oudere werknemers (tabel 3.1.3, afbouwregeling op basis van leeftijd op 31 december 2017): oplopend van 7,6 uur (57-59 jaar) tot 45,6 uur (64 jaar tot AOW-leeftijd).
De extra uren uit tabel 3.1.2 en 3.1.3 samen bedragen maximaal 45,6 uur per jaar.
Meeruren/toeslagen
Deze cao kent geen vast overwerkpercentage; compensatie voor meer- of minder gewerkte uren dan de jaarurennorm verloopt via het jaarurenmodel (art. 2.7-2.9).
Toeslag zondag die geen normale werkdag is: 100% over alle gewerkte uren.
Toeslag zondag die wel een normale werkdag is: 0% voor de eerste 2 uur, 75% voor het 3e en 4e uur, 100% vanaf het 5e uur (tabel 2.4.2).
Toeslag op feestdagen: 100% over alle gewerkte uren, tenzij de feestdag op zondag valt (dan geldt alleen de feestdagtoeslag, niet cumulatief).
Bij werken op zon- of feestdag bestaat daarnaast recht op vervangende vrije tijd, op te nemen binnen 5 werkdagen voor of na de gewerkte dag.
Bij een verlengd dagvenster (buiten 06:00-19:00 uur) ontstaat recht op extra vrije dagen per jaar, oplopend van 1 dag (05:00-06:00 of 19:00-20:00 uur) tot 5 dagen (23:00-24:00 uur) per uur buiten het standaard dagvenster (tabel 2.5.1).
Opzegtermijn
De werkgever neemt bij opzegging de volgende termijn in acht: 1 maand bij minder dan 5 dienstjaren, 2 maanden bij 5 tot 10 dienstjaren, 3 maanden bij 10 tot 15 dienstjaren en 4 maanden bij 15 dienstjaren of meer (tabel 1.4.2).
De werknemer neemt in alle gevallen een opzegtermijn van 1 maand in acht.
Voor werknemers van 50 jaar en ouder tot de AOW-leeftijd geldt voor de werkgever een afwijkende termijn: 4 maanden bij indiensttreding op of voor 24 maart 2022, 3 maanden bij indiensttreding na 24 maart 2022. Ook voor deze groep geldt voor de werknemer 1 maand, ongeacht het aantal dienstjaren.
Vanaf de AOW-leeftijd geldt voor zowel werkgever als werknemer een opzegtermijn van 1 maand.
Salaristabel CAO Productiegerichte Dierhouderij 2026-2027
Tabel 4.2.2 en 4.2.4 van de cao bevatten de maandlonen per loongroep B t/m G, onderverdeeld naar leeftijd (15 t/m 20 jaar) en, vanaf 21 jaar tot de AOW-leeftijd, naar functiejaar (startschaal en 1e t/m 6e functiejaar). Loongroep B/startschaal komt overeen met het wettelijk minimumloon (WML); voor loongroep C t/m G bestaat geen aparte startschaal.
Dit is de samenvatting van de CAO Voortgezet Onderwijs 2025-2027.
Stamgegevens
Stamgegevens
Looptijd
1 november 2025 t/m 1 maart 2027 (art. 1.2 lid 6).
Cao-partijen
Werkgevers: VO-raad. Werknemers: Algemene Onderwijsbond (AOb), CNV, Federatie van Onderwijsvakorganisaties (FvOv) en FNV.
Loonsverhoging
1 november 2025: 4,6%. 1 november 2026: 1,2% (art. 3.2).
Eindejaarsuitkering
8,33% van het jaarsalaris (6,6% voor werknemers onder het VPL-overgangsrecht) (art. 3.5).
Vakantie-uitkering
8% per kalendermaand, jaarlijks uitbetaald in mei (art. 3.6).
Vakantieverlof
Directie en leraren: de schoolvakanties plus 5 extra dagen, met behoud van bezoldiging (art. 14.1). Onderwijsondersteunend personeel: wettelijk verlof van 144 tot 160 uur per jaar (afhankelijk van de werkweek) plus bovenwettelijk verlof van 74 tot 266 uur per jaar (art. 14.2).
Compensatie overschrijding arbeidsduur
Geen vaste overwerkvergoeding; werknemers in schaal 1 t/m 8 hebben recht op compensatie in tijd (met een factor afhankelijk van dag en tijdstip) of geld (1/138e deel van het bruto maandsalaris per uur) bij overschrijding van de overeengekomen arbeidsduur (art. 6.3).
Opzegtermijn
Voor werkgever en werknemer gelijk: 1 maand bij een dienstverband van 6 maanden of minder; 2 maanden bij 6 tot 12 maanden; 3 maanden bij 12 maanden of meer. Voor werknemers die de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt geldt voor de werkgever 1 maand (art. 10.5).
Salarisverhogingen
Per 1 november 2025 worden de salarissen verhoogd met 4,6% (art. 3.2 lid 1).
Per 1 november 2026 worden de salarissen verhoogd met 1,2% (art. 3.2 lid 2).
Per 1 juli 2026 krijgt salarisschaal 10 van de OOP/directieschalen hetzelfde aantal treden en dezelfde salarisbedragen als salarisschaal LB. Voor werknemers die op 30 juni 2026 in schaal 10 zijn ingeschaald, gelden overgangsregels (trede-ophoging en tijdelijke toelagen), uitgewerkt in bijlage 8 (art. 3.1 onder B).
Vakantieverlof
Directie en leraren genieten vakantieverlof gedurende de schoolvakanties plus 5 extra, door de werkgever in overleg met de (G)MR vastgestelde dagen, met behoud van bezoldiging (art. 14.1).
Bij een dienstverband dat niet het gehele schooljaar duurt, wordt het aantal vakantiedagen berekend volgens de formule (W x 1,15) - S, waarbij W het aantal (delen van) weken in dienst is en S het aantal schoolvakantiedagen in die periode.
Onderwijsondersteunend personeel heeft recht op wettelijk vakantieverlof van 144 uur (36-urige werkweek) tot 160 uur (40-urige werkweek) per jaar, aangevuld met bovenwettelijk verlof van 74 tot 266 uur per jaar, afhankelijk van de arbeidsduur (art. 14.2).
Het vakantieverlof voor onderwijsondersteunend personeel is inclusief de algemeen erkende feestdagen uit bijlage 4 van de cao.
Compensatie meerwerk
Deze cao kent geen vast overwerkpercentage. Werknemers in de schalen 1 t/m 8 hebben recht op compensatie wanneer de opgedragen arbeid buiten de overeengekomen wekelijkse arbeidsduur wordt verricht en de dagelijkse werktijd met meer dan een half uur wordt overschreden (art. 6.3 lid 1).
De compensatie bestaat uit de uren overschrijding, vermeerderd met extra uren volgens een factor die afhangt van de dag en het tijdstip waarop is gewerkt (bijvoorbeeld hoger op zaterdag, zondag en feestdagen dan doordeweeks overdag).
De werknemer kiest zelf voor uitbetaling of voor compensatie in de vorm van verlof; bij uitbetaling geldt een uurloon van 1/138e deel van het bruto maandsalaris (art. 6.3 lid 2).
Opzegtermijn
Werkgever en werknemer nemen bij opzegging dezelfde termijn in acht: ten minste 1 maand bij een arbeidsovereenkomst van 6 maanden of minder, ten minste 2 maanden bij meer dan 6 maar minder dan 12 maanden, en ten minste 3 maanden bij 12 maanden of meer (art. 10.5 lid 1).
Voor een werknemer die de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt, bedraagt de opzegtermijn voor de werkgever 1 maand (art. 10.5 lid 3).
Met wederzijds goedvinden kan van deze termijnen worden afgeweken (art. 10.5 lid 4).
Bijlage 9 van de cao bevat twee tabellen: de leraarschalen (docent LB t/m LE en LIO) en de OOP/directieschalen (schaal 1 t/m 17), elk per 1 november 2025 en per 1 november 2026. Niet elke schaal kent hetzelfde aantal treden; cellen zonder bedrag ("-") betekenen dat die trede voor die schaal niet bestaat.
Dit is de samenvatting van de CAO voor het Slagersbedrijf 2025-2027.
Stamgegevens
Stamgegevens
Looptijd
1 september 2025 t/m 28 februari 2027 (art. 58). De cao eindigt van rechtswege, zonder dat opzegging is vereist.
Cao-partijen
Werkgevers: Koninklijke Nederlandse Slagersorganisatie (KNS). Werknemers: FNV en CNV.
Loonsverhoging
1 november 2025: 1,00%. 1 maart 2026: 3,50%. 1 januari 2027: 1,50% (art. 18 lid 3). Voor salarisschaal 1 en salarisschaal 2 trede 0 gelden afwijkende regels: deze volgen gedurende de looptijd van de cao de stijging van het wettelijk minimumloon in plaats van de structurele percentages.
Vakantie-uren
190 uur per jaar bij een fulltime dienstverband van 38 uur/week (25 vakantiedagen x 7,6 uur), met behoud van loon (art. 28). Vanaf 50 jaar gelden extra bovenwettelijke vakantie-uren, oplopend van 7,6 uur (50-54 jaar) tot 45,6 uur (60 jaar en ouder).
Vakantiebijslag
8% van het loon, uiterlijk te betalen in mei (art. 29).
Overwerktoeslag
25% van het uurloon voor de eerste 2 overuren per week, 50% voor de volgende uren. Op een vrije dag: 50% voor de eerste 2 uur, 100% voor de volgende uren. Toeslagen worden niet gecumuleerd met de avond-/nachttoeslag; de hoogste toeslag geldt (art. 14 lid 2 en 4).
Opzegtermijn werkgever
1 maand bij minder dan 5 dienstjaren; 2 maanden bij 5 tot 10 dienstjaren; 3 maanden bij 10 tot 15 dienstjaren; 4 maanden bij 15 dienstjaren of meer (art. 47 lid 5).
Opzegtermijn werknemer
1 maand (art. 47 lid 6).
Salarisverhogingen
Per 1 november 2025 worden de cao-salarisschalen en feitelijke brutolonen structureel verhoogd met 1,00% (art. 18 lid 3a).
Per 1 maart 2026 volgt een structurele verhoging van 3,50% (art. 18 lid 3b).
Per 1 januari 2027 volgt een structurele verhoging van 1,50% (art. 18 lid 3c).
Salarisschaal 1 en salarisschaal 2 trede 0 volgen bij elk van deze data niet het vaste percentage, maar de stijging van het wettelijk minimumloon.
Voor salarisschaal 2 (jeugdlonen 15 t/m 20 jaar en trede 2) en de jeugdlonen van salarisschaal 3, 4 en 5 trede 0 golden per 1 november 2025 afwijkende, hogere percentages (1,25% tot 2,25%) in plaats van de standaard 1,00% (art. 18 leden 4 t/m 8).
De medewerker met de erkende branchetitel "Meesterslager" krijgt een vaste toeslag van 2% op het schaalmaximum van zijn salarisschaal (art. 18 lid 14).
Vakantiedagen
De werknemer met een fulltime dienstverband van 38 uur per week heeft recht op ten minste 190 vakantie-uren per jaar (25 vakantiedagen x 7,6 uur), met behoud van loon. Het vakantiejaar loopt van 1 mei tot 1 mei (art. 28 lid 1).
Bij een parttime dienstverband worden de vakantie-uren naar evenredigheid toegekend.
Bij de tweede ziekmelding van de werknemer in één vakantiejaar wordt het aantal van 190 vakantie-uren verminderd met 7,6 uur.
Werknemers vanaf 50 jaar hebben recht op extra bovenwettelijke vakantie-uren op jaarbasis: 7,6 uur (50-54 jaar), 30,4 uur (55-57 jaar), 38 uur (58-59 jaar) en 45,6 uur (60 jaar en ouder), mits ten minste 1 jaar onafgebroken in dienst (art. 28 lid 2).
Overwerktoeslag
De overwerktoeslag voor de eerste 2 overuren per week bedraagt 25% van het uurloon; voor de daaropvolgende uren 50% (art. 14 lid 2).
De overwerktoeslag voor overuren op een vrije dag bedraagt 50% van het uurloon voor de eerste 2 uur en 100% voor de daaropvolgende uren.
Voor werk tussen 20.00 en 22.00 uur geldt een avondtoeslag van 30% van het uurloon; tussen 22.00 en 06.00 uur bedraagt de nachttoeslag 50% (art. 14 lid 3).
Toeslagen worden niet gecumuleerd: als op hetzelfde moment meerdere toeslagen van toepassing zijn, geldt de hoogste (art. 14 lid 4).
Opzegtermijn
Bij opzegging door de werkgever gelden de volgende termijnen: 1 maand bij minder dan 5 dienstjaren, 2 maanden bij 5 tot 10 dienstjaren, 3 maanden bij 10 tot 15 dienstjaren en 4 maanden bij 15 dienstjaren of meer (art. 47 lid 5).
Bij opzegging door de werknemer geldt een opzegtermijn van 1 maand, ongeacht het aantal dienstjaren (art. 47 lid 6).
Opzegging van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd kan alleen tegen de eerste dag van de maand (art. 47 lid 4).
Het dienstverband eindigt zonder opzegging op de dag waarop recht op AOW-pensioen ontstaat, tenzij schriftelijk anders overeengekomen (art. 47 lid 1).
Bijlage 2 van de cao bevat de brutolonen (salarisschaal 1 t/m 11) op basis van een 38-urige werkweek, op vijf peildata: 1 september 2025, 1 november 2025, 1 januari 2026, 1 maart 2026 en 1 januari 2027. Hieronder de bedragen per maand en per 4 weken; een leeg veld betekent dat die trede voor die schaal niet bestaat.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
MBO Raad (werkgevers) en AOb, CNV, FNV Overheid, FvOv (werknemers)
Loonsverhoging
5,1% structureel op alle salaristabellen, met terugwerkende kracht per 1 januari 2025
Vakantiedagen
30 dagen per kalenderjaar bij een normbetrekking (20 wettelijke + 10 bovenwettelijke dagen)
Vakantietoeslag
8%, uitbetaald in mei
Overwerkvergoeding
Alleen voor OBP (carrièrepatroon 1 t/m 10): verlof + 25% tot 100% toeslag op het uursalaris, afhankelijk van tijdstip
Opzegtermijn werkgever
1 tot 3 maanden, afhankelijk van diensttijd
Opzegtermijn werknemer
1 tot 3 maanden, afhankelijk van diensttijd (zelfde staffel als werkgever)
{/tab}
Salarisverhogingen
Structurele verhoging van 5,1% op alle carrièrepatronen (bijlage A1 t/m A5), met terugwerkende kracht per 1 januari 2025.
Deze verhoging werkt automatisch door in de bovenwettelijke uitkeringen die op de cao zijn gebaseerd.
Geen aparte eenmalige uitkering afgesproken in deze cao-ronde; de reguliere eindejaarsuitkering (8,33%) en vakantietoeslag (8%) blijven ongewijzigd van kracht.
Nieuw: een Individueel Keuzebudget (IKB). Uiterlijk vanaf 1 januari 2027 (mogelijk al per 1 januari 2026) kan de werknemer eenmaal per jaar kiezen om vakantietoeslag en/of eindejaarsuitkering maandelijks te laten uitbetalen in plaats van jaarlijks.
{/tab}
Vakantiedagen
30 vakantiedagen per kalenderjaar bij een normbetrekking (fulltime): 20 wettelijke en 10 bovenwettelijke dagen (art. 8.1).
Bij een deel van het jaar in dienst: (aantal weken met recht op loon : 52) x 30 dagen.
Feestdagen tellen niet als vakantiedag.
Onderwijzend personeel vanaf carrièrepatroon 9 neemt vakantie op in periodes zonder directe onderwijstaken.
Wettelijke vakantiedagen vervallen 6 maanden na afloop van het jaar waarin ze zijn opgebouwd; bovenwettelijke dagen verjaren na 5 jaar.
{/tab}
Overwerkvergoeding
Alleen van toepassing op ondersteunend en beheerspersoneel (OBP) in carrièrepatroon 1 t/m 10; voor onderwijzend personeel (OP) kent de cao geen overwerkvergoeding (art. 6.3).
De vergoeding bestaat uit verlofuren gelijk aan het aantal overwerkuren, plus een geldbedrag van 25% tot 100% van het uursalaris, afhankelijk van tijdstip en dag (avond, nacht, weekend en feestdagen tellen zwaarder mee).
Kan de werkgever het verlof niet toekennen, dan wordt het overwerk volledig in geld uitbetaald (100% van het uursalaris per overwerkuur).
{/tab}
Opzegtermijn
Voor werkgever en werknemer geldt dezelfde, aan de diensttijd gekoppelde termijn (art. 2.10): korter dan 6 maanden in dienst → 1 maand; 6 tot 12 maanden in dienst → 2 maanden; 12 maanden of langer in dienst → 3 maanden.
Werkgever en werknemer kunnen deze termijnen schriftelijk verlengen (werknemer maximaal 6 maanden, werkgever minimaal het dubbele van de termijn voor de werknemer).
Werknemers die op 1 januari 1999 45 jaar of ouder waren en toen een langere opzegtermijn hadden, behouden die langere termijn zolang zij bij dezelfde werkgever in dienst blijven.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO kappers 2025-2026.
Stamgegevens
Kerncijfers CAO kappers 2025-2026
Looptijd
1 juli 2025 t/m 31 december 2026
Cao-partijen
ANKO (werkgevers) en CNV, FNV Mooi (werknemers)
Loonsverhoging
4% per 1 november 2025 (incl. overgang naar nieuw loongebouw) en 1,5% per 1 juli 2026 (alleen voor 21 jaar en ouder)
Vakantiedagen
25 werkdagen per jaar bij een werkweek van 38 uur, plus extra dagen naar diensttijd
Vakantietoeslag
8% (vakantiegeld), uitbetaald in mei
Overwerkvergoeding
Geen aparte regeling; wel een toeslag van 25% per uur bij werken op zondag of een feestdag
Opzegtermijn werkgever
1 tot 4 maanden, afhankelijk van diensttijd
Opzegtermijn werknemer
1 maand, ongeacht diensttijd
{/tab}
Salarisverhogingen
Per 1 juli 2025 (start van deze cao-periode) geldt geen algemene loonsverhoging; de bedragen zijn gelijk aan het niveau aan het einde van de vorige cao.
Per 1 november 2025 geldt een structurele verhoging van 4% op alle loonschalen (art. 4.3). Vanaf dezelfde datum geldt een nieuw loongebouw met vier loonschalen (Loonschaal 1 t/m 4) in plaats van de losse ervaringsjaren; het met 4% verhoogde loon van de werknemer wordt in dit nieuwe loongebouw ingedeeld (art. 4.4). De jeugdschalen (14 t/m 20 jaar) blijven qua vorm ongewijzigd, maar stijgen wel mee met de 4%.
Werkgevers die tussen 1 juni 2025 en 1 november 2025 op eigen initiatief al een verhoging hebben doorgevoerd, mogen deze verrekenen met de 4% verhoging per 1 november 2025.
Per 1 juli 2026 geldt een structurele verhoging van 1,5% voor werknemers van 21 jaar en ouder; de jeugdschalen (14 t/m 20 jaar) wijzigen op dat moment niet (+0%).
Er is in deze cao-ronde geen aparte eenmalige uitkering afgesproken.
{/tab}
Vakantiedagen
25 werkdagen vakantie per kalenderjaar bij een arbeidsduur van 38 uur per week (art. 7.1); bij een afwijkende arbeidsduur naar rato.
Extra vakantiedagen naar ononderbroken diensttijd bij dezelfde werkgever: 5 tot 10 jaar → 1 dag; 10 tot 15 jaar → 2 dagen; 15 tot 20 jaar → 3 dagen; 20 jaar of meer → 4 dagen.
Werknemers die vóór 1 januari 2023 op basis van leeftijd recht hadden op meer extra vakantiedagen, behouden het tot die datum opgebouwde recht (bijlage 3). De oude en de nieuwe regeling tellen niet bij elkaar op.
{/tab}
Overwerkvergoeding
De cao kent geen aparte overwerkvergoeding, maar wel een toeslag bij bijzondere werktijden (art. 5.2).
Werken op zondag: toeslag van 25% per uur.
Werken op een feestdag, Koningsdag of 5 mei (in lustrumjaren): toeslag van 25% per uur. De werknemer is niet verplicht om op deze dagen te werken.
De toeslag wordt in overleg tussen werkgever en werknemer uitgekeerd in tijd (bijgeschreven op de snipperdagenkaart) of in geld.
{/tab}
Opzegtermijn
Werkgever (art. 2.4): korter dan 5 jaar in dienst → 1 maand; 5 tot 10 jaar → 2 maanden; 10 tot 15 jaar → 3 maanden; 15 jaar of langer → 4 maanden. Bij ontslag met UWV-vergunning kan deze termijn korter zijn, maar nooit korter dan 1 maand.
Werknemer: een vaste opzegtermijn van 1 maand, ongeacht de diensttijd.
De opzegtermijn gaat in op de eerste werkdag na de lopende loonbetalingsperiode (week, maand of vier weken), afhankelijk van hoe het loon wordt uitbetaald.
Alle bedragen zijn bruto maandlonen bij een normale arbeidsduur van 38 uur per week. De werkgever kiest voor loongebouw A of loongebouw B (bij loongebouw B geldt een lager basissalaris met een variabel beloningssysteem, zie art. 4.2).
Bruto maandlonen per 1 juli 2025
Loongebouw A
Jeugdschalen per 1 juli 2025 - Loongebouw A
Leeftijd
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
14 jaar
€ 727,84
€ 727,84
€ 749,39
€ 1.073,41
€ 1.175,56
€ 1.247,27
15 jaar
€ 727,84
€ 727,84
€ 749,39
€ 1.073,41
€ 1.175,56
€ 1.247,27
16 jaar
€ 837,56
€ 837,56
€ 861,05
€ 1.125,62
€ 1.228,72
€ 1.300,40
17 jaar
€ 958,26
€ 958,26
€ 985,13
€ 1.187,09
€ 1.291,32
€ 1.363,00
18 jaar
€ 1.214,29
€ 1.214,29
€ 1.248,34
€ 1.327,71
€ 1.434,51
€ 1.506,16
19 jaar
€ 1.455,68
€ 1.455,68
€ 1.496,50
€ 1.532,29
€ 1.642,80
€ 1.714,51
20 jaar
€ 1.942,14
€ 1.942,14
€ 1.996,59
€ 1.996,59
€ 2.032,89
€ 2.032,89
Loonschalen naar ervaringsjaren per 1 juli 2025 (21 jaar en ouder) - Loongebouw A
Ervaringsjaren
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
0
€ 2.426,76
€ 2.426,76
€ 2.494,80
€ 2.494,80
€ 2.540,16
€ 2.540,16
1
€ 2.426,76
€ 2.426,76
€ 2.494,80
€ 2.494,80
€ 2.540,16
€ 2.540,16
2
€ 2.426,76
€ 2.426,76
€ 2.494,80
€ 2.494,80
€ 2.540,16
€ 2.580,55
3
€ 2.426,76
€ 2.426,76
€ 2.494,80
€ 2.494,80
€ 2.590,56
€ 2.662,00
4
€ 2.426,76
€ 2.426,76
€ 2.494,80
€ 2.512,58
€ 2.641,13
€ 2.712,56
5
€ 2.426,76
€ 2.426,76
€ 2.494,80
€ 2.537,02
€ 2.665,98
€ 2.737,44
6
€ 2.426,76
€ 2.426,76
€ 2.494,80
€ 2.579,93
€ 2.709,72
€ 2.781,17
7
€ 2.426,76
€ 2.426,76
€ 2.494,80
€ 2.579,93
€ 2.709,72
€ 2.781,17
Loongebouw B
Jeugdschalen per 1 juli 2025 - Loongebouw B
Leeftijd
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
14 jaar
€ 713,28
€ 713,28
€ 734,40
€ 1.051,94
€ 1.152,05
€ 1.222,32
15 jaar
€ 713,28
€ 713,28
€ 734,40
€ 1.051,94
€ 1.152,05
€ 1.222,32
16 jaar
€ 820,81
€ 820,81
€ 843,83
€ 1.103,11
€ 1.204,15
€ 1.274,39
17 jaar
€ 939,09
€ 939,09
€ 965,43
€ 1.163,35
€ 1.265,49
€ 1.335,74
18 jaar
€ 1.190,00
€ 1.190,00
€ 1.223,37
€ 1.301,16
€ 1.405,82
€ 1.476,04
19 jaar
€ 1.426,57
€ 1.426,57
€ 1.466,57
€ 1.501,64
€ 1.609,94
€ 1.680,22
20 jaar
€ 1.903,30
€ 1.903,30
€ 1.956,66
€ 1.956,66
€ 1.992,23
€ 1.992,23
Loonschalen naar ervaringsjaren per 1 juli 2025 (21 jaar en ouder) - Loongebouw B
Ervaringsjaren
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
0
€ 2.378,22
€ 2.378,22
€ 2.444,90
€ 2.444,90
€ 2.489,36
€ 2.489,36
1
€ 2.378,22
€ 2.378,22
€ 2.444,90
€ 2.444,90
€ 2.489,36
€ 2.489,36
2
€ 2.378,22
€ 2.378,22
€ 2.444,90
€ 2.444,90
€ 2.489,36
€ 2.528,94
3
€ 2.378,22
€ 2.378,22
€ 2.444,90
€ 2.444,90
€ 2.538,75
€ 2.608,76
4
€ 2.378,22
€ 2.378,22
€ 2.444,90
€ 2.462,33
€ 2.588,31
€ 2.658,31
5
€ 2.378,22
€ 2.378,22
€ 2.444,90
€ 2.486,28
€ 2.612,66
€ 2.682,69
6
€ 2.378,22
€ 2.378,22
€ 2.444,90
€ 2.528,33
€ 2.655,53
€ 2.725,55
7
€ 2.378,22
€ 2.378,22
€ 2.444,90
€ 2.528,33
€ 2.655,53
€ 2.725,55
{/tab}
Bruto maandlonen per 1 november 2025 (oude structuur, incl. 4% verhoging)
Overgangstabel: het loon van 1 juli 2025 verhoogd met 4%, geldig tot de indeling in het nieuwe loongebouw (zie hierna).
Loongebouw A
Jeugdschalen per 1 november 2025 (incl. 4% verhoging) - Loongebouw A
Leeftijd
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
14 jaar
€ 756,95
€ 756,95
€ 779,37
€ 1.116,35
€ 1.222,58
€ 1.297,16
15 jaar
€ 756,95
€ 756,95
€ 779,37
€ 1.116,35
€ 1.222,58
€ 1.297,16
16 jaar
€ 871,06
€ 871,06
€ 895,49
€ 1.170,64
€ 1.277,87
€ 1.352,42
17 jaar
€ 996,59
€ 996,59
€ 1.024,54
€ 1.234,57
€ 1.342,97
€ 1.417,52
18 jaar
€ 1.262,86
€ 1.262,86
€ 1.298,27
€ 1.380,82
€ 1.491,89
€ 1.566,41
19 jaar
€ 1.513,91
€ 1.513,91
€ 1.556,36
€ 1.593,58
€ 1.708,51
€ 1.783,09
20 jaar
€ 2.019,83
€ 2.019,83
€ 2.076,45
€ 2.076,45
€ 2.114,21
€ 2.114,21
Loonschalen naar ervaringsjaren per 1 november 2025, incl. 4% verhoging (21 jaar en ouder) - Loongebouw A
Ervaringsjaren
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
0
€ 2.523,83
€ 2.523,83
€ 2.594,59
€ 2.594,59
€ 2.641,77
€ 2.641,77
1
€ 2.523,83
€ 2.523,83
€ 2.594,59
€ 2.594,59
€ 2.641,77
€ 2.641,77
2
€ 2.523,83
€ 2.523,83
€ 2.594,59
€ 2.594,59
€ 2.641,77
€ 2.683,77
3
€ 2.523,83
€ 2.523,83
€ 2.594,59
€ 2.594,59
€ 2.694,18
€ 2.768,48
4
€ 2.523,83
€ 2.523,83
€ 2.594,59
€ 2.613,08
€ 2.746,78
€ 2.821,06
5
€ 2.523,83
€ 2.523,83
€ 2.594,59
€ 2.638,50
€ 2.772,62
€ 2.846,94
6
€ 2.523,83
€ 2.523,83
€ 2.594,59
€ 2.683,13
€ 2.818,11
€ 2.892,42
7 of meer
€ 2.523,83
€ 2.523,83
€ 2.594,59
€ 2.683,13
€ 2.818,11
€ 2.892,42
Loongebouw B
Jeugdschalen per 1 november 2025 (incl. 4% verhoging) - Loongebouw B
Leeftijd
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
14 jaar
€ 741,81
€ 741,81
€ 763,78
€ 1.094,02
€ 1.198,13
€ 1.271,22
15 jaar
€ 741,81
€ 741,81
€ 763,78
€ 1.094,02
€ 1.198,13
€ 1.271,22
16 jaar
€ 853,64
€ 853,64
€ 877,58
€ 1.147,23
€ 1.252,31
€ 1.325,37
17 jaar
€ 976,66
€ 976,66
€ 1.004,04
€ 1.209,88
€ 1.316,11
€ 1.389,17
18 jaar
€ 1.237,60
€ 1.237,60
€ 1.272,31
€ 1.353,20
€ 1.462,05
€ 1.535,08
19 jaar
€ 1.483,63
€ 1.483,63
€ 1.525,23
€ 1.561,71
€ 1.674,34
€ 1.747,43
20 jaar
€ 1.979,43
€ 1.979,43
€ 2.034,92
€ 2.034,92
€ 2.071,92
€ 2.071,92
Loonschalen naar ervaringsjaren per 1 november 2025, incl. 4% verhoging (21 jaar en ouder) - Loongebouw B
Ervaringsjaren
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
0
€ 2.473,35
€ 2.473,35
€ 2.542,70
€ 2.542,70
€ 2.588,93
€ 2.588,93
1
€ 2.473,35
€ 2.473,35
€ 2.542,70
€ 2.542,70
€ 2.588,93
€ 2.588,93
2
€ 2.473,35
€ 2.473,35
€ 2.542,70
€ 2.542,70
€ 2.588,93
€ 2.630,10
3
€ 2.473,35
€ 2.473,35
€ 2.542,70
€ 2.542,70
€ 2.640,30
€ 2.713,11
4
€ 2.473,35
€ 2.473,35
€ 2.542,70
€ 2.560,82
€ 2.691,84
€ 2.764,64
5
€ 2.473,35
€ 2.473,35
€ 2.542,70
€ 2.585,73
€ 2.717,17
€ 2.790,00
6
€ 2.473,35
€ 2.473,35
€ 2.542,70
€ 2.629,46
€ 2.761,75
€ 2.834,57
7 of meer
€ 2.473,35
€ 2.473,35
€ 2.542,70
€ 2.629,46
€ 2.761,75
€ 2.834,57
{/tab}
Bruto maandlonen per 1 november 2025 (nieuw loongebouw)
Met ingang van 1 november 2025 geldt een nieuw loongebouw: de jeugdschalen blijven ongewijzigd (zie hierboven), voor werknemers van 21 jaar en ouder gelden vanaf hier vier loonschalen met vaste salaristreden.
Loongebouw A
Jeugdschalen per 1 november 2025 (nieuw loongebouw) - Loongebouw A
Leeftijd
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
14 jaar
€ 756,95
€ 756,95
€ 779,37
€ 1.116,35
€ 1.222,58
€ 1.297,16
15 jaar
€ 756,95
€ 756,95
€ 779,37
€ 1.116,35
€ 1.222,58
€ 1.297,16
16 jaar
€ 871,06
€ 871,06
€ 895,49
€ 1.170,64
€ 1.277,87
€ 1.352,42
17 jaar
€ 996,59
€ 996,59
€ 1.024,54
€ 1.234,57
€ 1.342,97
€ 1.417,52
18 jaar
€ 1.262,86
€ 1.262,86
€ 1.298,27
€ 1.380,82
€ 1.491,89
€ 1.566,41
19 jaar
€ 1.513,91
€ 1.513,91
€ 1.556,36
€ 1.593,58
€ 1.708,51
€ 1.783,09
20 jaar
€ 2.019,83
€ 2.019,83
€ 2.076,45
€ 2.076,45
€ 2.114,21
€ 2.114,21
Loonschalen voor 21 jaar en ouder, nieuw loongebouw per 1 november 2025 - Loongebouw A
Salaristrede(n)
Loonschaal 1: Junior Haarstylist 1e, 2e, 3e jaar en salonassistent
Loonschaal 2: Haarstylist
Loonschaal 3: Haarstylist Allround/Haarwerker
Loonschaal 4: Topstylist / Haarwerkspecialist
0
€ 2.452,23
€ 2.515,05
€ 2.602,00
€ 2.745,42
1
€ 2.474,73
€ 2.542,55
€ 2.632,00
€ 2.777,92
2
€ 2.497,23
€ 2.570,05
€ 2.662,00
€ 2.810,42
3
€ 2.597,55
€ 2.692,00
€ 2.842,92
4
€ 2.625,05
€ 2.722,00
€ 2.875,42
5
€ 2.752,00
€ 2.907,92
6
€ 2.782,00
€ 2.940,42
7
€ 2.972,92
Loongebouw B
Jeugdschalen per 1 november 2025 (nieuw loongebouw) - Loongebouw B
Leeftijd
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
14 jaar
€ 741,81
€ 741,81
€ 763,78
€ 1.094,02
€ 1.198,13
€ 1.271,22
15 jaar
€ 741,81
€ 741,81
€ 763,78
€ 1.094,02
€ 1.198,13
€ 1.271,22
16 jaar
€ 853,64
€ 853,64
€ 877,58
€ 1.147,23
€ 1.252,31
€ 1.325,37
17 jaar
€ 976,66
€ 976,66
€ 1.004,04
€ 1.209,88
€ 1.316,11
€ 1.389,17
18 jaar
€ 1.237,60
€ 1.237,60
€ 1.272,31
€ 1.353,20
€ 1.462,05
€ 1.535,08
19 jaar
€ 1.483,63
€ 1.483,63
€ 1.525,23
€ 1.561,71
€ 1.674,34
€ 1.747,43
20 jaar
€ 1.979,43
€ 1.979,43
€ 2.034,92
€ 2.034,92
€ 2.071,92
€ 2.071,92
Loonschalen voor 21 jaar en ouder, nieuw loongebouw per 1 november 2025 - Loongebouw B
Salaristrede(n)
Loonschaal 1: Junior Haarstylist 1e, 2e, 3e jaar en salonassistent
Loonschaal 2: Haarstylist
Loonschaal 3: Haarstylist Allround/Haarwerker
Loonschaal 4: Topstylist / Haarwerkspecialist
0
€ 2.403,19
€ 2.464,75
€ 2.549,96
€ 2.690,51
1
€ 2.425,24
€ 2.491,70
€ 2.579,36
€ 2.722,36
2
€ 2.447,29
€ 2.518,65
€ 2.608,76
€ 2.754,21
3
€ 2.545,60
€ 2.638,16
€ 2.786,06
4
€ 2.572,55
€ 2.667,56
€ 2.817,91
5
€ 2.696,96
€ 2.849,76
6
€ 2.726,36
€ 2.881,61
7
€ 2.913,46
{/tab}
Bruto maandlonen per 1 juli 2026
De jeugdschalen wijzigen per 1 juli 2026 niet (+0%); de loonschalen voor 21 jaar en ouder stijgen met 1,5%.
Loongebouw A
Jeugdschalen per 1 juli 2026 (+0%) - Loongebouw A
Leeftijd
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
14 jaar
€ 756,95
€ 756,95
€ 779,37
€ 1.116,35
€ 1.222,58
€ 1.297,16
15 jaar
€ 756,95
€ 756,95
€ 779,37
€ 1.116,35
€ 1.222,58
€ 1.297,16
16 jaar
€ 871,06
€ 871,06
€ 895,49
€ 1.170,64
€ 1.277,87
€ 1.352,42
17 jaar
€ 996,59
€ 996,59
€ 1.024,54
€ 1.234,57
€ 1.342,97
€ 1.417,52
18 jaar
€ 1.262,86
€ 1.262,86
€ 1.298,27
€ 1.380,82
€ 1.491,89
€ 1.566,41
19 jaar
€ 1.513,91
€ 1.513,91
€ 1.556,36
€ 1.593,58
€ 1.708,51
€ 1.783,09
20 jaar
€ 2.019,83
€ 2.019,83
€ 2.076,45
€ 2.076,45
€ 2.114,21
€ 2.114,21
Loonschalen voor 21 jaar en ouder per 1 juli 2026 (+1,5%) - Loongebouw A
Salaristrede(n)
Loonschaal 1: Junior Haarstylist 1e, 2e, 3e jaar en salonassistent
Loonschaal 2: Haarstylist
Loonschaal 3: Haarstylist Allround/Haarwerker
Loonschaal 4: Topstylist / Haarwerkspecialist
0
€ 2.489,01
€ 2.552,78
€ 2.641,03
€ 2.786,60
1
€ 2.511,85
€ 2.580,69
€ 2.671,48
€ 2.819,59
2
€ 2.534,69
€ 2.608,60
€ 2.701,93
€ 2.852,58
3
€ 2.636,51
€ 2.732,38
€ 2.885,56
4
€ 2.664,43
€ 2.762,83
€ 2.918,55
5
€ 2.793,28
€ 2.951,54
6
€ 2.823,73
€ 2.984,53
7
€ 3.017,51
Loongebouw B
Jeugdschalen per 1 juli 2026 (+0%) - Loongebouw B
Leeftijd
Junior Haarstylist 1e jaar
Junior Haarstylist 2e jaar
Junior Haarstylist 3e jaar en salonassistent
Haarstylist
Haarstylist Allround/Haarwerker
Topstylist / Haarwerkspecialist
14 jaar
€ 741,81
€ 741,81
€ 763,78
€ 1.094,02
€ 1.198,13
€ 1.271,22
15 jaar
€ 741,81
€ 741,81
€ 763,78
€ 1.094,02
€ 1.198,13
€ 1.271,22
16 jaar
€ 853,64
€ 853,64
€ 877,58
€ 1.147,23
€ 1.252,31
€ 1.325,37
17 jaar
€ 976,66
€ 976,66
€ 1.004,04
€ 1.209,88
€ 1.316,11
€ 1.389,17
18 jaar
€ 1.237,60
€ 1.237,60
€ 1.272,31
€ 1.353,20
€ 1.462,05
€ 1.535,08
19 jaar
€ 1.483,63
€ 1.483,63
€ 1.525,23
€ 1.561,71
€ 1.674,34
€ 1.747,43
20 jaar
€ 1.979,43
€ 1.979,43
€ 2.034,92
€ 2.034,92
€ 2.071,92
€ 2.071,92
Loonschalen voor 21 jaar en ouder per 1 juli 2026 (+1,5%) - Loongebouw B
Salaristrede(n)
Loonschaal 1: Junior Haarstylist 1e, 2e, 3e jaar en salonassistent
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO detailhandel aardappelen, groente en fruit (AGF) 2026-2027.
Stamgegevens
Kerncijfers CAO detailhandel AGF 2026-2027
Looptijd
1 januari 2026 t/m 31 december 2027
Cao-partijen
AVN en CVAH (werkgevers) en CNV Vakmensen, FNV (werknemers)
Loonsverhoging
3% structurele indexering (APC) per 1 januari 2026; voor 2027 geldt een vergelijkbare CPI-gebaseerde indexering, het percentage stond bij het opstellen van deze samenvatting nog niet vast
Vakantiedagen
192 vakantie-uren per jaar bij een 40-urige werkweek (160 wettelijk + 32 bovenwettelijk), plus extra uren naar leeftijd en diensttijd
Vakantietoeslag
8% van het jaarloon, uiterlijk uitbetaald in juni
Overwerkvergoeding
25% (tussen 06:00-18:00 uur) of 50% (tussen 21:00-06:00 uur) boven het uurloon voor uren boven de 40 uur per week
Opzegtermijn werkgever
Niet apart geregeld in de cao; de wettelijke opzegtermijnen uit het Burgerlijk Wetboek gelden
Opzegtermijn werknemer
Niet apart geregeld in de cao; de wettelijke opzegtermijnen uit het Burgerlijk Wetboek gelden
{/tab}
Salarisverhogingen
Per 1 januari 2026 geldt een structurele indexering (Automatische Prijscompensatie, APC) van 3% op alle bedragen in het loongebouw (art. 16 lid 5 en 7).
Deze indexering wordt jaarlijks op 1 januari opnieuw vastgesteld op basis van het CPI-afgeleide indexcijfer van oktober ten opzichte van het jaar ervoor, met een maximum van 5% per jaar en zonder negatieve indexatie (een negatieve CPI wordt met het jaar erna verrekend). Het percentage voor 1 januari 2027 stond bij het opstellen van deze samenvatting nog niet vast.
Met ingang van 1 januari 2026 is het loongebouw herzien: er is een aparte jeugdschaal toegevoegd voor 15-jarigen (in functiegroep B of C), de schalen voor 15 t/m 20 jaar zijn gebaseerd op een vast percentage van het loon van een 21-jarige (van 30% op 15 jaar tot 87,5% op 20 jaar), en de functiegroepen B, C, D en E hebben een extra trede gekregen bij 10 functiejaren.
Er is in deze cao-ronde geen aparte eenmalige uitkering afgesproken.
{/tab}
Vakantiedagen
Fulltime werknemers (40-urige werkweek) hebben recht op 192 vakantie-uren per jaar: 160 wettelijke uren (4 x de wekelijkse arbeidsduur) en 32 bovenwettelijke uren (art. 10 lid 2).
Werknemers die 26 jaar of langer bij dezelfde werkgever in dienst zijn, krijgen daarbovenop 16 extra vakantie-uren per jaar (niet te combineren met de leeftijdsregeling hieronder).
Werknemers krijgen vanaf 45 jaar extra vakantie-uren naar leeftijd (parttimers naar rato): 45-50 jaar → 8 uur; 50-55 jaar → 16 uur; 55-60 jaar → 24 uur; 60 jaar tot AOW-leeftijd → 32 uur.
Werknemers die een heel vakantiejaar niet wegens ziekte hebben verzuimd, krijgen daarna 8 extra vakantie-uren (naar rato bij een kortere werkweek).
Wettelijke vakantie-uren vervallen 12 maanden na afloop van het opbouwjaar; bovenwettelijke uren verjaren na 5 jaar.
{/tab}
Overwerkvergoeding
Voor overuren boven de 40 uur per week geldt het uurloon plus een toeslag van 25% (tussen 06:00 en 18:00 uur) of 50% (tussen 21:00 en 06:00 uur) (art. 7).
Los van overwerk kent de cao een aparte, meer uitgebreide compensatieregeling voor het werken op bijzondere uren op verzoek van de werkgever (art. 6): toeslagen van 0% tot 100% van het uurloon, afhankelijk van het tijdstip en de dag (bijvoorbeeld 100% op zondag, 50% tussen 21:00-24:00 uur doordeweeks, 33,33% tussen 18:00-21:00 uur doordeweeks). Deze toeslag vervalt als de werknemer op eigen verzoek op deze tijden werkt.
Toeslagen kunnen in overleg worden uitbetaald in geld of gecompenseerd in vrije tijd.
{/tab}
Opzegtermijn
Deze cao regelt de opzegtermijn niet zelf; art. 18 verwijst uitdrukkelijk naar de wettelijke bepalingen van het Burgerlijk Wetboek.
Volgens de wettelijke hoofdregel (art. 7:672 BW) geldt voor de werkgever een termijn van 1 maand bij minder dan 5 dienstjaren, oplopend tot 2 maanden (5-10 jaar), 3 maanden (10-15 jaar) en 4 maanden (15 jaar of langer); voor de werknemer geldt in beginsel 1 maand, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen.
Alle bedragen zijn bruto uurlonen, geldig per 1 januari 2026 (inclusief de indexering van 3%). Het loongebouw kent vier functiegroepen: B (AGF versadviseur), C (AGF versspecialist), D (AGF versleidinggevende) en E (AGF versmanager).
Bruto uurlonen per 1 januari 2026
Bruto uurlonen, inclusief de 3% indexering (APC) per 1 januari 2026. De bedragen bij 15 t/m 20 jaar zijn het wettelijk minimum(jeugd)loon percentage van het bijbehorende functieloon; lege cellen komen doordat een functiegroep pas vanaf een hogere leeftijd of later functiejaar bestaat.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO BIKUDAK (bitumineuze en kunststof dakbedekkingsbedrijven) 2026-2027.
Stamgegevens
Kerncijfers CAO BIKUDAK 2026-2027
Looptijd
1 januari 2026 t/m 31 december 2027 (24 maanden)
Cao-partijen
VEBIDAK (werkgevers) en FNV Bouwen & Wonen, CNV (werknemers)
Loonsverhoging
4,25% per 1 februari 2026 en 3,5% per 1 januari 2027 op de garantielonen (gemaximeerd tot het garantieloon van functiegroep 5 plus 40%, resp. 50%)
Vakantiedagen
25 werkdagen per jaar, plus seniorendagen: 9 dagen vanaf 10 jaar voor de AOW-leeftijd, 12 dagen vanaf 5 jaar voor de AOW-leeftijd (UTA-werknemers: 25 dagen)
Vakantietoeslag
8% van het individueel overeengekomen loon; minimaal 60% wordt uitbetaald bij de zomervakantie, uiterlijk in mei
Overwerkvergoeding
25% voor de eerste 3 overuren, 50% voor overige overuren doordeweeks/zaterdag tot 21:00 uur, 100% tussen zaterdag 21:00 uur en maandag 05:00 uur
Opzegtermijn werkgever
Aantal weken gelijk aan het aantal volle dienstjaren, met een maximum van 13 weken
Opzegtermijn werknemer
Aantal weken gelijk aan het aantal volle periodes van 2 dienstjaren, met een maximum van 6 weken (minimaal 1 week voor beide partijen)
{/tab}
Salarisverhogingen
De garantielonen (voor werknemers en UTA-werknemers) stijgen met 4,25% per 1 februari 2026 en met 3,5% per 1 januari 2027 (art. 4 bijlage II).
Deze verhoging geldt ook voor individueel overeengekomen lonen die hoger zijn dan het garantieloon, maar alleen tot aan het garantieloon van functiegroep 5 plus 40% (per 1 februari 2026) respectievelijk plus 50% (per 1 januari 2027). Over het loondeel boven die grens is geen verplichte verhoging.
Per 1 januari 2026 geldt voor alle jeugdige werknemers van 18 en 19 jaar met een diploma vakopleiding het volledige garantieloon voor volwassenen.
Vergoedingen en toeslagen stijgen met dezelfde percentages mee, met uitzondering van de vergoeding genoemd in art. 18A2 lid 5.
Er is in deze cao-ronde geen aparte eenmalige uitkering afgesproken.
{/tab}
Vakantiedagen
Iedere werknemer heeft recht op 25 werkdagen vakantie per jaar (art. 22), waarvan 15 dagen aaneengesloten in de zomer worden opgenomen en 10 dagen vrij opneembaar zijn.
Werknemers krijgen daarbovenop seniorendagen, gekoppeld aan hun afstand tot de AOW-gerechtigde leeftijd: 9 extra dagen (34 in totaal) vanaf 10 jaar voor de AOW-leeftijd, oplopend tot 12 extra dagen (37 in totaal) vanaf 5 jaar voor de AOW-leeftijd.
UTA-werknemers hebben recht op 25 verlofdagen per jaar (art. 22A); wie vóór 1 januari 2021 recht had op meer dagen, behoudt dat recht.
{/tab}
Overwerkvergoeding
Bij overwerk kan de werknemer kiezen tussen uitbetaling in geld of compensatie in vrije tijd; bij vrije tijd worden dezelfde percentages als hieronder uitbetaald (art. 10A1, ook van toepassing op UTA 1-werknemers via art. 10A2).
Voor het eerste, tweede en derde overuur voorafgaand aan of aansluitend op de dagelijkse arbeidstijd: 25% toeslag op het uurloon.
Voor overige overuren op een normale werkdag vanaf maandag 05:00 uur en voor arbeid op zaterdag tot 21:00 uur: 50% toeslag.
Voor arbeid tussen zaterdag 21:00 uur en maandag 05:00 uur: 100% toeslag.
Structureel overwerk is niet toegestaan, behalve met toestemming van cao-partijen.
{/tab}
Opzegtermijn
Werkgever (art. 5 lid 5): een termijn van zoveel weken als de dienstbetrekking gehele jaren heeft geduurd, met een maximum van 13 weken.
Werknemer: een termijn van zoveel weken als de dienstbetrekking tijdvakken van twee gehele jaren heeft geduurd, met een maximum van 6 weken.
Voor beide partijen geldt een minimum van 1 week; opzegging kan alleen tegen het einde van een kalenderweek.
Alle bedragen komen uit bijlage II van het cao-boekje en gelden per 1 februari 2026 en per 1 januari 2027 (tenzij anders vermeld).
Volwassenen
Garantielonen voor volwassen werknemers (20 jaar en ouder), naar functiegroep.
Garantielonen voor volwassenen
Functiegroep
1 februari 2026
1 januari 2027
Uurloon
Weekloon
Maandloon
Uurloon
Weekloon
Maandloon
1A en 1B
€ 18,27
€ 730,80
€ 3.166,78
€ 18,91
€ 756,37
€ 3.277,62
2
€ 19,33
€ 773,17
€ 3.350,42
€ 20,01
€ 800,24
€ 3.467,69
3
€ 20,42
€ 816,71
€ 3.539,07
€ 21,13
€ 845,29
€ 3.662,94
4
€ 21,52
€ 860,80
€ 3.730,15
€ 22,27
€ 890,93
€ 3.860,71
5
€ 22,61
€ 904,38
€ 3.918,96
€ 23,40
€ 936,03
€ 4.056,12
Voor volwassenen zonder diploma vakopleiding in functiegroep 1A/1B geldt een lager garantieloon:
Garantielonen volwassenen zonder diploma vakopleiding
Functiegroep
1 februari 2026
1 januari 2027
Uurloon
Weekloon
Maandloon
Uurloon
Weekloon
Maandloon
1A en 1B (zonder diploma vakopleiding)
€ 17,19
€ 687,62
€ 2.979,70
€ 17,79
€ 711,69
€ 3.083,99
{/tab}
Jeugdigen
Per 1 januari 2026 geldt voor alle jeugdige werknemers van 18 en 19 jaar met diploma vakopleiding het garantieloon voor volwassenen (zie tabblad hiervoor).
Garantielonen 17-jarigen met diploma vakopleiding
Leeftijd
1 februari 2026
1 januari 2027
Uurloon
Weekloon
Maandloon
Uurloon
Weekloon
Maandloon
17 jaar (met diploma vakopleiding)
€ 17,19
€ 687,62
€ 2.979,70
€ 17,79
€ 711,69
€ 3.083,99
Garantielonen jeugdigen zonder diploma vakopleiding
Leeftijd
1 februari 2026
1 januari 2027
Uurloon
Weekloon
Maandloon
Uurloon
Weekloon
Maandloon
16 jaar
€ 9,34
€ 373,66
€ 1.619,21
€ 9,67
€ 386,74
€ 1.675,88
17 jaar
€ 10,70
€ 427,82
€ 1.853,89
€ 11,07
€ 442,79
€ 1.918,78
18 jaar
€ 11,60
€ 464,17
€ 2.011,42
€ 12,01
€ 480,42
€ 2.081,82
19 jaar
€ 13,93
€ 557,01
€ 2.413,70
€ 14,41
€ 576,50
€ 2.498,18
{/tab}
Nieuwe instromers
Voor nieuwe instromers (zonder ervaring in de sector) van 16 t/m 19 jaar geldt gedurende maximaal 1 jaar een lagere inloopschaal, opgebouwd uit een eerste en een tweede halfjaar.
Garantielonen nieuwe instromers - 1e halfjaar
Leeftijd
1 februari 2026
1 januari 2027
Uurloon
Weekloon
Maandloon
Uurloon
Weekloon
Maandloon
16 jaar
€ 6,17
€ 246,70
€ 1.069,02
€ 6,38
€ 255,33
€ 1.106,44
17 jaar
€ 7,06
€ 282,45
€ 1.223,97
€ 7,31
€ 292,34
€ 1.266,81
18 jaar
€ 8,47
€ 338,80
€ 1.468,14
€ 8,77
€ 350,66
€ 1.519,53
19 jaar
€ 10,16
€ 406,47
€ 1.761,37
€ 10,52
€ 420,70
€ 1.823,02
Garantielonen nieuwe instromers - 2e halfjaar
Leeftijd
1 februari 2026
1 januari 2027
Uurloon
Weekloon
Maandloon
Uurloon
Weekloon
Maandloon
16 jaar
€ 7,14
€ 285,66
€ 1.237,84
€ 7,39
€ 295,65
€ 1.281,16
17 jaar
€ 8,18
€ 327,05
€ 1.417,23
€ 8,46
€ 338,50
€ 1.466,83
18 jaar
€ 9,41
€ 376,36
€ 1.630,91
€ 9,74
€ 389,54
€ 1.687,99
19 jaar
€ 11,29
€ 451,63
€ 1.957,07
€ 11,69
€ 467,44
€ 2.025,57
{/tab}
Werknemers met een arbeidsbeperking
Voor werknemers met een arbeidsbeperking gelden aparte garantielonen, gebaseerd op het wettelijk minimumloon (WML). Deze zijn alleen bekend per 1 januari 2026; het cao-boekje vermeldt dat de bedragen per 1 januari 2027 nog niet vaststaan.
Garantielonen werknemers met een arbeidsbeperking - 1e jaar (100% WML) (1 januari 2026)
Leeftijd
Uurloon
Weekloon
Maandloon
16 jaar
€ 5,07
€ 203,00
€ 879,66
17 jaar
€ 5,81
€ 232,42
€ 1.007,14
18 jaar
€ 7,36
€ 294,20
€ 1.274,87
19 jaar
€ 8,83
€ 353,04
€ 1.529,84
20 jaar
€ 11,77
€ 470,72
€ 2.039,79
21 jaar en ouder
€ 14,71
€ 588,40
€ 2.549,73
Garantielonen werknemers met een arbeidsbeperking - 2e jaar (110% WML) (1 januari 2026)
Leeftijd
Uurloon
Weekloon
Maandloon
16 jaar
€ 5,58
€ 223,30
€ 967,62
17 jaar
€ 6,39
€ 255,66
€ 1.107,86
18 jaar
€ 8,09
€ 323,62
€ 1.402,35
19 jaar
€ 9,71
€ 388,34
€ 1.682,82
20 jaar
€ 12,94
€ 517,79
€ 2.243,77
21 jaar en ouder
€ 16,18
€ 647,24
€ 2.804,71
{/tab}
UTA-werknemers
UTA 1 = lager ondersteunend personeel (administratief/logistiek); UTA 2 = staf- en kaderfuncties op middelbaar niveau; UTA 3 = hogere staf- en kaderfuncties (gelijk aan het garantieloon van functiegroep 5). Niet van toepassing op bedrijfsleiders die rechtstreeks aan de directie rapporteren.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO Contractcateringbranche 2026.
Deze cao bestaat uit een algemeen deel, Deel A (werknemers die al vóór 1 april 2022 in dienst waren) en Deel B (werknemers die vanaf 1 april 2022 zijn ingestroomd). Waar de regelingen verschillen, staat dit hieronder apart vermeld.
Stamgegevens
Kerncijfers CAO Contractcatering 2026
Looptijd
1 januari 2026 t/m 31 december 2026 (1 jaar)
Cao-partijen
Albron, Appel, Gate Gourmet, Hutten, ISS Catering Services, KLM Catering Services, Smaak Bedrijfscatering, Sodexo en Vitam (werkgevers) en De Horecabond, CNV en De Unie (werknemers)
Loonsverhoging
2,16% (functiegroep 1-2 / I+II, gekoppeld aan het WML) en 2,5% (overige functiegroepen) per 1 januari 2026 in zowel Deel A als Deel B, plus een eenmalige uitkering van € 225 bruto (fulltime) in oktober 2026 voor wie op 1 oktober 2025 én 1 oktober 2026 in dienst is
Vakantiedagen
Deel A: 25 dagen (18 jaar en ouder) / 28 dagen (jonger dan 18 jaar). Deel B: 25 dagen (20 wettelijke + 5 bovenwettelijke dagen)
Vakantietoeslag
8% van het loon in beide delen, uitbetaald in mei/juni
Overwerkvergoeding
Deel A: toeslag van 25% tot 100% van het uurloon via een matrix (tijdstip/dag afhankelijk). Deel B: primair tijd-voor-tijd (1 uur vrije tijd per overwerkuur), bij niet-compensatie binnen 3 maanden 100% uitbetaling
Opzegtermijn
Niet apart geregeld in de cao; in beide delen gelden de wettelijke opzegtermijnen uit het Burgerlijk Wetboek
{/tab}
Salarisverhogingen
Deel A (art. 32): per 1 januari 2026 stijgen de schaalbedragen en feitelijk uitbetaalde lonen met 2,16% (schaal 1 en 2, met een minimum van het wettelijk minimumloon) of 2,5% (schaal 3 t/m 9); voor inflightcatering geldt een vlakke verhoging van 2,5%.
Deel B (art. 4.7): per 1 januari 2026 stijgt het feitelijk loon van functiegroep I+II met hetzelfde percentage als het wettelijk minimumloon (2,16%; deze functiegroep volgt de WML-ontwikkeling ook per 1 juli 2026). Voor functiegroepen III t/m XI geldt een verhoging van 2,5%. Beide verhogingen gelden ook voor lonen boven het eindloon van de functiegroep, mits de werknemer minimaal 1 jaar in dienst is.
In beide delen ontvangen werknemers die op 1 oktober 2025 in dienst waren en op 1 oktober 2026 nog steeds in dienst zijn, in oktober 2026 een eenmalige uitkering van € 225 bruto (fulltime, parttime naar rato).
Deel B kent daarnaast een individuele periodieke verhoging: de vakvolwassen vakkracht die nog niet het eindloon van de schaal verdient, heeft jaarlijks recht op 2% loonsverhoging bij de eerstvolgende periodiek, mits minimaal een vol kalenderjaar in dezelfde functie bij dezelfde werkgever in dienst (art. 4.11).
{/tab}
Vakantiedagen
Deel A (art. 51-53): werknemers van 18 jaar en ouder hebben recht op minimaal 25 vakantiedagen per jaar (waarvan minimaal 3 weken aaneengesloten), werknemers jonger dan 18 jaar op 28 dagen. Wettelijke dagen vervallen 6 maanden na afloop van het opbouwjaar, bovenwettelijke dagen na 5 jaar.
Deel B (art. 3.16-3.17): 20 wettelijke vakantiedagen (4x de wekelijkse arbeidsduur) plus 5 bovenwettelijke dagen, samen 25 dagen bij een voltijd dienstverband. Het vakantiejaar loopt in beginsel van 1 juni t/m 31 mei (de werkgever mag ook kiezen voor 1 januari t/m 31 december voor de hele onderneming).
{/tab}
Overwerkvergoeding
Deel A (art. 37, bijlage A.A2/A.A3): recht op een overwerktoeslag volgens een matrix die per tijdstip en weekdag varieert van 25% tot 100% van het uurloon (bijvoorbeeld 25% doordeweeks overdag, oplopend tot 100% in de nacht van zaterdag op zondag en op zondag zelf). Bij 4- en 5-ploegendienst geldt een vaste overwerkvergoeding van 75%.
Deel B (art. 3.14-3.15): overwerk wordt in beginsel gecompenseerd met tijd-voor-tijd (1 uur vrije tijd per overwerkuur). Is compensatie in tijd niet mogelijk binnen 3 maanden, dan wordt het overwerk alsnog uitbetaald tegen 100% van het uurloon.
{/tab}
Opzegtermijn
Deze cao regelt de opzegtermijn niet zelf; zowel in Deel A (art. 8) als in Deel B (art. 2.6) wordt uitdrukkelijk verwezen naar de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek.
Bij arbeidsovereenkomsten van 6 maanden of langer geldt in beide delen wel een aanzegtermijn van 1 maand: de werkgever moet uiterlijk 1 maand voor het einde van de bepaalde tijd schriftelijk laten weten of het contract wordt voortgezet.
Deze cao kent twee volledig gescheiden loongebouwen: Deel A (bijlage A.A1, voor werknemers die al vóór 1 april 2022 in dienst waren) en Deel B (bijlage B.II, voor werknemers die vanaf 1 april 2022 zijn ingestroomd). Daarnaast gelden binnen Deel A een aantal aparte loonschalen: overgangsschalen voor institutionele catering (bijlage A.B1/A.B2), inflightcatering (bijlage A.C1) en de horeca-schaal (bijlage A.D3). Alle tabellen hieronder gelden per 1 januari 2026.
Deel A - algemene loonschalen
Loonschalen per 1 januari 2026 voor de algemene sectoren binnen Deel A (bedrijfscatering, institutionele catering en onderwijscatering). Salarisgroep I en II zijn gelijk aan het wettelijk minimumloon voor functiejaar 0 t/m 2. Voor inflightcatering en de cao horeca-schaal gelden aparte loonschalen (bijlage A.C1 resp. A.D3, zie de tabbladen hiernaast), en voor werknemers die vóór 1 juli 1994 in dienst kwamen gelden overgangsschalen (bijlage A.B1/A.B2, eveneens als apart tabblad hiernaast).
Bruto maandloon (bijlage A.A1)
Functiejaren
I
II
III
IV
V
VI
VII
VIII
IX
0 fj
€ 2.549,73
€ 2.549,73
€ 2.558,44
€ 2.764,27
€ 3.019,70
€ 3.328,76
€ 3.662,21
€ 4.008,89
€ 4.246,05
1 fj
€ 2.549,73
€ 2.549,73
€ 2.577,47
€ 2.824,55
€ 3.085,10
€ 3.400,45
€ 3.740,63
€ 4.094,40
€ 4.330,93
2 fj
€ 2.549,73
€ 2.549,73
€ 2.632,83
€ 2.884,82
€ 3.150,50
€ 3.472,12
€ 3.819,10
€ 4.179,94
€ 4.417,58
3 fj
€ 2.549,73
€ 2.592,36
€ 2.689,25
€ 2.946,25
€ 3.217,16
€ 3.545,15
€ 3.899,09
€ 4.267,19
€ 4.505,89
4 fj
€ 2.746,78
€ 3.008,93
€ 3.285,14
€ 3.619,69
€ 3.980,71
€ 4.356,15
€ 4.595,99
5 fj
€ 3.354,45
€ 3.695,65
€ 4.063,86
€ 4.446,80
€ 4.687,93
6 fj
€ 3.773,34
€ 4.148,98
€ 4.539,57
€ 4.781,67
7 fj
€ 4.634,09
€ 4.877,33
8 fj
€ 4.974,87
Bruto uurloon (bijlage A.A1)
Functiejaren
I
II
III
IV
V
VI
VII
VIII
IX
0 fj
€ 14,71
€ 14,71
€ 14,76
€ 15,95
€ 17,42
€ 19,20
€ 21,13
€ 23,13
€ 24,50
1 fj
€ 14,71
€ 14,71
€ 14,87
€ 16,30
€ 17,80
€ 19,62
€ 21,58
€ 23,62
€ 24,99
2 fj
€ 14,71
€ 14,71
€ 15,19
€ 16,64
€ 18,18
€ 20,03
€ 22,03
€ 24,12
€ 25,49
3 fj
€ 14,71
€ 14,96
€ 15,52
€ 17,00
€ 18,56
€ 20,45
€ 22,50
€ 24,62
€ 26,00
4 fj
€ 15,85
€ 17,36
€ 18,95
€ 20,88
€ 22,97
€ 25,13
€ 26,52
5 fj
€ 19,35
€ 21,32
€ 23,45
€ 25,66
€ 27,05
6 fj
€ 21,77
€ 23,94
€ 26,19
€ 27,59
7 fj
€ 26,74
€ 28,14
8 fj
€ 28,70
{/tab}
Deel B - loontabel
Loontabel per 1 januari 2026, gebaseerd op 1.976 uur per jaar (gemiddeld 38 uur per week). De periodieken zijn sinds 1 januari 2025 richtinggevend (niet verplicht) en geven alleen het groeipotentieel aan; de daadwerkelijke jaarlijkse groei verloopt via de individuele periodieke verhoging van 2% (art. 4.11).
Bruto maandloon (bijlage B.II)
Periodiek
I+II
III
IV
V
VI
VII
VIII
IX
X
XI
eindloon
€ 2.520,11
€ 2.582,71
€ 2.778,00
€ 3.032,79
€ 3.289,31
€ 3.678,53
€ 4.027,96
€ 4.478,07
€ 4.881,05
€ 5.320,39
periodiek 12
€ 4.390,27
€ 4.785,34
€ 5.216,06
periodiek 11
€ 3.606,40
€ 3.948,98
€ 4.304,18
€ 4.691,51
€ 5.113,79
periodiek 10
€ 3.224,82
€ 3.535,69
€ 3.871,55
€ 4.219,79
€ 4.599,52
€ 5.013,52
periodiek 9
€ 2.993,76
€ 3.161,59
€ 3.466,36
€ 3.795,63
€ 4.137,05
€ 4.509,33
€ 4.915,21
periodiek 8
€ 2.935,06
€ 3.099,59
€ 3.398,39
€ 3.721,21
€ 4.055,93
€ 4.420,91
€ 4.818,84
periodiek 7
€ 2.877,51
€ 3.038,82
€ 3.331,76
€ 3.648,24
€ 3.976,40
€ 4.334,23
€ 4.724,35
periodiek 6
€ 2.773,33
€ 2.821,09
€ 2.979,23
€ 3.266,43
€ 3.576,71
€ 3.898,43
€ 4.249,24
€ 4.631,72
periodiek 5
€ 2.718,95
€ 2.765,77
€ 2.920,82
€ 3.202,38
€ 3.506,58
€ 3.821,99
€ 4.165,93
€ 4.540,90
periodiek 4
€ 2.665,64
€ 2.711,54
€ 2.863,55
€ 3.139,59
€ 3.437,82
€ 3.747,05
€ 4.084,24
€ 4.451,86
periodiek 3
€ 2.613,37
€ 2.658,37
€ 2.807,40
€ 3.078,03
€ 3.370,41
€ 3.673,58
€ 4.004,16
€ 4.364,57
periodiek 2
€ 2.554,85
€ 2.562,13
€ 2.606,25
€ 2.752,35
€ 3.017,68
€ 3.304,33
€ 3.601,55
€ 3.925,65
€ 4.278,99
periodiek 1
€ 2.470,69
€ 2.504,76
€ 2.511,89
€ 2.555,14
€ 2.698,38
€ 2.958,51
€ 3.239,54
€ 3.530,93
€ 3.848,67
€ 4.195,09
basisloon 100% (20 jaar en ouder)
€ 2.422,25
€ 2.455,64
€ 2.462,64
€ 2.505,04
€ 2.645,47
€ 2.900,50
€ 3.176,02
€ 3.461,70
€ 3.773,21
€ 4.112,83
90% (19 jaar)
€ 2.180,02
€ 2.210,08
€ 2.216,38
€ 2.254,54
€ 2.380,93
€ 2.610,45
€ 2.858,41
€ 3.115,53
€ 3.395,89
€ 3.701,55
80% (18 jaar)
€ 1.937,80
€ 1.964,52
€ 1.970,11
€ 2.004,04
€ 2.116,38
€ 2.320,40
€ 2.540,81
€ 2.769,36
€ 3.018,57
€ 3.290,27
Bruto basisuurloon (bijlage B.II)
Leeftijd/percentage
I+II
III
IV
V
VI
VII
VIII
IX
X
XI
100% (20 jaar en ouder)
€ 14,71
€ 14,91
€ 14,96
€ 15,21
€ 16,07
€ 17,61
€ 19,29
€ 21,02
€ 22,91
€ 24,98
90% (19 jaar)
€ 13,24
€ 13,42
€ 13,46
€ 13,69
€ 14,46
€ 15,85
€ 17,36
€ 18,92
€ 20,62
€ 22,48
80% (18 jaar)
€ 11,77
€ 11,93
€ 11,96
€ 12,17
€ 12,85
€ 14,09
€ 15,43
€ 16,82
€ 18,33
€ 19,98
{/tab}
Deel A - overgang vóór 1994 (B1)
Bijlage A.B1: overgangsschaal institutionele catering per 1 januari 2026, voor werknemers die vóór 1 juli 1994 in dienst kwamen.
Bruto maandloon (bijlage A.B1)
Functiejaren
I (2,16%)
II (2,16%)
III (2,5%)
IV (2,5%)
V (2,5%)
VI (2,5%)
VII (2,5%)
VIII (2,5%)
IX (2,5%)
0 fj
€ 2.549,73*
€ 2.624,48
€ 2.711,08
€ 2.953,23
€ 3.203,57
€ 3.510,96
€ 3.844,35
€ 4.191,06
€ 4.419,71
1 fj
€ 2.569,79
€ 2.678,03
€ 2.766,44
€ 3.013,50
€ 3.268,94
€ 3.582,57
€ 3.922,80
€ 4.276,59
€ 4.504,63
2 fj
€ 2.621,19
€ 2.731,62
€ 2.821,76
€ 3.073,69
€ 3.334,29
€ 3.654,26
€ 4.001,27
€ 4.362,11
€ 4.591,24
3 fj
€ 2.673,58
€ 2.786,26
€ 2.878,15
€ 3.135,21
€ 3.400,98
€ 3.727,38
€ 4.081,26
€ 4.449,36
€ 4.679,57
4 fj
€ 2.727,05
€ 2.841,91
€ 2.935,72
€ 3.197,87
€ 3.469,03
€ 3.801,84
€ 4.162,87
€ 4.538,29
€ 4.769,72
5 fj
€ 2.898,66
€ 2.994,36
€ 3.261,75
€ 3.538,30
€ 3.877,77
€ 4.246,05
€ 4.628,98
€ 4.861,64
6 fj
€ 3.609,23
€ 3.955,50
€ 4.331,16
€ 4.721,78
€ 4.955,37
7 fj
€ 4.034,69
€ 4.417,84
€ 4.816,25
€ 5.051,02
8 fj
€ 4.912,49
€ 5.148,54
Bruto uurloon (bijlage A.B1)
Functiejaren
I (2,16%)
II (2,16%)
III (2,5%)
IV (2,5%)
V (2,5%)
VI (2,5%)
VII (2,5%)
VIII (2,5%)
IX (2,5%)
0 fj
€ 14,71*
€ 15,14
€ 15,64
€ 17,04
€ 18,48
€ 20,26
€ 22,18
€ 24,18
€ 25,50
1 fj
€ 14,83
€ 15,45
€ 15,96
€ 17,39
€ 18,86
€ 20,67
€ 22,63
€ 24,67
€ 25,99
2 fj
€ 15,12
€ 15,76
€ 16,28
€ 17,73
€ 19,24
€ 21,08
€ 23,08
€ 25,17
€ 26,49
3 fj
€ 15,42
€ 16,07
€ 16,61
€ 18,09
€ 19,62
€ 21,50
€ 23,55
€ 25,67
€ 27,00
4 fj
€ 15,73
€ 16,40
€ 16,94
€ 18,45
€ 20,01
€ 21,93
€ 24,02
€ 26,18
€ 27,52
5 fj
€ 16,72
€ 17,28
€ 18,82
€ 20,41
€ 22,37
€ 24,50
€ 26,71
€ 28,05
6 fj
€ 20,82
€ 22,82
€ 24,99
€ 27,24
€ 28,59
7 fj
€ 23,28
€ 25,49
€ 27,79
€ 29,14
8 fj
€ 28,34
€ 29,70
* Dit is het wettelijk minimumloon per 1 januari 2026.
{/tab}
Deel A - overgang na 1994 (B2)
Bijlage A.B2: overgangsschaal institutionele catering per 1 januari 2026, voor werknemers die na 1 juli 1994 in dienst kwamen.
Bruto maandloon (bijlage A.B2)
Functiejaren
I (2,16%)
II (2,16%)
III (2,5%)
IV (2,5%)
V (2,5%)
VI (2,5%)
VII (2,5%)
VIII (2,5%)
0 fj
€ 2.549,73*
€ 2.549,73*
€ 2.558,44
€ 2.558,44
€ 2.688,17
€ 2.944,94
€ 3.224,57
€ 3.513,95
1 fj
€ 2.549,73*
€ 2.549,73*
€ 2.558,44
€ 2.558,44
€ 2.743,05
€ 3.005,03
€ 3.290,39
€ 3.585,68
2 fj
€ 2.549,73*
€ 2.549,73*
€ 2.558,44
€ 2.582,55
€ 2.799,00
€ 3.066,31
€ 3.357,51
€ 3.658,85
3 fj
€ 2.549,73*
€ 2.549,73*
€ 2.558,44
€ 2.633,97
€ 2.856,12
€ 3.128,93
€ 3.426,03
€ 3.733,54
4 fj
€ 2.549,73*
€ 2.549,73*
€ 2.558,44
€ 2.687,71
€ 2.914,43
€ 3.192,75
€ 3.495,95
€ 3.809,71
5 fj
€ 2.549,73*
€ 2.549,73*
€ 2.558,44
€ 2.742,56
€ 2.973,91
€ 3.257,90
€ 3.567,34
€ 3.887,46
6 fj
€ 2.549,73*
€ 2.549,73*
€ 2.571,37
€ 2.798,51
€ 3.034,59
€ 3.324,41
€ 3.640,08
€ 3.966,77
7 fj
€ 2.549,73*
€ 2.549,73*
€ 2.622,17
€ 2.855,62
€ 3.096,49
€ 3.392,22
€ 3.714,38
€ 4.047,72
8 fj
€ 2.549,73*
€ 2.591,89
€ 2.675,63
€ 2.913,89
€ 3.159,71
€ 3.461,47
€ 3.790,15
€ 4.130,35
9 fj
€ 2.549,73*
€ 2.644,01
€ 2.730,18
€ 2.973,34
€ 3.224,14
€ 3.532,10
€ 3.867,52
€ 4.214,61
10 fj
€ 2.582,65
€ 2.694,43
€ 2.785,03
€ 3.034,06
€ 3.289,96
€ 3.604,23
€ 3.946,44
€ 4.300,63
11 fj
€ 2.635,14
€ 2.749,38
€ 2.841,89
€ 3.095,91
€ 3.357,07
€ 3.677,73
€ 4.026,95
€ 4.388,35
12 fj
€ 2.688,89
€ 2.805,50
€ 2.899,83
€ 3.159,12
€ 3.425,55
€ 3.752,79
€ 4.109,12
€ 4.477,91
13 fj
€ 2.862,67
€ 2.958,95
€ 3.223,49
€ 3.495,38
€ 3.829,26
€ 4.192,86
€ 4.569,19
14 fj
€ 3.566,85
€ 3.907,85
€ 4.278,68
€ 4.662,62
15 fj
€ 3.987,39
€ 4.366,08
€ 4.757,90
16 fj
€ 4.854,88
Bruto uurloon (bijlage A.B2)
Functiejaren
I (2,16%)
II (2,16%)
III (2,5%)
IV (2,5%)
V (2,5%)
VI (2,5%)
VII (2,5%)
VIII (2,5%)
0 fj
€ 14,71*
€ 14,71*
€ 14,76
€ 14,76
€ 15,51
€ 16,99
€ 18,60
€ 20,27
1 fj
€ 14,71*
€ 14,71*
€ 14,76
€ 14,76
€ 15,83
€ 17,34
€ 18,98
€ 20,69
2 fj
€ 14,71*
€ 14,71*
€ 14,76
€ 14,90
€ 16,15
€ 17,69
€ 19,37
€ 21,11
3 fj
€ 14,71*
€ 14,71*
€ 14,76
€ 15,20
€ 16,48
€ 18,05
€ 19,77
€ 21,54
4 fj
€ 14,71*
€ 14,71*
€ 14,76
€ 15,51
€ 16,81
€ 18,42
€ 20,17
€ 21,98
5 fj
€ 14,71*
€ 14,71*
€ 14,76
€ 15,82
€ 17,16
€ 18,80
€ 20,58
€ 22,43
6 fj
€ 14,71*
€ 14,71*
€ 14,84
€ 16,15
€ 17,51
€ 19,18
€ 21,00
€ 22,89
7 fj
€ 14,71*
€ 14,71*
€ 15,13
€ 16,48
€ 17,86
€ 19,57
€ 21,43
€ 23,35
8 fj
€ 14,71*
€ 14,95
€ 15,44
€ 16,81
€ 18,23
€ 19,97
€ 21,87
€ 23,83
9 fj
€ 14,71*
€ 15,25
€ 15,75
€ 17,15
€ 18,60
€ 20,38
€ 22,31
€ 24,32
10 fj
€ 14,90
€ 15,55
€ 16,07
€ 17,50
€ 18,98
€ 20,79
€ 22,77
€ 24,81
11 fj
€ 15,20
€ 15,86
€ 16,40
€ 17,86
€ 19,37
€ 21,22
€ 23,23
€ 25,32
12 fj
€ 15,51
€ 16,19
€ 16,73
€ 18,23
€ 19,76
€ 21,65
€ 23,71
€ 25,83
13 fj
€ 16,52
€ 17,07
€ 18,60
€ 20,17
€ 22,09
€ 24,19
€ 26,36
14 fj
€ 20,58
€ 22,55
€ 24,69
€ 26,90
15 fj
€ 23,00
€ 25,19
€ 27,45
16 fj
€ 28,01
* Dit is het wettelijk minimumloon per 1 januari 2026.
{/tab}
Deel A - inflightcatering (C1)
Bijlage A.C1: loontabel inflightcatering per 1 januari 2026. Salarisgroepen I, II en III kennen een aanloopschaalsalaris voor nieuwe instroom in de branche, voor maximaal 6 maanden: salarisgroep I ligt 17,3% onder het cao-loon, salarisgroep II 10% onder het cao-loon en salarisgroep III 5% onder het cao-loon.
Bruto maandloon (bijlage A.C1)
Functiejaren
I (2,5%)
II (2,5%)
III (2,5%)
IV (2,5%)
V (2,5%)
VI (2,5%)
VII (2,5%)
VIII (2,5%)
0 fj
€ 2.678,72
€ 2.753,36
€ 2.830,18
€ 3.047,66
€ 3.351,69
€ 3.665,35
€ 3.975,85
€ 4.298,77
1 fj
€ 2.725,32
€ 2.801,45
€ 2.879,90
€ 3.101,76
€ 3.412,01
€ 3.732,05
€ 4.048,92
€ 4.378,43
2 fj
€ 2.771,94
€ 2.849,63
€ 2.929,58
€ 3.155,83
€ 3.472,31
€ 3.798,78
€ 4.122,00
€ 4.458,07
3 fj
€ 2.819,42
€ 2.898,72
€ 2.980,23
€ 3.211,09
€ 3.533,86
€ 3.866,92
€ 4.196,50
€ 4.539,35
4 fj
€ 2.867,90
€ 2.948,72
€ 3.031,92
€ 3.267,37
€ 3.596,64
€ 3.936,25
€ 4.272,51
€ 4.622,18
5 fj
€ 2.999,72
€ 3.084,59
€ 3.324,75
€ 3.660,58
€ 4.006,98
€ 4.350,00
€ 4.706,63
6 fj
€ 3.726,04
€ 4.079,38
€ 4.429,24
€ 4.793,06
7 fj
€ 4.153,14
€ 4.509,99
€ 4.881,06
8 fj
€ 4.970,69
Bruto uurloon (bijlage A.C1)
Functiejaren
I (2,5%)
II (2,5%)
III (2,5%)
IV (2,5%)
V (2,5%)
VI (2,5%)
VII (2,5%)
VIII (2,5%)
0 fj
€ 15,45
€ 15,89
€ 16,33
€ 17,58
€ 19,34
€ 21,15
€ 22,94
€ 24,80
1 fj
€ 15,72
€ 16,16
€ 16,62
€ 17,90
€ 19,69
€ 21,53
€ 23,36
€ 25,26
2 fj
€ 15,99
€ 16,44
€ 16,90
€ 18,21
€ 20,03
€ 21,92
€ 23,78
€ 25,72
3 fj
€ 16,27
€ 16,72
€ 17,19
€ 18,53
€ 20,39
€ 22,31
€ 24,21
€ 26,19
4 fj
€ 16,55
€ 17,01
€ 17,49
€ 18,85
€ 20,75
€ 22,71
€ 24,65
€ 26,67
5 fj
€ 17,31
€ 17,80
€ 19,18
€ 21,12
€ 23,12
€ 25,10
€ 27,15
6 fj
€ 21,50
€ 23,54
€ 25,55
€ 27,65
7 fj
€ 23,96
€ 26,02
€ 28,16
8 fj
€ 28,68
{/tab}
Deel A - horeca-schaal (D3)
Bijlage A.D3: loontabel horeca / bijzondere vorm onderwijscatering per 1 januari 2026, o.b.v. gemiddelde arbeidstijd van 38 uur per week (1.976 uur per jaar). Bruto maandbedragen.
Salarisgroep
I (2,16%)
II (2,16%)
III (2,5%)
IV (2,5%)
V (2,5%)
VI (2,5%)
VII (2,5%)
VIII (2,5%)
IX (2,5%)
X (2,5%)
XI (2,5%)
Basisloon vakvolwassen
€ 2.422,25*
€ 2.422,25*
€ 2.430,52
€ 2.430,52
€ 2.463,36
€ 2.672,28
€ 2.928,69
€ 3.206,80
€ 3.495,99
€ 3.810,65
€ 4.153,62
Eindloon vakvolwassen
€ 2.422,25*
€ 2.458,72
€ 2.631,69
€ 2.772,77
€ 3.029,63
€ 3.286,59
€ 3.673,97
€ 4.022,84
€ 4.473,41
€ 4.876,02
€ 5.312,77
* Betreft het wettelijk minimumloon per 1 januari 2026. Voor jeugdlonen en leerlingenschalen gelden percentages van het basisloon; zie het cao-boekje voor de volledige tabel.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
2,2% per 1 januari 2026, 1% per 1 juli 2026, 1,8% per 1 januari 2027 en 1% per 1 juli 2027 (alleen van toepassing tot de cao-loongrens)
Vakantiedagen
182 vakantie-uren per vakantiejaar (fulltimer), met extra uren bij lang dienstverband en hogere leeftijd
Vakantietoeslag
8% van het brutoloon over het vakantiejaar (wettelijk minimum), uitbetaald met het salaris over de maand mei
Overwerkvergoeding
Meerwerk: eerste 2 uur +25%, vanaf het 3e uur +50%. Daarnaast toeslagen voor inconveniente uren (avond/nacht/zaterdag/zondag/feestdag, 50-150%)
Opzegtermijn werkgever
1 maand (korter dan 5 dienstjaren), oplopend tot 4 maanden (15 jaar of langer)
Opzegtermijn werknemer
1 maand
{/tab}
Salarisverhogingen
1 januari 2026: 2,2% structurele verhoging van de feitelijke salarissen en salarisschalen.
1 juli 2026: 1% structurele verhoging.
1 januari 2027: 1,8% structurele verhoging.
1 juli 2027: 1% structurele verhoging.
Deze verhogingen gelden alleen voor het deel van het salaris tot de cao-loongrens. Deze loongrens bedraagt € 45.669 bruto per jaar (incl. vakantiebijslag) per 1 januari 2026, € 46.126 per 1 juli 2026, € 46.956 per 1 januari 2027 en € 47.426 per 1 juli 2027. Over het salarisdeel boven de grens bestaat geen aanspraak op de cao-loonsverhogingen.
Geen eenmalige uitkering opgenomen in deze cao.
{/tab}
Vakantiedagen
Het vakantiejaar loopt van 1 juni tot en met 31 mei.
De fulltimer heeft over elk heel vakantiejaar recht op 182 vakantie-uren. Voor parttimers geldt dit naar evenredigheid van het dienstverband.
Extra vakantie-uren bij lang dienstverband: 15 extra uren bij 25 dienstjaren, 30 extra uren bij 40 dienstjaren (bij dezelfde onderneming).
Extra vakantie-uren bij hogere leeftijd: 8 extra uren vanaf 50 jaar, 15 extra uren vanaf 55 jaar, 22 extra uren vanaf 60 jaar.
Bij samenloop van meerdere rechten (dienstjaren en leeftijd) geldt alleen het meest verstrekkende recht, niet een optelling.
De werkgever kan maximaal 23 vakantie-uren (verdeeld over maximaal 3 dagen) als verplichte collectieve vrije uren aanwijzen.
Vakantietoeslag: 8% van het brutoloon over het vakantiejaar (wettelijk minimum), uitbetaald uiterlijk met het salaris over de maand mei.
{/tab}
Overwerkvergoeding
Meerwerk (art. 7-8B): arbeid buiten het vierwekenrooster, mits in de betreffende week meer dan 40 uur is gewerkt.
Eerste 2 uur meerwerk: uurloon + 25% toeslag (in tijd of geld).
Vanaf het 3e uur meerwerk: uurloon + 50% toeslag (in tijd of geld).
De toeslag wordt in beginsel in vrije tijd uitgekeerd, tenzij werkgever en werknemer geld overeenkomen; opgebouwde vrije tijd moet uiterlijk binnen 6 maanden worden opgenomen.
Inconveniente uren (art. 7-8A): toeslag boven op het uurloon voor arbeid op onderstaande tijden:
Dag / tijd
Toeslag
Ma-vr 21:00 - 07:00
50%
Zaterdag 00:00 - 07:00
50%
Zaterdag 18:00 - 24:00
100%
Zon-/feestdag 00:00 - 19:00
50%*
Zon-/feestdag 19:00 - 21:00
125%
Zon-/feestdag 21:00 - 24:00
150%
* Voor de zondag tussen 00:00 en 19:00 geldt in zowel de Boekhandel als de Kantoorvakhandel een verlaagde toeslag van 50% (in plaats van 100%); werknemers die hier nadeel van ondervinden, worden hiervoor gecompenseerd via bedrijfsafspraken.
Werknemers met een salaris boven de cao-loongrens (zie tabblad Salarisverhogingen) hebben geen aanspraak op de toeslag voor meerwerk en/of inconveniente uren.
{/tab}
Opzegtermijn
Proeftijd: 2 maanden (bij een arbeidsovereenkomst van 6 maanden of langer).
Opzegtermijn werkgever, afhankelijk van de duur van het dienstverband: korter dan 5 jaar: 1 maand; 5 tot 10 jaar: 2 maanden; 10 tot 15 jaar: 3 maanden; 15 jaar of langer: 4 maanden.
Opzegtermijn werknemer: 1 maand. Werkgever en werknemer kunnen dit schriftelijk verlengen tot maximaal 3 maanden, mits de termijn voor de werknemer niet langer is dan die voor de werkgever.
Als de werknemer de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt, bedraagt de opzegtermijn voor de werkgever altijd 1 maand.
Salaristabel CAO Boekhandel & Kantoorvakhandel 2025-2027
Onderstaande salaristabel (bijlage I) geldt per 1 januari 2026 (na de verhoging van 2,2%). Functiegroep 1 volgt tot en met 21 jaar altijd het wettelijk minimum(jeugd)loon. Tot 22 jaar is het salaris gebaseerd op de leeftijd van de werknemer (leeftijdschalen); vanaf 22 jaar wordt het salaris bepaald door het aantal toegekende schaaltreden binnen de functiegroep.
Leeftijdschalen (tot 22 jaar) per 1 januari 2026
Bruto maandsalaris naar leeftijd en functiegroep, per 1 januari 2026.
Leeftijd
1
2
3
4
5
6
7
8
9
15 jaar
€ 728,97
€ 729,81
€ 729,81
16 jaar
€ 838,07
€ 839,61
€ 839,61
€ 839,61
17 jaar
€ 960,39
€ 961,25
€ 961,25
€ 961,25
€ 961,25
18 jaar
€ 1.216,61
€ 1.216,61
€ 1.216,61
€ 1.216,61
€ 1.216,61
€ 1.216,61
19 jaar
€ 1.459,60
€ 1.459,61
€ 1.459,61
€ 1.459,61
€ 1.459,61
€ 1.459,61
€ 1.721,97
20 jaar
€ 1.945,58
€ 1.946,15
€ 1.946,15
€ 1.946,15
€ 1.946,15
€ 1.946,15
€ 2.094,14
21 jaar
€ 2.431,56
€ 2.432,69
€ 2.432,69
€ 2.432,69
€ 2.432,69
€ 2.432,69
€ 2.432,69
{/tab}
Schaaltreden (vanaf 22 jaar) per 1 januari 2026
Bruto maandsalaris naar schaaltrede en functiegroep, per 1 januari 2026. Schaaltrede 0 is het instapsalaris vanaf 21/22 jaar; per volledig gefunctioneerd jaar kan een schaaltrede worden toegekend, tot het maximum van de functiegroep.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO Handel in Bouwmaterialen (Hibin) 2025-2027.
Stamgegevens
Kerncijfers CAO Handel in Bouwmaterialen (Hibin) 2025-2027
Looptijd
1 oktober 2025 t/m 31 december 2027
Cao-partijen
Werkgevers: Koninklijke Hibin (Vereniging van Handelaren in Bouwmaterialen in Nederland) — werknemers: FNV, CNV en De Unie
Loonsverhoging
3,0% per 1 januari 2026, 3,0% per 1 januari 2027 en 0,75% per 1 oktober 2027, op de salarisschalen en de feitelijke salarissen
Vakantiedagen
25 dagen per jaar (voltijd), met extra dagen voor jongeren en oudere/langer dienende werknemers
Vakantietoeslag
8% van het brutoloon over het jaar voorafgaand aan 1 mei, uitbetaald bij de eerste salarisbetaling na 1 mei
Overwerkvergoeding
25% (overdag) tot 100% (avond/nacht, zaterdag beperkt, zondag en feestdagen) boven op het uurloon, in tijd of geld; niet voor functiegroep 7 en hoger
Opzegtermijn werkgever
De wettelijke opzegtermijn, altijd het dubbele van de termijn die voor de werknemer geldt
Opzegtermijn werknemer
De wettelijke opzegtermijn (in de arbeidsovereenkomst eventueel verlengd tot maximaal 6 maanden)
{/tab}
Salarisverhogingen
1 januari 2026: 3,0% verhoging van de salarisschalen en de feitelijk betaalde salarissen.
1 januari 2027: 3,0% verhoging.
1 oktober 2027: 0,75% verhoging.
Daarnaast is er een periodieke (individuele) salarisverhoging: jeugdige werknemers stromen na 1 jaar door naar de volgende jeugdschaal of trede 0; vakvolwassen werknemers krijgen per 1 maart een ervaringsjaar (trede) erbij, tot het maximum van hun functiegroep is bereikt.
Bij iedere stijging van het wettelijk minimumloon (WML) wordt gecontroleerd of groep 1, trede 0 daar nog boven blijft; zo niet, dan worden alle tredes in alle groepen verhoogd met het nominale verschil.
Geen eenmalige uitkering opgenomen in deze cao.
{/tab}
Vakantiedagen
De voltijdwerknemer bouwt 25 vakantiedagen per jaar op (2 1/12 dag per gewerkte maand). Deeltijders naar rato.
Het opbouwjaar loopt in de meeste bedrijven van 1 mei tot en met 30 april; in onderling overleg kan ook een kalenderjaar (1 januari t/m 31 december) worden afgesproken.
Werknemers die aan het begin van het vakantiejaar nog geen 19 jaar zijn, krijgen 1 dag extra (26 dagen totaal).
Werknemers van 56 jaar en 4 maanden of ouder, en/of met 25 dienstjaren bij dezelfde werkgever: 27 vakantiedagen per jaar.
Werknemers van 61 jaar en 4 maanden of ouder, en/of met 40 dienstjaren bij dezelfde werkgever: 30 vakantiedagen per jaar.
Vakantietoeslag: 8% van het brutoloon (incl. provisie, excl. vakantiegeld, bonussen, winstdeling en onkosten-/overwerkvergoedingen) over het jaar voorafgaand aan 1 mei, uitbetaald bij de eerste salarisbetaling na 1 mei.
{/tab}
Overwerkvergoeding
Toeslag ongebruikelijke werktijden (art. 3.1): de gewone werktijden liggen tussen 06.00 en 18.00 uur.
Zaterdag (alleen als dat voor de werknemer geen gewone werkdag is): +50% boven het normale uursalaris, desgewenst in vrije tijd.
Avond/nacht tussen 18.00 en 06.00 uur: +50% boven het normale uursalaris, desgewenst in vrije tijd.
Overwerktoeslag (art. 3.3): van overwerk is sprake als op een dag of in een week meer wordt gewerkt dan contractueel afgesproken, alleen op verzoek van de werkgever.
Moment
Toeslag
Gewone werkdag, 06:00 - 20:00 uur
25%
Avond, 20:00 - 22:00 uur
50%
Nacht, 22:00 - 06:00 uur
100%
Zaterdag
50%
Zondag
100%
Feestdag
100%
Deze overwerktoeslagen gelden niet voor bewakingsmedewerkers en niet voor werknemers in functiegroep 7 of hoger. Het eerste half uur na werktijd wordt wel betaald, maar zonder aparte overwerktoeslag. Overwerk is toegestaan tot 6 uur per week en maximaal 160 uur per jaar; werknemers van 56 jaar en 4 maanden of ouder kunnen niet tot overwerk worden verplicht.
{/tab}
Opzegtermijn
Proeftijd: maximaal 2 maanden bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die aansluitend wordt omgezet in onbepaalde tijd, mag geen nieuwe proeftijd meer worden afgesproken.
Deze cao regelt de opzegtermijn niet met een eigen staffel, maar verwijst naar de wettelijke opzegtermijnen (Burgerlijk Wetboek): voor de werknemer in beginsel 1 maand.
De opzegtermijn voor de werknemer is nooit langer dan 6 maanden. De opzegtermijn voor de werkgever is altijd het dubbele van de termijn die voor de werknemer geldt. Afwijkende (langere of kortere) termijnen zijn alleen mogelijk als dit schriftelijk in de arbeidsovereenkomst is vastgelegd.
Opzeggen kan alleen schriftelijk en per einde van de kalendermaand.
Salaristabel CAO Handel in Bouwmaterialen (Hibin) 2025-2027
Onderstaande salaristabel (afdeling C, hoofdstuk 1) geldt per 1 januari 2026 (na de verhoging van 3,0%) en toont het bruto maandsalaris op basis van een 40-urige werkweek. Latere loontabellen (1 juli 2026, 1 januari 2027, 1 juli 2027, 1 oktober 2027) worden telkens rond de peildatum door Hibin gepubliceerd; zie de tab hieronder voor de toelichting. Jeugdige werknemers (17 of 18 jaar bij indiensttreding: jeugdschaal A; 19 of 20 jaar: jeugdschaal B) stromen na 1 jaar door naar de volgende schaal of trede 0. Vanaf 21 jaar (vakvolwassen) is het salaris gebaseerd op het aantal toegekende tredes binnen de functiegroep.
Jeugdschalen per 1 januari 2026
Bruto maandsalaris jeugdschalen A en B, per 1 januari 2026.
Schaal
1
2
3
4
5
6
7
8
9
Jeugdschaal A
€ 1.499,28
€ 1.671,05
€ 1.702,68
€ 1.751,39
€ 1.826,67
€ 1.939,90
€ 2.107,53
€ 2.351,07
€ 2.691,39
Jeugdschaal B
€ 1.854,42
€ 2.069,19
€ 2.108,75
€ 2.169,64
€ 2.263,76
€ 2.405,36
€ 2.614,94
€ 2.919,46
€ 3.344,98
{/tab}
Tredes (vakvolwassen) per 1 januari 2026
Bruto maandsalaris naar trede en functiegroep, per 1 januari 2026. Trede 0 is het instapsalaris voor vakvolwassen werknemers.
Trede
1
2
3
4
5
6
7
8
9
0
€ 2.580,77
€ 2.580,77
€ 2.580,77
€ 2.580,77
€ 2.649,70
€ 2.774,63
€ 3.017,51
€ 3.370,40
€ 3.863,52
1
€ 2.613,22
€ 2.643,78
€ 2.674,45
€ 2.707,07
€ 2.856,19
€ 3.105,49
€ 3.468,47
€ 3.977,18
2
€ 2.665,48
€ 2.696,65
€ 2.727,94
€ 2.785,57
€ 2.938,69
€ 3.196,24
€ 3.570,21
€ 4.093,58
3
€ 2.750,58
€ 2.782,50
€ 2.866,85
€ 3.024,84
€ 3.289,74
€ 3.674,70
€ 4.213,66
4
€ 2.949,96
€ 3.112,83
€ 3.385,98
€ 3.782,85
€ 4.338,32
5
€ 3.204,49
€ 3.484,96
€ 3.893,76
€ 4.465,72
6
€ 3.587,63
€ 4.008,33
€ 4.597,69
7
€ 4.125,66
€ 4.732,44
8
€ 4.872,68
{/tab}
Publicatie latere loontabellen
Maandsalarissen per 1 juli 2026: worden begin juni 2026 gepubliceerd, alleen als aanpassing van het wettelijk minimumloon dit nodig maakt.
Maandsalarissen per 1 januari 2027: worden begin december 2026 gepubliceerd.
Maandsalarissen per 1 juli 2027: worden begin juni 2027 gepubliceerd, alleen als aanpassing van het wettelijk minimumloon dit nodig maakt.
Maandsalarissen per 1 oktober 2027: worden in september 2027 gepubliceerd.
Uit het bruto maandsalaris zijn ook af te leiden: periodesalaris (92,31% van het maandsalaris), 4-wekensalaris (92,06%), weeksalaris (23,015%) en uursalaris (0,576%).
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO voor het Orgelbouwbedrijf in Nederland 2026-2027.
Stamgegevens
Kerncijfers CAO Orgelbouwbedrijf 2026-2027
Looptijd
1 januari 2026 t/m 31 december 2027
Cao-partijen
Werkgevers: Vereniging van Orgelbouwers in Nederland (VON) — werknemers: CNV
Loonsverhoging
2,25% per 1 januari 2026, 1,5% per 1 juli 2026 en 2% per 1 januari 2027, op de loonschalen en de daadwerkelijke lonen
Vakantiedagen
27 dagen per jaar (incl. geoorloofd verzuim-uren), plus herstelverlof vanaf 61 jaar
Vakantietoeslag
8% van het loon over het vakantietoeslagjaar (1 juli t/m 30 juni), uitbetaald uiterlijk op 1 juni
Overwerkvergoeding
1 uur vrije tijd per overuur, of uitbetaling met 25% tot 200% toeslag afhankelijk van het tijdstip
Reiskostenvergoeding
Vaste maandvergoeding woon-werkverkeer o.b.v. afstand en reisdagen (max. € 181,58/mnd); € 0,39/km bij werk-werk-verkeer buiten de gemeente
Opzegtermijn werkgever
De wettelijke opzegtermijn (art. 7:672 BW); geen cao-specifieke staffel
Opzegtermijn werknemer
De wettelijke opzegtermijn (art. 7:672 BW); geen cao-specifieke staffel
{/tab}
Salarisverhogingen
1 januari 2026: 2,25% verhoging van de loonschalen en de daadwerkelijk betaalde lonen.
1 juli 2026: 1,5% verhoging.
1 januari 2027: 2% verhoging.
Werknemers krijgen daarnaast op 1 juli, bij voldoende functioneren, een periodieke verhoging (trede) binnen hun salarisschaal; hiervoor moet de werknemer minimaal 3 maanden in dienst zijn. Bij onvoldoende functioneren vindt geen verhoging plaats; de werkgever moet dit schriftelijk motiveren.
Werknemers met een Persoonlijke Toeslag (PT) uit het salarissysteem van 1992, of met een hoger overeengekomen salaris dan de hoogste periodiek van hun schaal, behouden dit verschil en krijgen de cao-loonsverhogingen daar ook overheen.
Geen eenmalige uitkering opgenomen in deze cao.
{/tab}
Vakantiedagen
Het kalenderjaar (1 januari t/m 31 december) is ook het vakantiejaar. Het aantal vakantiedagen bedraagt 27 per jaar, inclusief de uren voor geoorloofd verzuim uit artikel 8A lid 1.
Werknemers met een normale arbeidsduur van 40 uur per week hebben daarnaast recht op 96 snipperuren per jaar, naast de aaneengesloten vakantie van 15 werkdagen.
Van de vakantiedagen worden in de regel 15 werkdagen aaneengesloten opgenomen, meestal tussen 1 juli en 1 oktober; een collectieve zomervakantie is beperkt tot 3 weken.
Herstelverlof (extra dagen naast de gewone vakantie) vanaf de maand waarin de werknemer jarig is: voor productiepersoneel, meewerkend voorlieden en toezichthouders 4 dagen vanaf 61/62 jaar, oplopend tot 5 dagen vanaf 63 jaar; voor administratief, leidinggevend en tekenkamerpersoneel 2 dagen vanaf 61/62 jaar, oplopend tot 3 dagen vanaf 63 jaar.
Vakantietoeslag: 8% van het loon (excl. vakantiegeld, onkostenvergoedingen, winst- en eindejaarsuitkeringen) over het vakantietoeslagjaar (1 juli t/m 30 juni), uitbetaald uiterlijk op 1 juni.
{/tab}
Overwerkvergoeding
Overwerk (art. 6): arbeid die de normale arbeidsduur op jaarbasis overschrijdt, in opdracht van de werkgever. De werknemer kiest in overleg met de werkgever tussen 1 uur vrije tijd per overuur, of uitbetaling tegen het normale uursalaris plus onderstaande toeslag (niet cumulatief).
Moment
Toeslag
Ma-vr, 00:00 - 06:00 uur
50%
Ma-vr, overige uren
25%
Zaterdag, 00:00 - 12:00 uur
50%
Zaterdag (overige uren) en zondag
100%
Feestdag
200%
Bij werken op een roostervrije dag (met instemming van de werknemer): 100% toeslag op het dagloon, of een vervangende roostervrije dag. Bij structureel verschuiven van de werktijd (3 of meer dagen per week tussen 6.00 en 22.00 uur): 10% toeslag voor de uren vóór 7.00 uur en na 19.00 uur. Overwerk wordt uiterlijk binnen 3 maanden nadat het is verricht afgerekend.
{/tab}
Reiskostenvergoeding
Woon-werkverkeer (art. 12A lid 1): vaste maandelijkse vergoeding, afhankelijk van de enkele reisafstand en het aantal dagen per week dat de werknemer reist.
Enkele reisafstand
1 dag
2 dagen
3 dagen
4 dagen
5 dagen
0 tot 5 km
€ 0,00
€ 0,00
€ 0,00
€ 0,00
€ 0,00
5 tot 10 km
€ 7,26
€ 14,53
€ 21,79
€ 29,05
€ 36,32
10 tot 15 km
€ 19,67
€ 39,34
€ 59,01
€ 78,68
€ 90,79
15 tot 20 km
€ 27,54
€ 55,08
€ 82,62
€ 110,16
€ 127,11
20 km of meer
€ 39,34
€ 78,68
€ 118,03
€ 157,37
€ 181,58
Werk-werk-verkeer (arbeid buiten de gemeente, art. 12A lid 2): € 0,39 per kilometer, waarvan € 0,23 onbelast en € 0,16 belast wordt uitbetaald. Bij het reizen door meerdere werknemers wordt zoveel mogelijk gezamenlijk met één auto gereisd. Als het fiscaal vrijgestelde bedrag per kilometer (nu € 0,23) wordt verhoogd, worden zowel de tabelbedragen als de € 0,39 met hetzelfde percentage verhoogd (art. 12A lid 3).
{/tab}
Opzegtermijn
Proeftijd: bij onbepaalde tijd maximaal 2 maanden; bij bepaalde tijd korter dan 2 jaar maar langer dan 6 maanden maximaal 1 maand; bij bepaalde tijd van 2 jaar of langer maximaal 2 maanden; bij bepaalde tijd korter dan 6 maanden is geen proeftijd toegestaan.
Deze cao regelt de opzegtermijn niet met een eigen staffel, maar volgt de wettelijke procedure en opzegtermijn van artikel 7:672 BW (in de regel 1 maand voor de werknemer, oplopend voor de werkgever naar dienstjaren).
Bereikt de werknemer de AOW-leeftijd, dan eindigt de arbeidsovereenkomst van rechtswege, zonder opzegtermijn.
Deze cao kent drie functiegroepen (I, II en III, zie bijlage 2 voor de functiebeschrijvingen) met elk 8 tredes (0 t/m 7), en een aanloopschaal voor werknemers die nieuw zijn in de orgelbouw en nog geen 21 jaar zijn. Bedragen per 4 weken zijn afgeleid van het maandsalaris (maandloon x 12 / 13). Hieronder de salaristabellen bij elk van de drie peildata in deze cao-periode.
Per 1 januari 2026
Bruto maandsalaris (functiegroep I, II, III)
Trede
I
II
III
0
€ 2.561,98
€ 2.677,30
€ 2.952,83
1
€ 2.561,98
€ 2.809,02
€ 3.079,17
2
€ 2.612,78
€ 3.053,63
€ 3.200,14
3
€ 2.712,25
€ 3.119,35
€ 3.326,47
4
€ 2.788,86
€ 3.150,41
€ 3.448,77
5
€ 2.878,91
€ 3.271,37
€ 3.571,07
6
€ 2.966,28
€ 3.380,24
€ 3.694,73
7
€ 3.061,70
€ 3.521,36
€ 3.815,69
Bruto salaris per 4 weken (functiegroep I, II, III)
Trede
I
II
III
0
€ 2.364,90
€ 2.471,36
€ 2.725,69
1
€ 2.364,90
€ 2.592,94
€ 2.842,31
2
€ 2.411,80
€ 2.818,74
€ 2.953,97
3
€ 2.503,62
€ 2.879,40
€ 3.070,59
4
€ 2.574,33
€ 2.908,07
€ 3.183,48
5
€ 2.657,46
€ 3.019,72
€ 3.296,37
6
€ 2.738,11
€ 3.120,22
€ 3.410,52
7
€ 2.826,19
€ 3.250,48
€ 3.522,18
Aanloopschaal per maand (werknemers jonger dan 21 jaar, nieuw in de branche)
Leeftijd
Aanloopsalaris
16 jaar
€ 1.291,62
17 jaar
€ 1.291,62
18 jaar
€ 1.291,62
19 jaar
€ 1.537,19
20 jaar
€ 2.049,58
Aanloopschaal per 4 weken
Leeftijd
Aanloopsalaris
16 jaar
€ 1.192,27
17 jaar
€ 1.192,27
18 jaar
€ 1.192,27
19 jaar
€ 1.418,94
20 jaar
€ 1.891,92
{/tab}
Per 1 juli 2026
Bruto maandsalaris (functiegroep I, II, III)
Trede
I
II
III
0
€ 2.600,41
€ 2.717,46
€ 2.997,12
1
€ 2.600,41
€ 2.851,16
€ 3.125,35
2
€ 2.651,98
€ 3.099,44
€ 3.248,14
3
€ 2.752,94
€ 3.166,14
€ 3.376,37
4
€ 2.830,69
€ 3.197,67
€ 3.500,50
5
€ 2.922,09
€ 3.320,44
€ 3.624,64
6
€ 3.010,78
€ 3.430,95
€ 3.750,15
7
€ 3.107,63
€ 3.574,18
€ 3.872,93
Bruto salaris per 4 weken (functiegroep I, II, III)
Trede
I
II
III
0
€ 2.400,37
€ 2.508,43
€ 2.766,57
1
€ 2.400,37
€ 2.631,84
€ 2.884,94
2
€ 2.447,98
€ 2.861,02
€ 2.998,28
3
€ 2.541,17
€ 2.922,59
€ 3.116,65
4
€ 2.612,95
€ 2.951,70
€ 3.231,23
5
€ 2.697,32
€ 3.065,02
€ 3.345,82
6
€ 2.779,18
€ 3.167,03
€ 3.461,68
7
€ 2.868,58
€ 3.299,24
€ 3.575,01
Aanloopschaal per maand (werknemers jonger dan 21 jaar, nieuw in de branche)
Leeftijd
Aanloopsalaris
16 jaar
€ 1.311,00
17 jaar
€ 1.311,00
18 jaar
€ 1.311,00
19 jaar
€ 1.560,24
20 jaar
€ 2.080,32
Aanloopschaal per 4 weken
Leeftijd
Aanloopsalaris
16 jaar
€ 1.210,15
17 jaar
€ 1.210,15
18 jaar
€ 1.210,15
19 jaar
€ 1.440,22
20 jaar
€ 1.920,30
{/tab}
Per 1 januari 2027
Bruto maandsalaris (functiegroep I, II, III)
Trede
I
II
III
0
€ 2.652,41
€ 2.771,81
€ 3.057,06
1
€ 2.652,41
€ 2.908,18
€ 3.187,86
2
€ 2.705,02
€ 3.161,43
€ 3.313,10
3
€ 2.808,00
€ 3.229,46
€ 3.443,89
4
€ 2.887,31
€ 3.261,62
€ 3.570,51
5
€ 2.980,54
€ 3.386,85
€ 3.697,13
6
€ 3.070,99
€ 3.499,56
€ 3.825,16
7
€ 3.169,78
€ 3.645,66
€ 3.950,39
Bruto salaris per 4 weken (functiegroep I, II, III)
Trede
I
II
III
0
€ 2.448,38
€ 2.558,60
€ 2.821,90
1
€ 2.448,38
€ 2.684,47
€ 2.942,64
2
€ 2.496,94
€ 2.918,24
€ 3.058,25
3
€ 2.592,00
€ 2.981,04
€ 3.178,98
4
€ 2.665,20
€ 3.010,73
€ 3.295,86
5
€ 2.751,26
€ 3.126,32
€ 3.412,74
6
€ 2.834,76
€ 3.230,37
€ 3.530,91
7
€ 2.925,95
€ 3.365,23
€ 3.646,51
Aanloopschaal per maand (werknemers jonger dan 21 jaar, nieuw in de branche)
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO Mortelbedrijven 2026.
Stamgegevens
Kerncijfers CAO Mortelbedrijven 2026
Looptijd
1 januari 2026 t/m 31 december 2026; de cao eindigt van rechtswege, zonder dat opzegging is vereist
Cao-partijen
14 individuele werkgevers uit de betonmortelindustrie (o.a. Kijlstra Betonmortel, Bontrup Betonmortel Amsterdam, Goudse Betonmortel Centrale, Mobile Concrete Group, Royackers Beton, Betoncentrale Zoeterwoude) enerzijds; FNV en CNV anderzijds
Loonsverhoging
Nieuwe garantielonen en salarisschalen per 1 januari 2026, verschillend per functiegroep (geen vast percentage genoemd in de cao)
Vakantiedagen
25 werkdagen (18 t/m 49 jaar), oplopend tot 36 dagen vanaf 59 jaar; 29 dagen voor werknemers jonger dan 18 jaar
Vakantietoeslag
8% van het bruto loon over de periode 1 juni t/m 31 mei, uitbetaald in juni
Overwerkvergoeding
Toeslag van 30% tot 150% afhankelijk van tijdstip; ongemakkentoeslag van 30% voor uren tussen 18.00-06.00 uur; bij samenloop geldt de hoogste toeslag
Reiskostenvergoeding
Woon-werkverkeer: maximaal fiscaal onbelaste bedrag per km per gewerkte dag (max. 75 km enkele reis, min. € 2,62/dag); dienstreizen: € 0,42/km
Opzegtermijn werkgever
1 tot 4 maanden, afhankelijk van de diensttijd
Opzegtermijn werknemer
1 maand
{/tab}
Salarisverhogingen
De cao stelt geen los verhogingspercentage vast, maar legt per 1 januari 2026 nieuwe absolute garantielonen en salarisschalen vast voor alle functiegroepen (Bijlage I art. 3 voor productiepersoneel, Bijlage II art. 2 voor leidinggevend, toezichthoudend, hoger technisch en administratief personeel).
De hoogte van de verhoging verschilt dus per functiegroep; zie de salaristabellen onderaan deze pagina voor de nieuwe bedragen.
Het garantieuurloon/salaris van jeugdige werknemers (t/m 17 jaar) wordt met ingang van hun verjaardag herzien (art. 18 lid 1).
Het wettelijk minimumloon wordt steeds per 1 januari en 1 juli verhoogd; is het overeengekomen loon hierdoor lager dan het wettelijk minimumloon, dan heeft de werknemer recht op het wettelijk minimumloon (art. 18 lid 2).
Werknemers van 18 jaar en ouder onder Bijlage II ontvangen jaarlijks, als regel per 1 januari, een periodieke verhoging totdat het einde van de salarisschaal is bereikt (Bijlage II art. 2).
{/tab}
Vakantiedagen
Het vakantiejaar loopt van 1 januari t/m 31 december (art. 14 lid 1).
Aantal vakantiedagen per jaar, afhankelijk van de leeftijd (peildatum 1 januari, art. 14 lid 2):
Leeftijd
Vakantiedagen per jaar
Jonger dan 18 jaar
29 werkdagen
18 t/m 49 jaar
25 werkdagen
50 jaar
26 werkdagen
51 jaar
27 werkdagen
52 jaar
28 werkdagen
53 jaar
29 werkdagen
54 jaar
30 werkdagen
55 jaar
32 werkdagen
56 jaar
33 werkdagen
57 jaar
34 werkdagen
58 jaar
35 werkdagen
59 jaar en ouder
36 werkdagen
De werknemer heeft recht op 3 weken aaneengesloten zomervakantie, op verzoek te verlengen met 1 week in overleg met de werkgever (art. 14 lid 3).
Wettelijke vakantiedagen vervallen 6 maanden na afloop van het kalenderjaar waarin ze zijn opgebouwd; voor bovenwettelijke vakantiedagen geldt een vervaltermijn van 5 jaar (art. 14 lid 4 sub e).
De werkgever mag jaarlijks, met instemming van de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging, maximaal 2 collectieve vakantiedagen vaststellen (art. 14 lid 4 sub c).
{/tab}
Overwerkvergoeding
Overwerk is arbeid boven 9 uur per dag of boven 160 uur per vier weken/173,33 uur per maand, opgedragen door de werkgever (art. 12 lid 1).
Werknemers van 50 jaar of ouder kunnen niet worden verplicht tot overwerk, tenzij de werkgever hiervoor zwaarwegende argumenten heeft (art. 12 lid 6).
Ongemakkentoeslag: 30% voor normale werkuren tussen 18.00 en 06.00 uur, buiten het dagdienstvenster (art. 22 lid 2).
Overwerktoeslag (art. 22 lid 3):
30% voor overwerkuren tussen 5.00 en 20.00 uur
60% voor overwerkuren tussen 20.00 en 5.00 uur
100% voor overwerkuren op zaterdag/zondag of op een niet-in-het-weekend vallende feestdag
150% voor overwerk op een feestdag die op zaterdag of zondag valt
Voor hetzelfde uur kan niet zowel ongemakkentoeslag als overwerktoeslag gelden; bij samenloop geldt de hoogste toeslag (art. 22 lid 4).
Voor werknemers in salarisgroep V, VI of VII van Bijlage II kan schriftelijk worden afgesproken dat overwerk in het loon is inbegrepen (art. 12 lid 4).
{/tab}
Reiskostenvergoeding
Woon-werkverkeer (art. 31 lid 1): bij gebruik van openbaar of eigen vervoer geldt per feitelijk gewerkte dag een vergoeding ter hoogte van het maximaal fiscaal onbelaste bedrag per kilometer, met een maximum van 75 kilometer per enkele reis. Stijgt het maximaal fiscaal onbelaste bedrag per kilometer, dan gaat de woon-werkvergoeding met dezelfde verhoging omhoog. Er geldt een minimale vergoeding van € 2,62 per feitelijk gewerkte dag.
Dienstreizen (werk-gerelateerd vervoer, niet zijnde woon-werkverkeer, art. 31 lid 2): een werknemer die in opdracht van de werkgever een eigen vervoermiddel gebruikt voor werkzaamheden, ontvangt hiervoor € 0,42 per kilometer.
Bedrijfsvervoermiddel (art. 31 lid 3): een werknemer die als bestuurder van een door de werkgever ter beschikking gesteld vervoermiddel optreedt, krijgt de gehele duur van de reis vergoed.
De cao koppelt de woon-werkvergoeding dus rechtstreeks aan het fiscaal maximaal onbelaste kilometerbedrag van de Belastingdienst; wijzigt dit bedrag, dan wijzigt de vergoeding automatisch mee.
{/tab}
Opzegtermijn
Opzegging kan uitsluitend geschieden tegen de laatste dag van de kalenderweek en vindt bij voorkeur schriftelijk plaats (art. 8 lid 4).
De door de werkgever in acht te nemen opzegtermijn is afhankelijk van de duur van het dienstverband:
Duur dienstverband
Opzegtermijn werkgever
Korter dan 5 jaar
1 maand
5 jaar tot 10 jaar
2 maanden
10 jaar tot 15 jaar
3 maanden
15 jaar of langer
4 maanden
De door de werknemer in acht te nemen opzegtermijn bedraagt één maand (art. 8 lid 4).
Een proeftijd bedraagt, afhankelijk van de duur van de arbeidsovereenkomst: geen (≤ 6 maanden), 1 maand (≥ 6 maanden en < 2 jaar) of 2 maanden (> 2 jaar) (art. 8 lid 2).
Hieronder de garantielonen en salarisschalen zoals die met ingang van 1 januari 2026 gelden voor de Mortelbedrijven CAO, zowel voor productiepersoneel (Bijlage I) als voor leidinggevend, toezichthoudend, hoger technisch en administratief personeel (Bijlage II).
Garantielonen productiepersoneel (Bijlage I) per 1 januari 2026
Groep
Uurloon
Weekloon
Vierwekenloon
Maandloon
I
€ 19,58
€ 783,20
€ 3.132,80
€ 3.393,87
II
€ 19,87
€ 794,80
€ 3.179,20
€ 3.444,13
III
€ 20,29
€ 811,60
€ 3.246,40
€ 3.516,93
IV
€ 21,09
€ 843,60
€ 3.374,40
€ 3.655,60
V
€ 21,75
€ 870,00
€ 3.480,00
€ 3.770,00
Groepsindeling (art. 2 Bijlage I): groep I (o.a. assistent-laborant, chauffeur, hulpmonteur), groep II (o.a. allround chauffeur, assistent-mengmeester), groep III (o.a. allround chauffeur met ervaring, bankwerker, kraanmachinist), groep IV (o.a. allround bankwerker, allround kraanmachinist, draaier), groep V (o.a. hoofdmonteur, chauffeur betonpompmixer).
{/tab}
Jeugdlonen productiepersoneel (Bijlage I)
Niet in opleiding (werknemers onder de 18 jaar zonder leerovereenkomst Wet Educatie Beroepsonderwijs; staffel op groep I, Bijlage I art. 3 sub d.1):
Leeftijd
Staffel
Uurloon
Weekloon
Vierwekenloon
Maandloon
16 jaar
80%
€ 15,66
€ 626,40
€ 2.505,60
€ 2.714,40
17 jaar
90%
€ 17,62
€ 704,80
€ 2.819,20
€ 3.054,13
In opleiding (werknemers onder de 18 jaar met leerovereenkomst Wet Educatie Beroepsonderwijs; staffel op groep II, Bijlage I art. 3 sub d.2):
Leeftijd
Staffel
Uurloon
Weekloon
Vierwekenloon
Maandloon
16 jaar
80%
€ 15,90
€ 636,00
€ 2.544,00
€ 2.756,00
17 jaar
90%
€ 17,88
€ 715,20
€ 2.860,80
€ 3.099,20
{/tab}
Inloopschaal productiepersoneel (Bijlage I)
Voor een werknemer die nog nooit eerder in de bedrijfstak heeft gewerkt en voorafgaand langdurig werkloos was, geldt gedurende maximaal één jaar de onderstaande inloopschaal (Bijlage I art. 3 sub e), berekend als het wettelijk minimumloon vermeerderd met een percentage van het verschil met groep I:
Periode
Uurloon
Weekloon
Vierwekenloon
Maandloon
Eerste 26 weken (25%)
€ 15,93
€ 637,20
€ 2.548,80
€ 2.761,20
Tweede 26 weken (50%)
€ 17,15
€ 686,00
€ 2.744,00
€ 2.972,67
Na één jaar geldt bij gebleken geschiktheid de salarisschaal die bij de functie hoort. Daarnaast wordt bij aanvang van het dienstverband een vakopleiding aangeboden.
{/tab}
Maandsalarissen leidinggevend en administratief (Bijlage II)
Functiegroep
Minimum per maand
Maximum per maand
Stapgrootte
Lengte functieschaal
II
€ 2.999,39
€ 3.507,95
€ 63,57
8 jaar
III
€ 3.192,24
€ 3.996,22
€ 80,40
10 jaar
IV
€ 3.430,98
€ 4.596,55
€ 97,13
12 jaar
V
€ 3.788,63
€ 4.981,40
€ 99,40
12 jaar
VI
€ 4.028,92
€ 5.779,18
€ 125,02
14 jaar
VII
€ 4.387,35
€ 6.417,55
€ 135,35
15 jaar
Voor jeugdige werknemers onder 18 jaar geldt een leeftijdsstaffel op het minimum van de schaal: 16 jaar 80%, 17 jaar 90% (Bijlage II art. 2 lid 2).
{/tab}
Vierwekensalarissen leidinggevend en administratief (Bijlage II)
Functiegroep
Minimum per 4 weken
Maximum per 4 weken
Stapgrootte
Lengte functieschaal
II
€ 2.768,68
€ 3.238,10
€ 58,68
8 jaar
III
€ 2.946,66
€ 3.688,82
€ 74,22
10 jaar
IV
€ 3.167,05
€ 4.242,96
€ 89,66
12 jaar
V
€ 3.497,21
€ 4.598,22
€ 91,75
12 jaar
VI
€ 3.718,99
€ 5.334,63
€ 115,40
14 jaar
VII
€ 4.049,86
€ 5.923,89
€ 124,94
15 jaar
{/tab}
Inloopschaal leidinggevend en administratief (Bijlage II)
Voor een werknemer die nog nooit eerder in de bedrijfstak heeft gewerkt en voorafgaand langdurig werkloos was, geldt gedurende maximaal één jaar de onderstaande inloopschaal (Bijlage II art. 2 lid 3):
Periode
Minimum maandloon
Minimum vierwekenloon
Eerste 26 weken (25%)
€ 2.662,40
€ 2.457,60
Tweede 26 weken (50%)
€ 2.775,07
€ 2.561,60
Na één jaar geldt bij gebleken geschiktheid de salarisschaal die bij de functie hoort. Daarnaast wordt bij aanvang van het dienstverband een vakopleiding aangeboden.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de CAO Mode-, Interieur-, Tapijt- en Textielindustrie (MITT) 2025-2026.
Stamgegevens
Kerncijfers CAO MITT 2025-2026
Looptijd
1 september 2025 t/m 31 oktober 2026; de cao eindigt van rechtswege, zonder dat opzegging is vereist
Cao-partijen
Werkgevers: Modint — werknemers: FNV, CNV en De Unie
Loonsverhoging
€ 0,60 bruto per uur per 1 oktober 2025 (gemiddeld 3,07%); 1,8% per 1 april 2026, op de loonschalen en de daadwerkelijk verdiende uurlonen
Vakantiedagen
190 uur/jaar in dagdienst resp. 197,6 uur in ploegendienst (bij 38-urige werkweek), oplopend met leeftijdsvakantie vanaf 47 jaar tot maximaal +45,6 uur vanaf 62 jaar
Vakantietoeslag
8% over de som van de periode-inkomens in het vakantietoeslagjaar (1 mei t/m 30 april), uitbetaald uiterlijk eind mei
Overwerkvergoeding
Toeslag van 25% tot 100% van het uurloon, afhankelijk van tijdstip en dag (dagdienst); vergelijkbare, iets eenvoudigere staffel in ploegendienst
Reiskostenvergoeding
Woon-werkverkeer vanaf 10 km (enkele reis): € 0,10/km, tot een maximum van 30 km enkele reis, berekend op basis van 214 werkbare dagen/jaar (voltijd)
Opzegtermijn werkgever
De wettelijke opzegtermijn (art. 7:672 BW): 1 tot 4 maanden, afhankelijk van de diensttijd
Opzegtermijn werknemer
1 maand
{/tab}
Salarisverhogingen
1 oktober 2025: € 0,60 bruto per uur verhoging van de minimum- en maximumuurlonen van de loonschalen en van de daadwerkelijk verdiende uurlonen (gemiddeld 3,07%).
1 april 2026: 1,8% verhoging, eveneens op de loonschalen en de daadwerkelijk verdiende uurlonen.
Ieder jaar op 1 januari krijgt de werknemer een periodieke uurloonverhoging, totdat het maximum uurloon van de loonschaal is bereikt. Het periodiekpercentage verschilt per functiegroep (zie de salaristabel onderaan deze pagina).
Is de werknemer op of na 1 juli in dienst gekomen, in een hogere functie geplaatst of vanuit de jeugdschaal ingedeeld? Dan ontvangt de werknemer per 1 januari daaropvolgend eenmalig geen periodiek.
Geen eenmalige uitkering opgenomen in deze cao.
{/tab}
Vakantiedagen
Wettelijke vakantie-uren: contractuele arbeidsduur per week x 4. Bovenwettelijke vakantie-uren: contractuele arbeidsduur per week x 1, plus 1 extra bovenwettelijke vakantiedag bij het werken in ploegendienst (art. 3.34).
Bij een 38-urige werkweek bouwt een voltijdwerknemer daarmee 190 uur per jaar op in dagdienst en 197,6 uur in ploegendienst. Werkt de werknemer een deel van het jaar in ploegendienst en een deel in dagdienst, dan geldt een tussenliggend aantal uren, afhankelijk van de duur van die periode.
Daarnaast bouwt de werknemer vanaf 47 jaar extra bovenwettelijke vakantie-uren op (leeftijdsvakantie):
Leeftijdscategorie
In dagdienst (uren/jaar)
In ploegendienst (uren/jaar)
Basis (geen leeftijdsvakantie)
190
197,6
47 tot 52 jaar
197,6
205,2
52 tot 57 jaar
212,8
220,4
57 tot 62 jaar
228
235,6
62 jaar tot AOW-leeftijd
235,6
243,2
Wettelijke vakantie-uren vervallen 1 kalenderjaar na de laatste dag van het kalenderjaar waarin het recht is ontstaan; bovenwettelijke vakantie-uren verjaren na 5 jaar (art. 3.37).
{/tab}
Overwerkvergoeding
Dagdienst (art. 3.13-3.14): overwerk is alle werktijd boven de ondernemings- of afdelingsvoltijdnorm (bij standaard werkweken) c.q. boven de afgesproken periode-arbeidsduur (bij afwijkende werkweken). De compensatie bestaat uit het uurloon plus onderstaande toeslag; te ontvangen in vrije tijd en/of geld (standaard: geld).
Tijdstip
Ma t/m vr
Zaterdag
Zondag
Feestdag
00.00 - 06.00 uur
50%
50%
100%
100%
06.00 - 14.00 uur
25%
50%
100%
100%
14.00 - 20.00 uur
25%
100%
100%
100%
20.00 - 24.00 uur
50%
100%
100%
100%
Ploegendienst (art. 3.32-3.33): overwerk is alle werktijd boven de (gemiddelde) werktijd zoals afgesproken in de ploegendienstregeling, vergoed met het uurloon inclusief ploegentoeslag plus onderstaande toeslag.
Tijdstip
Ma t/m vr
Zaterdag
Zondag of feestdag
00.00 - 14.00 uur
25%
50%
100%
14.00 - 24.00 uur
25%
100%
100%
Werken op zaterdag/zondag, niet zijnde overwerk (art. 3.9): 25% toeslag op zaterdag, 100% op zondag. Werken op een feestdag levert 100% loon over de gewerkte uren plus 100% feestdagentoeslag op (art. 3.9 en 3.28).
Verschoven uren, dagdienst (art. 3.11): toeslag voor werken buiten het dagvenster zonder dat sprake is van overwerk.
Tijdstip
Toeslag (ma t/m vr)
00.00 - 06.00 uur
50%
06.00 uur - begin dagvenster
25%
Binnen dagvenster
0%
Einde dagvenster - 20.00 uur
25%
20.00 - 24.00 uur
50%
Werk je vóór 1 januari 2026 al 57 jaar of ouder? Dan ben je niet verplicht om overwerk te verrichten (art. 3.13 en 3.32).
{/tab}
Reiskostenvergoeding
Woon-werkverkeer (art. 5.1, met ingang van 1 januari 2026): woont de werknemer op minimaal 10 kilometer enkele reis van de standplaats, dan ontvangt hij een vergoeding voor woon-werkverkeer. Maximaal wordt 30 kilometer enkele reis vergoed. De vergoeding bedraagt € 0,10 per kilometer. Bij een voltijd dienstverband wordt de vergoeding berekend op basis van 214 werkbare dagen op jaarbasis (bij deeltijd naar rato).
De afstand tussen de woonplaats en de standplaats wordt bepaald op basis van de kortste route van de postcode van het woonadres naar de postcode van de standplaats, met behulp van een door de fiscus geaccepteerde routeplanner.
Deze cao kent geen aparte kilometervergoeding voor dienstreizen (zakelijk vervoer anders dan woon-werkverkeer); daarvoor gelden desgewenst afspraken op ondernemingsniveau.
Thuiswerken: deze cao regelt geen aparte thuiswerkvergoeding.
{/tab}
Opzegtermijn
De cao volgt de wettelijke opzegtermijnen van artikel 7:672 BW (art. 2.7). Opzegging gebeurt schriftelijk, tegen het einde van een kalendermaand.
Duur dienstverband
Opzegtermijn werkgever
Korter dan 5 jaar
1 maand
5 tot 10 jaar
2 maanden
10 tot 15 jaar
3 maanden
15 jaar of langer
4 maanden
De door de werknemer in acht te nemen opzegtermijn bedraagt altijd 1 maand.
Proeftijd: geen (bepaalde tijd t/m 6 maanden), 2 maanden (bepaalde tijd langer dan 6 maanden maar korter dan 2 jaar, of bepaalde tijd zonder einddatum), 2 maanden (bepaalde tijd van 2 jaar of langer, of onbepaalde tijd) (art. 2.3).
Werkgever en werknemer kunnen een langere opzegtermijn afspreken, tot maximaal 6 maanden; de termijn van de werkgever is dan altijd het dubbele van die van de werknemer (art. 2.8).
De cao kent functiegroepen 1 t/m 11 (op basis van de ORBA PM-methode), elk met een minimum- en maximumuurloon en een eigen periodiek-verhogingspercentage. Voor functiegroepen 1 t/m 4 gelden daarnaast een jeugdschaal en een aanloopschaal; voor alle functiegroepen geldt een aanloopschaal, en er is een aparte loonschaal voor werknemers met een arbeidsbeperking. Hieronder de tabellen bij elk van de twee peildata in deze cao-periode.
Loonschalen per 1 oktober 2025 - 31 maart 2026
Functiegroep
Minimum uurloon
Maximum uurloon
Periodiek
1
€ 15,00
€ 15,12
0,50%
2
€ 15,00
€ 15,35
0,70%
3
€ 15,10
€ 15,86
1,31%
4
€ 15,33
€ 16,68
1,83%
5
€ 15,94
€ 17,83
2,05%
6
€ 16,68
€ 19,49
2,50%
7
€ 17,63
€ 21,84
3,09%
8
€ 18,79
€ 24,93
3,75%
9
€ 20,27
€ 28,26
4,06%
10
€ 21,62
€ 31,65
4,34%
11
€ 22,96
€ 34,77
4,40%
Het wettelijk minimumloon wordt per 1 januari en 1 juli verhoogd; is het uurloon volgens deze tabel hierdoor lager dan het wettelijk minimumuurloon, dan geldt het wettelijk minimumuurloon (art. 4.20).
{/tab}
Loonschalen per 1 april 2026 - 31 oktober 2026
Functiegroep
Minimum uurloon
Maximum uurloon
Periodiek
1
€ 15,27
€ 15,39
0,50%
2
€ 15,27
€ 15,63
0,70%
3
€ 15,37
€ 16,15
1,31%
4
€ 15,61
€ 16,98
1,83%
5
€ 16,23
€ 18,15
2,05%
6
€ 16,98
€ 19,84
2,50%
7
€ 17,95
€ 22,23
3,09%
8
€ 19,13
€ 25,38
3,75%
9
€ 20,63
€ 28,77
4,06%
10
€ 22,01
€ 32,22
4,34%
11
€ 23,37
€ 35,40
4,40%
Het wettelijk minimumloon wordt per 1 januari en 1 juli verhoogd; is het uurloon volgens deze tabel hierdoor lager dan het wettelijk minimumuurloon, dan geldt het wettelijk minimumuurloon (art. 4.20).
{/tab}
Jeugdloonschalen
Jeugdloonschalen gelden voor functiegroepen 1 t/m 4 (art. 4.9). Ze zijn een percentage van het minimum uurloon van functiegroep 1 (leeftijdsschaal, bijlage IIB/IIC). De tabel hieronder toont de bedragen bij elk van de peildata die in deze cao-periode bekend zijn; het wettelijk minimumjeugdloon wijzigt ook op 1 juli 2026, waarna de bedragen automatisch meebewegen met het nieuwe wettelijk minimum(jeugd)loon.
1 oktober 2025 t/m 31 december 2025
Leeftijd
Staffel
Functiegroep 1
Functiegroep 2
Functiegroep 3
Functiegroep 4
16 jaar
34,5%
€ 5,18
€ 5,18
€ 5,21
€ 5,29
17 jaar
39,5%
€ 5,93
€ 5,93
€ 5,96
€ 6,06
18 jaar
45,5%
€ 7,20
€ 7,20
€ 7,20
€ 7,20
19 jaar
52,5%
€ 8,64
€ 8,64
€ 8,64
€ 8,64
1 januari 2026 t/m 31 maart 2026
Leeftijd
Staffel
Functiegroep 1
Functiegroep 2
Functiegroep 3
Functiegroep 4
16 jaar
34,5%
€ 5,18
€ 5,18
€ 5,21
€ 5,29
17 jaar
39,5%
€ 5,93
€ 5,93
€ 5,96
€ 6,06
18 jaar
45,5%
€ 7,36
€ 7,36
€ 7,36
€ 7,36
19 jaar
52,5%
€ 8,83
€ 8,83
€ 8,83
€ 8,83
1 april 2026 t/m 30 juni 2026
Leeftijd
Staffel
Functiegroep 1
Functiegroep 2
Functiegroep 3
Functiegroep 4
16 jaar
34,5%
€ 5,27
€ 5,27
€ 5,30
€ 5,39
17 jaar
39,5%
€ 6,03
€ 6,03
€ 6,07
€ 6,17
18 jaar
45,5%
€ 7,36
€ 7,36
€ 7,36
€ 7,36
19 jaar
52,5%
€ 8,83
€ 8,83
€ 8,83
€ 8,83
Let op: op 1 juli 2026 wijzigt het wettelijk minimumjeugdloon opnieuw. Vanaf die datum bewegen de jeugdlonen automatisch mee; de cao-tekst geeft hiervoor geen aparte tabel meer (art. 4.9-4.10).
{/tab}
Aanloopschaal en loonschaal arbeidsbeperkten
Aanloopschaal (art. 4.7-4.8, geldt bij ontbrekende relevante werkervaring in de MITT-sector, maximaal 1,5 jaar)
Periode
Percentage van minimum uurloon
In het eerste jaar
72,5%
In de eerste 6 maanden van het tweede jaar
85%
Na maximaal 18 maanden
100%
Loonschaal arbeidsbeperkten (art. 4.12, voor werknemers die vallen onder de Participatiewet)
Periodiek
Percentage van het wettelijk minimum(jeugd)uurloon
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Op deze pagina vindt u een samenvatting van de belangrijkste afspraken uit de cao voor het Uitgeverijbedrijf 2025-2027, inclusief de salaristabellen voor alle zeven functiegroepen die deze cao kent.
Stamgegevens
Cao-partijen
Werkgeversvereniging Uitgeverijbedrijf (WU); werknemerszijde: FNV Media & Cultuur, CNV, De Unie en de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ)
Looptijd
1 oktober 2025 t/m 31 december 2027
Loonsverhoging
per 1 januari 2026: 3,0% structureel per 1 januari 2027: 3,0% structureel (geldt uniform voor alle salarisschalen in alle zeven salarisgebouwen)
Eenmalige uitkering
Geen algemene eenmalige uitkering. Uitsluitend voor werknemers Dagbladuitgeverijbedrijf die op 31-12-2014 al in dienst waren: jaarlijks in december 1% van het bruto jaarinkomen (overgangsregeling, art. 12.5)
Vakantietoeslag
8% van het bruto jaarsalaris, in 12 maandelijkse termijnen toegevoegd aan het Persoonlijk Keuzebudget (PKB)
Vakantiedagen
20 wettelijke + 4 bovenwettelijke vakantiedagen (waarde 1,6% naar PKB) + 1 dag bijzondere situaties (waarde 0,4% naar PKB); afhankelijk van salarisschaal eventueel 3 extra dagen overwerkcompensatie (waarde 1,2%)
Overwerkvergoeding
Werktijdentoeslag van 25% buiten 07.00-19.00 uur op werkdagen en op za/zo; overuren worden veelal gecompenseerd met tijd-voor-tijd of extra verlofdagen (verschilt per functiegroep)
Reiskostenvergoeding
Geen vast cao-tarief voor woon-werkverkeer (decentraal overeen te komen); wel een vaste thuiswerkvergoeding van minimaal € 2,40/dag (2025) en € 2,45/dag (2026), jaarlijks verhoogd tot het fiscaal vrijgestelde bedrag
De salarissen en salarisschalen in alle zeven salarisgebouwen van deze cao worden als volgt structureel verhoogd:
per 1 januari 2026: 3,0%
per 1 januari 2027: 3,0%
Deze verhogingen gelden voor alle salarisschalen van alle functiegroepen (Boeken- en Tijdschriftuitgeverijbedrijf, Dagbladuitgeverijbedrijf, Dagbladjournalisten, Publiekstijdschrift- en Opinieweekbladjournalisten, Vaktijdschriftjournalisten, Huis-aan-huisbladjournalisten en Grafische werknemers dagbladuitgeverijbedrijf).
Voor werknemers Dagbladuitgeverijbedrijf die op 31 december 2014 al in dienst waren, geldt daarnaast een overgangsregeling (art. 12.5): jaarlijks in december een bruto uitkering van 1% van het jaarinkomen (tot het maximum premieloon werknemersverzekeringen).
{/tab}
Vakantiedagen
Elke werknemer heeft recht op 20 wettelijke vakantiedagen (bij een voltijd dienstverband) plus de waarde van 4 bovenwettelijke vakantiedagen (1,6% van het salaris) en de waarde van 1 dag voor bijzondere situaties (0,4%). Deze waarden worden toegevoegd aan het Persoonlijk Keuzebudget (PKB), samen met de vakantietoeslag van 8%. De totale minimale waarde van het PKB komt daarmee op 12% van het jaarsalaris (art. 6.1).
Werknemers die zijn ingedeeld in een hogere salarisschaal (de grens verschilt per functiegroep/hoofdstuk) ontvangen daarnaast 3 extra bovenwettelijke vakantiedagen ter compensatie van overwerk (waarde 1,2%, desgewenst eveneens naar het PKB).
In vrijwel alle hoofdstukken (functiegroepen) is daarnaast een leeftijdsdagenregeling opgenomen: werknemers vanaf 50 jaar krijgen extra (bovenwettelijke) vakantiedagen, oplopend met de leeftijd. Deze leeftijdsdagen blijven vrije tijd en worden niet in geldwaarde aan het PKB toegevoegd.
{/tab}
Overwerkvergoeding
Werktijdentoeslag (art. 4.8) – voor werken buiten de gebruikelijke dagvenster-uren:
Tijdstip / dag
Toeslag
Ma t/m vr, 07.00 - 19.00 uur
geen toeslag
Ma t/m vr, 19.00 - 07.00 uur
25%
Zaterdag (gehele dag)
25%
Zondag (gehele dag)
25%
Deze toeslag wordt in 6 jaar afgebouwd (100% / 80% / 60% / 40% / 20% / 0%) als de bijbehorende werktijden voor een werknemer komen te vervallen.
Compensatie overuren (art. 4.9): overuren worden in beginsel binnen 4 weken gecompenseerd met tijd-voor-tijd (uur-voor-uur). Werknemers in de hogere salarisschalen van hun functiegroep ontvangen in plaats daarvan standaard 3 extra verlofdagen per jaar ter compensatie van overwerk (zie tabblad Vakantiedagen). Bij uitbetaling in plaats van compensatie in tijd geldt een overwerktoeslag van 30% (ma-vr), 50% (zaterdag) en 100% (zondag).
{/tab}
Reiskostenvergoeding
Deze cao regelt woon-werkverkeer niet met een vast cao-breed kilometertarief. Artikel 2.3.h verplicht de werkgever alleen tot het maken van afspraken hierover met de werknemer (decentraal te bepalen, bijvoorbeeld op ondernemingsniveau).
Wel kent de cao een vaste thuiswerkvergoeding (art. 5.2 lid 5 sub f), voor elke dag die de werknemer in overeenstemming met de werkgever thuiswerkt:
minimaal € 2,40 per dag (2025)
minimaal € 2,45 per dag (2026)
Dit bedrag wordt jaarlijks verhoogd tot maximaal het fiscaal vrijgestelde bedrag voor thuiswerken.
{/tab}
Opzegtermijn
Voor de werknemer geldt een opzegtermijn van 1 maand. Voor de werkgever geldt, afhankelijk van de duur van het dienstverband (art. 3.8, conform art. 7:672 lid 2 BW):
Duur dienstverband
Opzegtermijn werkgever
Korter dan 5 jaar
1 maand
5 tot 10 jaar
2 maanden
10 tot 15 jaar
3 maanden
15 jaar of langer
4 maanden
De opzegtermijn voor de werkgever kan schriftelijk worden verlengd tot maximaal 2 maanden (met gelijke verlenging voor de werknemer), of tot maximaal 6 maanden voor de werknemer (met verdubbeling van de termijn voor de werkgever).
Deze cao kent zeven afzonderlijke salarisgebouwen, elk gekoppeld aan een eigen functiegroep. Alle salarisschalen worden op dezelfde data (1 januari 2026 en 1 januari 2027) met 3,0% structureel verhoogd.
Boeken- en Tijdschriftuitgeverijbedrijf
Salarisgebouw voor de functiegroep Boeken- en Tijdschriftuitgeverijbedrijf (BTU), salarisschalen 1 t/m 9, maandsalarissen o.b.v. een gemiddelde arbeidsduur van 36 uur per week (art. 11.3).
Maandsalarissen per 1 oktober 2025
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
1
WML*
€ 2.255,04**
€ 23,52
2
€ 2.255,04**
€ 2.443,86
€ 43,38
3
€ 2.311,13
€ 2.627,17
€ 45,14
4
€ 2.382,78
€ 2.819,98
€ 43,72
5
€ 2.541,21
€ 3.250,45
€ 54,55
6
€ 2.763,67
€ 3.713,12
€ 73,04
7
€ 3.205,45
€ 4.347,56
€ 87,87
8
€ 3.529,95
€ 4.831,79
€ 92,98
9
€ 3.891,25
€ 5.347,08
€ 103,99
Maandsalarissen per 1 januari 2026
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
1
WML*
€ 2.303,59**
€ 24,23
2
€ 2.303,59**
€ 2.517,17
€ 44,68
3
€ 2.380,46
€ 2.705,98
€ 46,50
4
€ 2.454,26
€ 2.904,57
€ 45,03
5
€ 2.617,45
€ 3.347,96
€ 56,19
6
€ 2.846,58
€ 3.824,51
€ 75,23
7
€ 3.301,61
€ 4.477,99
€ 90,50
8
€ 3.635,85
€ 4.976,75
€ 95,77
9
€ 4.007,98
€ 5.507,49
€ 107,11
Maandsalarissen per 1 januari 2027
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
1
WML*
€ 2.372,70
€ 24,95
2
€ 2.372,70
€ 2.592,69
€ 46,02
3
€ 2.451,88
€ 2.787,16
€ 47,89
4
€ 2.527,89
€ 2.991,71
€ 46,38
5
€ 2.695,97
€ 3.448,40
€ 57,87
6
€ 2.931,98
€ 3.939,25
€ 77,48
7
€ 3.400,66
€ 4.612,33
€ 93,22
8
€ 3.744,92
€ 5.126,05
€ 98,65
9
€ 4.128,22
€ 5.672,71
€ 110,32
* Uitsluitend voor het minimumbedrag van schaal 1 geldt het wettelijk minimumloon (WML). ** Verhoogd naar het wettelijk minimumloon.
{/tab}
Dagbladuitgeverijbedrijf
Salarisgebouw voor de functiegroep Dagbladuitgeverijbedrijf (DU), salarisschalen A t/m K, maandsalarissen o.b.v. een gemiddelde arbeidsduur van 36 uur per week (art. 12.3).
Maandsalarissen per 1 oktober 2025
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
A
WML*
€ 2.443,86
€ 51,03
B
€ 2.255,04**
€ 2.500,83
€ 51,03
C
€ 2.289,82
€ 2.656,36
€ 60,83
D
€ 2.389,19
€ 2.816,94
€ 60,83
E
€ 2.497,92
€ 3.002,73
€ 72,00
F
€ 2.639,08
€ 3.240,37
€ 74,81
G
€ 2.785,97
€ 3.524,09
€ 92,28
H
€ 2.986,17
€ 3.917,28
€ 102,76
I
€ 3.230,26
€ 4.398,32
€ 116,78
J
€ 3.562,98
€ 5.035,63
€ 134,24
K
€ 3.993,61
€ 5.845,53
€ 155,20
Maandsalarissen per 1 januari 2026
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
A
WML*
€ 2.517,17
€ 52,56
B
€ 2.303,59**
€ 2.575,86
€ 52,56
C
€ 2.358,51
€ 2.736,05
€ 62,65
D
€ 2.460,87
€ 2.901,44
€ 62,65
E
€ 2.572,85
€ 3.092,81
€ 74,16
F
€ 2.718,25
€ 3.337,58
€ 77,05
G
€ 2.869,55
€ 3.629,81
€ 95,05
H
€ 3.075,75
€ 4.034,80
€ 105,84
I
€ 3.327,17
€ 4.530,27
€ 120,28
J
€ 3.669,87
€ 5.186,70
€ 138,27
K
€ 4.113,42
€ 6.020,89
€ 159,85
Maandsalarissen per 1 januari 2027
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
A
WML*
€ 2.592,69
€ 54,14
B
€ 2.372,70
€ 2.653,14
€ 54,14
C
€ 2.429,27
€ 2.818,13
€ 64,53
D
€ 2.534,70
€ 2.988,49
€ 64,53
E
€ 2.650,04
€ 3.185,59
€ 76,38
F
€ 2.799,80
€ 3.437,71
€ 79,36
G
€ 2.955,64
€ 3.738,71
€ 97,90
H
€ 3.168,03
€ 4.155,84
€ 109,01
I
€ 3.426,99
€ 4.666,18
€ 123,89
J
€ 3.779,96
€ 5.342,30
€ 142,42
K
€ 4.236,82
€ 6.201,52
€ 164,65
* Uitsluitend voor het minimumbedrag van schaal A geldt het wettelijk minimumloon (WML). ** Verhoogd naar het wettelijk minimumloon. Werknemers die op 31-12-2014 al in dienst waren, hebben daarnaast recht op een jaarlijkse bruto uitkering van 1% (art. 12.5, zie tabblad Salarisverhogingen).
{/tab}
Dagbladjournalisten
Salarisgebouw voor de functiegroep Dagbladjournalisten (DJ), salarisschalen 3 t/m 9, maandsalarissen o.b.v. een gemiddelde arbeidsduur van 38 uur per week (sportjournalisten 36 uur, zelfde bedragen) (art. 13.4).
Maandsalarissen per 1 oktober 2025
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
3
€ 2.709,70
€ 3.448,56
3%
4
€ 2.938,63
€ 3.880,79
3%
5
€ 2.942,98
€ 4.425,87
3%
6
€ 3.387,84
€ 5.128,98
3%
7
€ 3.906,12
€ 5.969,90
3%
8
€ 4.966,64
€ 6.854,56
3%
9
€ 5.745,42
€ 7.944,85
3%
Maandsalarissen per 1 januari 2026
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
3
€ 2.790,99
€ 3.552,02
3%
4
€ 3.026,79
€ 3.997,21
3%
5
€ 3.031,27
€ 4.558,64
3%
6
€ 3.489,48
€ 5.282,85
3%
7
€ 4.023,31
€ 6.149,00
3%
8
€ 5.115,64
€ 7.060,20
3%
9
€ 5.917,78
€ 8.183,20
3%
Maandsalarissen per 1 januari 2027
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
3
€ 2.874,72
€ 3.658,58
3%
4
€ 3.117,60
€ 4.117,13
3%
5
€ 3.122,21
€ 4.695,40
3%
6
€ 3.594,16
€ 5.441,34
3%
7
€ 4.144,00
€ 6.333,47
3%
8
€ 5.269,11
€ 7.271,99
3%
9
€ 6.095,31
€ 8.428,72
3%
De standaardstap bedraagt 3% van het midden van de salarisschaal.
Leerling-journalisten en beginnend journalisten (art. 13.3), maandsalarissen:
Categorie
Per 1-10-2025
Per 1-1-2026
Per 1-1-2027
Leerling-journalist, 1e jaar
€ 2.380,32*
€ 2.431,57
€ 2.504,52
Leerling-journalist, 2e jaar
€ 2.380,32*
€ 2.443,60
€ 2.516,91
Beginnend journalist, categorie A (HBO)
€ 2.862,87
€ 2.948,75
€ 3.037,21
Beginnend journalist, categorie A (bedrijfsleven) / B
€ 3.034,32
€ 3.125,35
€ 3.219,11
* Verhoogd naar het wettelijk minimumloon.
{/tab}
Publiekstijdschrift-/Opinieweekbladjournalisten
Salarisgebouw voor de functiegroep Publiekstijdschrift- en Opinieweekbladjournalisten, salarisschalen I t/m V, maandsalarissen o.b.v. een gemiddelde arbeidsduur van 36 uur per week (art. 14.3).
Maandsalarissen per 1 oktober 2025
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
I
€ 2.530,17
€ 2.958,64
3%
II
€ 2.805,61
€ 4.053,84
3%
III
€ 3.098,54
€ 4.999,31
3%
IV
€ 3.665,82
€ 5.941,49
3%
V
€ 4.317,26
€ 7.029,05
3%
Maandsalarissen per 1 januari 2026
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
I
€ 2.606,08
€ 3.047,39
3%
II
€ 2.889,78
€ 4.175,46
3%
III
€ 3.191,50
€ 5.149,29
3%
IV
€ 3.775,80
€ 6.119,74
3%
V
€ 4.446,78
€ 7.239,92
3%
Maandsalarissen per 1 januari 2027
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
I
€ 2.684,26
€ 3.138,82
3%
II
€ 2.976,47
€ 4.300,72
3%
III
€ 3.287,24
€ 5.303,77
3%
IV
€ 3.889,07
€ 6.303,33
3%
V
€ 4.580,18
€ 7.457,12
3%
De standaardstap bedraagt 3% van het maximum van de salarisschaal.
{/tab}
Vaktijdschriftjournalisten
Salarisgebouw voor de functiegroep Vaktijdschriftjournalisten, salarisschalen B t/m G, maandsalarissen o.b.v. een gemiddelde arbeidsduur van 36 uur per week (art. 15.3).
Maandsalarissen per 1 oktober 2025
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
B
€ 2.970,66
€ 3.880,05
€ 76,51
C
€ 3.111,66
€ 4.339,12
€ 81,98
D
€ 3.274,52
€ 4.998,22
€ 90,72
E
€ 3.601,33
€ 5.506,47
€ 100,56
F
€ 4.103,03
€ 6.176,49
€ 114,77
G
€ 4.620,03
€ 6.974,40
€ 131,16
Maandsalarissen per 1 januari 2026
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
B
€ 3.059,78
€ 3.996,46
€ 78,81
C
€ 3.205,01
€ 4.469,30
€ 84,44
D
€ 3.372,75
€ 5.148,16
€ 93,44
E
€ 3.709,37
€ 5.671,66
€ 103,57
F
€ 4.226,12
€ 6.361,79
€ 118,21
G
€ 4.758,63
€ 7.183,63
€ 135,10
Maandsalarissen per 1 januari 2027
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
B
€ 3.151,57
€ 4.116,35
€ 81,17
C
€ 3.301,16
€ 4.603,38
€ 86,97
D
€ 3.473,94
€ 5.302,61
€ 96,25
E
€ 3.820,65
€ 5.841,81
€ 106,68
F
€ 4.352,90
€ 6.552,64
€ 121,76
G
€ 4.901,39
€ 7.399,14
€ 139,15
De standaardstap bedraagt 3% van het maximum van de salarisschaal.
{/tab}
Huis-aan-huisbladjournalisten
Salarisgebouw voor de functiegroep Huis-aan-huisbladjournalisten, salarisschalen A t/m F plus leerlingschalen, maandsalarissen o.b.v. een gemiddelde arbeidsduur van 38 uur per week (art. 16.5).
Maandsalarissen per 1 oktober 2025
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
A
€ 2.401,56
€ 3.157,61
3%
B
€ 2.552,38
€ 3.405,00
3%
C
€ 2.736,82
€ 3.689,23
3%
D
€ 2.960,92
€ 4.033,48
3%
E
€ 3.232,33
€ 4.450,02
3%
F
€ 3.560,74
€ 5.131,03
3%
Leerling, 1e leerjaar
€ 2.380,32*
Leerling, 2e leerjaar
€ 2.380,32*
Leerling, 3e leerjaar
€ 2.380,32*
Maandsalarissen per 1 januari 2026
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
A
€ 2.473,60
€ 3.252,34
3%
B
€ 2.628,95
€ 3.507,15
3%
C
€ 2.818,92
€ 3.799,91
3%
D
€ 3.049,75
€ 4.154,49
3%
E
€ 3.329,30
€ 4.583,52
3%
F
€ 3.667,56
€ 5.284,96
3%
Leerling, 1e leerjaar
€ 2.431,56*
Leerling, 2e leerjaar
€ 2.431,56*
Leerling, 3e leerjaar
€ 2.434,04
Maandsalarissen per 1 januari 2027
Schaal
Minimum
Maximum
Standaard stap
A
€ 2.547,81
€ 3.349,91
3%
B
€ 2.707,82
€ 3.612,37
3%
C
€ 2.903,49
€ 3.913,91
3%
D
€ 3.141,24
€ 4.279,12
3%
E
€ 3.429,18
€ 4.721,03
3%
F
€ 3.777,59
€ 5.443,51
3%
Leerling, 1e leerjaar
€ 2.504,51
Leerling, 2e leerjaar
€ 2.504,51
Leerling, 3e leerjaar
€ 2.507,06
De standaardstap bedraagt 3% van het midden van de salarisschaal. * Verhoogd naar het wettelijk minimumloon.
{/tab}
Grafische werknemers dagbladuitgeverijbedrijf
Salarisgebouw voor de functiegroep Grafische werknemers in het dagbladuitgeverijbedrijf, functieniveaus A t/m K, uur- en maandlonen o.b.v. een basisarbeidsduur van 36 uur per week (art. 17.3).
Lonen per 1 oktober 2025
Functieniveau
Aanloop vanaf
Minimum maandloon
Maximum maandloon
A
WML
€ 2.255,04**
€ 2.487,37
B
WML
€ 2.308,33
€ 2.611,84
C
WML
€ 2.403,82
€ 2.761,89
D
WML
€ 2.501,01
€ 2.920,47
E
WML
€ 2.608,43
€ 3.102,91
F
WML
€ 2.746,55
€ 3.336,52
G
€ 2.292,99
€ 2.889,78
€ 3.614,45
H
€ 2.443,04
€ 3.085,86
€ 3.999,81
I
€ 2.623,78
€ 3.326,28
€ 4.470,42
J
€ 3.131,90
€ 3.651,96
€ 5.096,19
K
€ 3.486,57
€ 4.073,12
€ 5.890,78
Lonen per 1 januari 2026
Functieniveau
Aanloop vanaf
Minimum maandloon
Maximum maandloon
A
WML
€ 2.303,59**
€ 2.561,99
B
WML
€ 2.377,58
€ 2.690,20
C
WML
€ 2.475,93
€ 2.844,75
D
WML
€ 2.576,04
€ 3.008,08
E
WML
€ 2.686,68
€ 3.196,00
F
WML
€ 2.828,94
€ 3.436,61
G
€ 2.361,77
€ 2.976,47
€ 3.722,88
H
€ 2.516,33
€ 3.178,44
€ 4.119,80
I
€ 2.702,49
€ 3.426,07
€ 4.604,53
J
€ 3.225,86
€ 3.761,52
€ 5.249,08
K
€ 3.591,16
€ 4.195,32
€ 6.067,50
Lonen per 1 januari 2027
Functieniveau
Aanloop vanaf
Minimum maandloon
Maximum maandloon
A
WML
€ 2.371,12
€ 2.638,85
B
WML
€ 2.448,91
€ 2.770,90
C
WML
€ 2.550,21
€ 2.930,09
D
WML
€ 2.653,32
€ 3.098,32
E
WML
€ 2.767,29
€ 3.291,88
F
WML
€ 2.913,81
€ 3.539,71
G
€ 2.432,63
€ 3.065,76
€ 3.834,57
H
€ 2.591,82
€ 3.273,79
€ 4.243,39
I
€ 2.783,57
€ 3.528,86
€ 4.742,66
J
€ 3.322,63
€ 3.874,37
€ 5.406,55
K
€ 3.698,90
€ 4.321,18
€ 6.249,53
Voor functieniveaus A t/m F geldt het wettelijk minimumloon (WML) als aanloopbedrag. ** Verhoogd naar het wettelijk minimumloon.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de cao Houtverwerkende industrie 2025-2026.
Stamgegevens
Cao-partijen
Werkgeverszijde: Dutch Manufacturing Association (Dutch-Man), Nederlandse Emballage- en Palletindustrie Vereniging, Nederlandse Vereniging van Klompenfabrikanten. Werknemerszijde: FNV, CNV
Looptijd
1 juli 2025 t/m 31 december 2026
Loonsverhoging
per 1 oktober 2025: € 75,- bruto per maand (deeltijders naar rato), gevolgd door 4% structureel
Eenmalige uitkering
De cao regelt voorwaarden voor een eenmalige uitkering (art. 4.1.6), maar noemt in dit boekje geen concreet percentage of bedrag
Vakantiedagen
25 dagen (18 jaar en ouder), oplopend met leeftijd (56+) en diensttijd (25 jaar in dienst: +2 dagen)
Vakantietoeslag
8% van het feitelijk loon, jaarlijks uitbetaald vóór 1 juni
Overwerkvergoeding
25% t/m 125% toeslag op het feitelijk uurloon, afhankelijk van dag en tijdstip (zie tabblad)
Reiskostenvergoeding
Woon-werkverkeer vanaf 6,0 km enkele reis: € 0,23 per km (tot 40,0 km) of 100% OV-vergoeding
Opzegtermijn werkgever
1 tot 4 maanden, afhankelijk van diensttijd (zie tabblad)
Opzegtermijn werknemer
1 maand
{/tab}
Salarisverhogingen
per 1 oktober 2025: € 75,- bruto per maand (voor deeltijders naar rato)
per 1 oktober 2025: aansluitend 4% structureel
Beide verhogingen zijn al verwerkt in de loontabel (tabblad Salaristabel).
De werknemer die meer dan € 47.000,- bruto (exclusief toeslagen) per jaar verdient, heeft recht op de helft van deze verhogingen, berekend over zijn feitelijke beloning.
De cao regelt daarnaast voorwaarden voor een eenmalige uitkering (art. 4.1.6, o.a. minimaal 3 maanden in dienst voorafgaand aan de uitkeringsmaand), maar noemt in dit boekje geen concreet percentage of bedrag.
{/tab}
Vakantiedagen
Standaard aantal vakantiedagen per jaar (voltijd, hele kalenderjaar in dienst), art. 3.1.1:
Leeftijd
Wettelijk
Bovenwettelijk
Totaal
T/m 17 jaar
20 dagen
10 dagen*
30 dagen
18 jaar en ouder
20 dagen
5 dagen
25 dagen
* Vijf van de tien bovenwettelijke dagen voor werknemers t/m 17 jaar gelden alleen als de werknemer het hele voorgaande kalenderjaar bij dezelfde werkgever in dienst was.
Werknemer 25 jaar onafgebroken in dienst: 2 bovenwettelijke dagen extra per jaar.
Werknemer 56 jaar of ouder: extra bovenwettelijke dagen volgens onderstaande tabel (art. 3.1.2).
Leeftijd
Extra bovenwettelijke dagen per jaar
56 jaar
2 dagen
57 jaar
3 dagen
58 jaar
4 dagen
59 jaar
5 dagen
60 jaar en ouder
6 dagen
{/tab}
Overwerkvergoeding
Overwerktoeslag op het feitelijk uurloon (art. 2.4.5):
Soort dag / uren
Toeslag op het feitelijk uurloon
Ma t/m vr: 1e en 2e overuur aansluitend op de gewone werktijd
25%
Ma t/m vr: overige overuren
50%
Zaterdag: alle overuren
50%
Zondag: alle gewerkte uren
100%
Feestdag (ongeacht weekdag): alle gewerkte uren
125%
Bij samenloop van twee soorten dagen (bijvoorbeeld een feestdag op maandag) geldt alleen de hoogste toeslag. De werknemer kan overwerk laten uitbetalen of compenseren in vrije tijd (binnen 60 dagen op te nemen).
Daarnaast gelden losse toeslagen voor ploegendienst en nachtdienst (art. 2.5.1 en 2.6.1):
Regeling
Uren
Toeslag
Ploegendienst (2- of 3-ploegen)
05.00 - 23.00 uur
15%
Ploegendienst (2- of 3-ploegen)
23.00 - 05.00 uur
30%
Nachtdienst (bijzondere omstandigheden, geen overwerk)
20.00 - 07.00 uur
30%
{/tab}
Reiskostenvergoeding
Reiskostenvergoeding woon-werkverkeer (art. 4.4.6), voor gewerkte dagen met een reisafstand van 6 km of meer enkele reis:
Vervoermiddel
Reisafstand per dag (enkele reis)
Vergoeding
Openbaar vervoer
6 km of meer
100% (trein: 2e klasse)
Ander vervoermiddel
6,0 t/m 40,0 km
€ 0,23 per km
De reisafstand wordt berekend via Google Maps op basis van de kortste route. Boven de 40,0 km enkele reis wordt geen aanvullende vergoeding meer opgebouwd. Voor karweiwerk buiten de eigen standplaats gelden aparte regels voor reis-, verblijf- en reisurenvergoeding (art. 4.4.5), los van deze woon-werkvergoeding.
{/tab}
Opzegtermijn
Opzegtermijnen bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (art. 1.6.1):
Duur dienstverband
Opzegtermijn werkgever
Opzegtermijn werknemer
Korter dan 5 jaar
1 maand*
1 maand
5 tot 10 jaar
2 maanden
1 maand
10 tot 15 jaar
3 maanden
1 maand
15 jaar of langer
4 maanden
1 maand
* Voor de werknemer van 45 jaar en ouder die de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt, geldt voor de werkgever bij minder dan 5 dienstjaren een opzegtermijn van 2 maanden in plaats van 1 maand. Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd geldt geen opzegtermijn; wel een wettelijke aanzegtermijn van 1 maand voor het einde van het contract.
Salaristabel CAO Houtverwerkende industrie 2025-2026
De cao kent vijf functiegroepen (I t/m V) met bijbehorende loongroepen. Elke loonschaal begint op een instroomniveau en loopt door tot het normloon, met daarboven een uitloop van drie periodieken.
Cao-loon per 1 oktober 2025
Bruto cao-loon per uur, inclusief de verhoging van € 75,- bruto per maand en de verhoging van 4% (art. 4.1.5). De loontabel is op basis van een 40-urige werkweek, inclusief 124 uur roostervrije tijd.
Loonniveau / periodiek
Loongroep I
Loongroep II
Loongroep III
Loongroep IV
Loongroep V
Uitloop, periodiek 3
€ 16,43
€ 16,53
€ 16,80
€ 17,24
€ 17,96
Uitloop, periodiek 2
€ 16,18
€ 16,29
€ 16,52
€ 16,91
€ 17,71
Uitloop, periodiek 1
€ 15,86
€ 16,00
€ 16,25
€ 16,67
€ 17,40
Normloon
€ 15,56
€ 15,69
€ 15,98
€ 16,38
€ 17,10
Instroom, periodiek 5
€ 14,80
€ 15,07
€ 15,42
€ 16,14
De werknemer heeft ten minste recht op het wettelijk minimumuurloon; bij werknemers tot 21 jaar mag het wettelijk minimum(jeugd)loon worden gehanteerd. Instroomniveaus onder periodiek 5 (periodiek 4 t/m 0) kennen in deze cao geen ingevulde bedragen.
Omrekening: cao-weekloon = cao-uurloon × 40 (voltijd); cao-maandloon = cao-uurloon × 174. Jaarlijks op 1 januari en 1 juli wordt het wettelijk minimumloon geïndexeerd; bijgewerkte loontabellen worden dan gepubliceerd op www.houtverwerkendeindustrie.nl.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
Dit is de samenvatting van de cao voor de Groothandel in Bloembollen 2026-2027.
Stamgegevens
Cao-partijen
Werkgeverszijde: Koninklijke Handelsbond voor Boomkwekerij- en Bolproducten (Anthos). Werknemerszijde: FNV, CNV
Looptijd
1 januari 2026 t/m 31 maart 2027
Loonsverhoging
per 1 maart 2026: 4% structureel
Vakantiedagen
193,8 uur (20 wettelijke + 5,5 bovenwettelijke vakantiedagen) o.b.v. 38-urige werkweek, oplopend bij 12,5 en 25 dienstjaren
Vakantietoeslag
Minimaal 8,33% van het feitelijk loon (incl. overuren en toeslagen), uitbetaald in mei
Overwerkvergoeding
30% (ma t/m za) tot 85% (zondag) toeslag op het uurloon; los daarvan 20%-85% toeslag voor bijzondere uren (zie tabblad)
Reiskostenvergoeding
Vanaf 3 km enkele reis: € 1,40/dag (3-10 km) tot € 0,23/km (10-25 km), gemaximeerd op € 5,75/dag; thuiswerkvergoeding € 2,45/dag
Opzegtermijn werkgever
2 tot 4 maanden, afhankelijk van diensttijd (zie tabblad)
Opzegtermijn werknemer
2 maanden
{/tab}
Salarisverhogingen
per 1 maart 2026: 4% structureel, verwerkt in de loontabel (tabblad Salaristabel).
per 1 mei 2026: wijziging van het loongebouw in de hoogste functieschalen F, G en H (meer tredes/perspectief op een hoger loon), zonder algemene procentuele verhoging. Werknemers die hierdoor al een hoger loon krijgen, maken geen aanspraak op een periodiek per 1 januari 2027 (herindeling volgens Bijlage III bij de cao).
Werknemers met een feitelijk loon boven het maximale cao-loon van de hoogste functiegroep krijgen de verhoging ten minste over het bedrag ter grootte van dat maximale cao-loon.
{/tab}
Vakantiedagen
De werknemer met een voltijds dienstverband (38 uur/week) heeft recht op ten minste 193,8 vakantie-uren per jaar: 20 wettelijke en 5,5 bovenwettelijke vakantiedagen (art. 05.01).
Vanaf een 12,5-jarig dienstverband bij dezelfde werkgever: in totaal 7,6 uur extra (bovenwettelijk).
Vanaf een 25-jarig dienstverband bij dezelfde werkgever: in totaal 15,2 uur extra (bovenwettelijk).
Bij deeltijd naar evenredigheid van de duur en omvang van het dienstverband.
Tijdens ziekte worden geen bovenwettelijke vakantiedagen opgebouwd (wettelijke wel, conform art. 7:634 BW).
{/tab}
Overwerkvergoeding
Toeslag bij overwerk (art. 06.05 lid 4):
Soort overwerk
Toeslag op het uurloon
Overwerk maandag t/m zaterdag
30%
Overwerk op zondag
85%
Toeslag voor arbeid op bijzondere uren die geen overwerk betreft (art. 06.05 lid 5, alleen van toepassing als de overwerktoeslag hierboven niet al geldt):
Tijdstip / dag (geen overwerk)
Toeslag op het uurloon
Vóór 06.00 uur en na 21.00 uur
20%
Zondag of feestdag (m.u.v. 5 mei)
85%
Over overuren en de genoemde toeslagen is ook vakantietoeslag verschuldigd. Overuren en toeslagen worden bij voorkeur in vrije tijd gecompenseerd; worden ze niet vóór het einde van het kalenderjaar opgenomen, dan worden ze alsnog in geld uitbetaald.
{/tab}
Reiskostenvergoeding
Afstandsvergoeding voor het gebruik van eigen vervoer, bij een woon-werkafstand van meer dan 3 km enkele reis, per gewerkte dag (art. 07.02):
Reisafstand enkele reis
Vergoeding per gewerkte dag
3 t/m 10 km
€ 1,40
Meer dan 10 t/m 25 km
€ 0,23 per km
Meer dan 25 km
€ 5,75 (maximum, o.b.v. 25 km)
Bij verhuizing op eigen initiatief naar een adres verder van de werkplek, blijft de oorspronkelijke (kortere) woon-werkafstand bepalend voor de vergoeding. Zorgt de werkgever zelf voor bedrijfsvervoer, dan vervalt deze kilometervergoeding.
Daarnaast geldt een aparte thuiswerkvergoeding (art. 07.05): € 2,45 per dag waarop de werknemer volledig vanuit huis werkt, per 1 januari 2026. Op dagen met thuiswerkvergoeding vervalt het recht op de afstandsvergoeding.
{/tab}
Opzegtermijn
Bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd gelden, in afwijking van het Burgerlijk Wetboek, de volgende opzegtermijnen (art. 03.04 lid 1a):
Duur dienstverband
Opzegtermijn werkgever
Opzegtermijn werknemer
Korter dan 10 jaar
2 maanden
2 maanden
10 tot 15 jaar
3 maanden
2 maanden
15 jaar of langer
4 maanden
2 maanden
De opzegging dient zodanig te geschieden dat het einde van de arbeidsovereenkomst samenvalt met het einde van een maand. Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd geldt geen opzegtermijn; wel geldt een aanzegtermijn van 1 maand voor het einde van het contract.
Salaristabel CAO Groothandel in Bloembollen 2026-2027
De cao kent functiegroepen/loonschalen B t/m H, met leeftijdsschalen voor jeugdigen en tredes voor volwassen werknemers. De lonen worden hieronder als maandloon (bij een 38-urige werkweek) weergegeven voor de drie tabellen die het boekje kent: per 1 maart 2026 (incl. de verhoging van 4%), per 1 mei 2026 (na de wijziging van het loongebouw in de schalen F, G en H) en per 1 januari 2027 (waarbij de functievolwassen leeftijd verschuift van 20 naar 19 jaar).
Maandlonen per 1 maart 2026
Leeftijd / trede
B
C
D
E
F
G
H
15 jaar
€ 1.111,90
€ 1.186,50
€ 1.236,50
€ 1.289,30
€ 1.359,60
€ 1.449,60
€ 1.538,80
16 jaar
€ 1.235,40
€ 1.318,50
€ 1.373,90
€ 1.432,70
€ 1.510,80
€ 1.610,80
€ 1.710,00
17 jaar
€ 1.482,50
€ 1.582,10
€ 1.648,70
€ 1.719,10
€ 1.812,90
€ 1.932,90
€ 2.051,90
18 jaar
€ 1.976,60
€ 2.109,30
€ 2.198,10
€ 2.292,00
€ 2.417,30
€ 2.577,20
€ 2.735,70
19 jaar
€ 2.223,70
€ 2.373,10
€ 2.473,00
€ 2.578,70
€ 2.719,40
€ 2.899,30
€ 3.077,80
Trede 1 (20 jr t/m AOW)
€ 2.470,80
€ 2.636,80
€ 2.747,70
€ 2.865,10
€ 3.021,50
€ 3.221,40
€ 3.419,80
Trede 2
€ 2.526,30
€ 2.692,20
€ 2.786,60
€ 2.903,80
€ 3.062,00
€ 3.260,30
€ 3.459,10
Trede 3
€ 2.581,30
€ 2.747,70
€ 2.826,40
€ 2.943,60
€ 3.101,10
€ 3.299,70
€ 3.498,70
Trede 4
€ 2.636,80
€ 2.786,60
€ 2.865,10
€ 2.982,80
€ 3.140,30
€ 3.340,60
€ 3.539,40
Trede 5
€ 2.692,20
€ 2.826,40
€ 2.903,80
€ 3.021,50
€ 3.180,90
€ 3.379,50
€ 3.578,30
Trede 6
€ 2.747,70
€ 2.865,10
€ 2.943,60
€ 3.062,00
€ 3.221,40
€ 3.419,80
€ 3.618,80
Trede 7
€ 2.903,80
€ 2.982,80
€ 3.101,10
€ 3.260,30
€ 3.459,10
€ 3.658,60
Trede 8
€ 2.943,60
€ 3.021,50
€ 3.140,30
€ 3.299,70
€ 3.498,70
€ 3.699,20
Trede 9
€ 3.062,00
€ 3.180,90
€ 3.340,60
€ 3.539,40
€ 3.739,30
Trede 10 (bij goed/uitstekend functioneren)
€ 3.221,40
€ 3.379,50
€ 3.578,30
€ 3.779,70
Trede 11 (bij goed/uitstekend functioneren)
€ 3.419,80
€ 3.618,80
€ 3.818,90
Trede 1 t/m 6 geldt voor iedere werknemer van 21 jaar en ouder met ten minste 1 dienstjaar in de functiegroep; trede 7 t/m 9 (functiegroepen E t/m H) bij goed functioneren; trede 10 en 11 alleen bij goed/uitstekend functioneren, voor zover de loonschaal deze tredes kent.
{/tab}
Maandlonen per 1 mei 2026
Per 1 mei 2026 wijzigt het loongebouw in de functieschalen F, G en H (meer tredes/hoger perspectief); de overige schalen (B t/m E) blijven ongewijzigd ten opzichte van 1 maart 2026.
Leeftijd / trede
B
C
D
E
F
G
H
15 jaar
€ 1.111,90
€ 1.186,50
€ 1.236,50
€ 1.289,30
€ 1.359,60
€ 1.449,60
€ 1.538,80
16 jaar
€ 1.235,40
€ 1.318,50
€ 1.373,90
€ 1.432,70
€ 1.510,80
€ 1.610,80
€ 1.710,00
17 jaar
€ 1.482,50
€ 1.582,10
€ 1.648,70
€ 1.719,10
€ 1.812,90
€ 1.932,90
€ 2.051,90
18 jaar
€ 1.976,60
€ 2.109,30
€ 2.198,10
€ 2.292,00
€ 2.417,30
€ 2.577,20
€ 2.735,70
19 jaar
€ 2.223,70
€ 2.373,10
€ 2.473,00
€ 2.578,70
€ 2.719,40
€ 2.899,30
€ 3.077,80
Trede 1 (20 jr t/m AOW)
€ 2.470,80
€ 2.636,80
€ 2.747,70
€ 2.865,10
€ 3.021,50
€ 3.221,40
€ 3.419,80
Trede 2
€ 2.526,30
€ 2.692,20
€ 2.786,60
€ 2.903,80
€ 3.062,00
€ 3.260,30
€ 3.498,70
Trede 3
€ 2.581,30
€ 2.747,70
€ 2.826,40
€ 2.943,60
€ 3.101,10
€ 3.299,70
€ 3.578,30
Trede 4
€ 2.636,80
€ 2.786,60
€ 2.865,10
€ 2.982,80
€ 3.140,30
€ 3.340,60
€ 3.658,60
Trede 5
€ 2.692,20
€ 2.826,40
€ 2.903,80
€ 3.021,50
€ 3.180,90
€ 3.419,80
€ 3.739,30
Trede 6
€ 2.747,70
€ 2.865,10
€ 2.943,60
€ 3.062,00
€ 3.221,40
€ 3.498,70
€ 3.818,90
Trede 7
€ 2.903,80
€ 2.982,80
€ 3.101,10
€ 3.260,30
€ 3.578,30
€ 3.948,90
Trede 8
€ 2.943,60
€ 3.021,50
€ 3.140,30
€ 3.299,70
€ 3.658,60
€ 4.079,00
Trede 9
€ 3.062,00
€ 3.180,90
€ 3.340,60
€ 3.739,30
€ 4.209,10
Trede 10 (bij goed/uitstekend functioneren)
€ 3.221,40
€ 3.419,80
€ 3.819,10
€ 4.338,90
Trede 11 (bij goed/uitstekend functioneren)
€ 3.498,70
€ 3.948,90
€ 4.469,00
Werknemers die op basis van de herindelingstabel (Bijlage III bij de cao) in een hogere trede/schaal terechtkomen, hebben geen recht op een periodiek per 1 januari 2027.
{/tab}
Maandlonen per 1 januari 2027
Per 1 januari 2027 verschuift de functievolwassen leeftijd van 20 naar 19 jaar; jeugdlonen gelden dan nog alleen voor werknemers t/m 18 jaar.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
per 1 juli 2025: ten minste 1,1% per 1 januari 2026: 2%
Vakantiedagen
197,6 uur / 26 dagen (152 uur/20 dagen wettelijk + 45,6 uur/6 dagen bovenwettelijk), oplopend bij hogere leeftijd of dienstjaren
Vakantietoeslag
8% per jaar, uitbetaald tussen 1 mei en 1 juli
Overwerkvergoeding
1 uur feitelijk salaris + 35% toeslag per overuur; daarnaast toeslag bijzondere werktijden van 25%-100% (zie tabblad)
Reiskostenvergoeding
Vanaf 10 km enkele reis: € 0,18 per km, tot maximaal 30 km enkele reis per werkdag
Opzegtermijn werkgever
1 tot 4 maanden, afhankelijk van diensttijd (zie tabblad)
Opzegtermijn werknemer
1 maand
{/tab}
Salarisverhogingen
per 1 juli 2025: ten minste 1,1% (verwerkt in de uursalarissen en verrekend in de maand-/vierwekensalarissen).
per 1 januari 2026: 2%.
Bovenschalige werknemers (niet ingedeeld in functiegroep A t/m I, geen hulpkracht/vakantiewerker/werknemer Participatiewet) hebben recht op ten minste de helft van deze verhogingen.
{/tab}
Vakantiedagen
Standaard aantal vakantie-uren/dagen per opbouwjaar (bij een normale arbeidsduur van 38 uur/week, hele jaar in dienst):
Totaal per opbouwjaar
Waarvan wettelijk
Waarvan bovenwettelijk
197,6 uur / 26 dagen
152 uur / 20 dagen
45,6 uur / 6 dagen
Extra vakantierechten (bovenwettelijk) naar leeftijd of aantal aaneengesloten dienstjaren; deze tellen niet bij elkaar op, het hoogste aantal geldt:
Leeftijd of aantal dienstjaren
Extra vakantierechten (bovenwettelijk)
50 jaar en ouder, of 15 aaneengesloten dienstjaren
7,6 uur / 1 dag
25 aaneengesloten dienstjaren
15,2 uur / 2 dagen
55 jaar en ouder, of 40 aaneengesloten dienstjaren
22,8 uur / 3 dagen
60 jaar
38 uur / 5 dagen
61 jaar en ouder
53,2 uur / 7 dagen
{/tab}
Overwerkvergoeding
De overwerkvergoeding per overuur bestaat uit 1 uur feitelijk salaris plus een overwerktoeslag van 35% (in tijd of geld, art. 2.4.3). Voor chauffeurs geldt een eigen regeling: minimaal 30% voor de eerste 7 overuren per week, minimaal 50% vanaf het 8e overuur.
Daarnaast geldt, los van overwerk, een toeslag bijzondere werktijden voor werken buiten de normale werktijden binnen de normale arbeidsduur (art. 2.3.6):
Tijdvak
Ma t/m vr
Zaterdag
Zondag
00.00 - 06.00 uur
40%*
40%*
100%
06.00 - 15.00 uur
geen
geen
100%
15.00 - 19.00 uur
geen
25%**
100%
19.00 - 23.00 uur
25%
25%
25%
23.00 - 24.00 uur
40%
100%
40%
* Geldt tot 05.00 uur voor een groothandelsbedrijf op een groothandelsmarkt met afhaalklanten. ** Geldt niet als de zaterdag voor de werknemer binnen de vijfdaagse werkweek valt, of als de werknemer uitsluitend op zaterdag werkt.
Voor werken op een erkende feestdag geldt een aparte feestdagentoeslag van 100% (of 200% als de feestdag op een zondag valt) plus vervangende vrije uren gelijk aan het aantal gewerkte uren; op die dag vervalt dan de toeslag bijzondere werktijden.
{/tab}
Reiskostenvergoeding
Reiskosten woon-werkverkeer (art. 3.6.5), bij een woon-werkafstand van meer dan 10 km enkele reis:
Voorwaarde
Vergoeding
Woon-werkafstand meer dan 10 km enkele reis
€ 0,18 per km per werkdag
Vergoede afstand
Maximaal 30 km enkele reis per werkdag (incl. eerste 10 km)
Als afstand geldt de kortste route volgens een officiële routeplanner (ANWB of Google Maps). Verandert de reisafstand door een verhuizing van de werknemer, dan past de werkgever de vergoeding daarop aan. De vergoeding vervalt als de werkgever het woon-werkverkeer zelf (volledig) organiseert en financiert.
{/tab}
Opzegtermijn
Opzegtermijnen bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (art. 1.5.1):
Duur dienstverband
Opzegtermijn werkgever
Opzegtermijn werknemer
Korter dan 5 jaar
1 maand
1 maand
5 tot 10 jaar
2 maanden
1 maand
10 tot 15 jaar
3 maanden
1 maand
15 jaar of langer
4 maanden
1 maand
De opzegtermijn begint één dag na de datum van opzeggen; de arbeidsovereenkomst eindigt op de laatste dag van de betalingsperiode waarin de opzegtermijn afloopt. Bij het bereiken van de AOW-leeftijd is opzeggen niet nodig; de arbeidsovereenkomst eindigt dan automatisch.
Salaristabel CAO Groothandel in groenten en fruit 2025-2026
De cao kent negen functiegroepen (A t/m I). Werknemers in de functiegroepen A t/m G groeien met functiejaren door de loonschaal; de functiegroepen H en I kennen een startsalaris en een hoger salaris vanaf 10 of meer functiejaren.
Salarissen per uur m.i.v. 1 juli 2025
Functiejaren
A
B
C
D
E
F
G
H
I
0
14,40
15,25
16,10
16,95
17,80
18,64
19,55
21,03
22,20
1
14,72
15,61
16,49
17,37
18,19
19,00
19,96
2
15,04
15,97
16,88
17,81
18,59
19,37
20,42
3
15,37
16,34
17,29
18,25
19,00
19,73
20,83
4
15,71
16,72
17,70
18,71
19,42
20,10
21,25
5
16,06
17,11
18,13
19,18
19,85
20,47
21,70
6
16,41
17,51
18,56
19,66
20,28
20,82
22,11
7
20,73
21,20
22,53
8
21,18
21,54
22,96
9
21,91
23,39
10 of meer
22,28
23,82
26,83
29,27
De salarissen met verdikte kaders in het origineel (schalen B t/m E bij 0 functiejaren) zijn aangepaste startsalarissen.
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.